Psalmen 145
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Een loflied van David. Ik wil U verheffen, mijn God en mijn Koning Uw Naam in eeuwigheid loven;
1Похвальна пісня Давидова. Вознесу тебе, мій Боже, і царю, і буду прославляти імя твоє по віки.
2Ik wil U zegenen iedere dag, Uw Naam verheerlijken voor altijd en eeuwig.
2Щодня буду величати тебе, і імя твоє хвалити по віки.
3Groot is Jahweh, en hooggeprezen, Zijn majesteit is niet te doorgronden!
3Великий Господь і вельми достойний хвали, і величчє його недослїдиме.
4Van geslacht tot geslacht zal men uw werken verheffen, En uw machtige daden vermelden;
4Рід перед родом прославить твори твої, і звістить про могучі дїла твої.
5Van de heerlijke luister van uw Majesteit spreken, En uw wonderen bezingen;
5Роскажу про пишну красу величчия твого, і про чудеса твої,
6Van de macht uwer ontzaglijke daden gewagen, En uw grootheid verkonden!
6Будуть говорити про силу страшних дїл твоїх, а я звіщу про великі дїла твої.
7Men zal de roem van uw onmetelijke goedheid verbreiden, En over uw goedertierenheid jubelen:
7Вознесуть память за велику благість твою, і піснями прославлять справедливість твою.
8“Genadig en barmhartig is Jahweh, Lankmoedig, vol goedheid;
8Господь ласкавий і милосердний, до гнїву повільний і милостю великий.
9Goedertieren is Jahweh voor allen, Zijn barmhartigheid strekt zich over al zijn schepselen uit!”
9Господь благий до всїх, і милосердє по над усї дїла його.
10Al uw werken zullen U loven, o Jahweh, En uw vromen zullen U prijzen;
10Возхвалять тебе, Господи, всї творива твої, а праведні твої люде прославлять тебе.
11Ze zullen de glorie van uw Koningschap roemen, En uw almacht verkonden:
11Будуть розказувати про величчє царства твого, і проповідувати про силу твою,
12Om de kinderen der mensen uw kracht te doen kennen, En de heerlijke glans van uw Rijk.
12Щоб явити дїтям людським потужні дїла його, і пишну славу царства його.
13Uw Koningschap is een koningschap voor alle eeuwen, Uw heerschappij blijft van geslacht tot geslacht! Trouw is Jahweh in al zijn beloften, En in al zijn werken vol goedheid.
13Царство твоє, царство всїх віків, і влада твоя через всї роди.
14Jahweh stut die dreigen te vallen, En die gebukt gaan, richt Hij weer op.
14Господь піддержує всїх падаючих, і підносить всїх похилившихся.
15Aller ogen zien naar U uit, Gij geeft voedsel aan allen, elk op zijn tijd;
15Очі всїх на тебе споглядають, і ти даєш їм свого часу поживу їх.
16Gij opent uw handen, En verzadigt naar hartelust al wat leeft!
16Одкриваєш руку свою, і насичуєш всяке живе, як котре бажає.
17Goedertieren is Jahweh in al zijn wegen, En in al zijn werken vol liefde.
17Господь справедливий у всїх дорогах своїх, і благий у всїх дїлах своїх.
18Jahweh is allen, die Hem roepen, nabij: Allen, die oprecht tot Hem bidden.
18Господь близько до всїх, хто кличе його, до всїх, що кличуть його в правдї.
19Hij vervult de wensen van hen, die Hem vrezen; Hij hoort hun smeken, en komt ze te hulp.
19Він сповняє бажаннє тих, що бояться його; чує благаннє й спасає їх.
20Jahweh behoedt wie Hem liefheeft, Maar vernielt alle bozen!
20Господь хоронить всїх, що люблять його, а беззаконних погубляє.
21Mijn mond zal de lof van Jahweh verkonden; Alle vlees zijn heilige Naam zegenen voor eeuwig!
21Да звістять хвалу Господню уста мої; і всяке тїло да прославить сьвяте імя його по віки!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.