Psalmen 67
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Voor muziekbegeleiding; met harpen. Een psalm; een lied. God zij ons genadig, en zegene ons, En doe zijn aanschijn over ons lichten;
1Проводиреві хора; при струнах; псальма, пісня. Нехай милує нас Бог і благословить, нехай засьвітить лице його над нами!
2Opdat men op aarde zijn wegen erkenne, Onder alle volken zijn heil.
2Щоб пізнали на землї дорогу твою, між усїма народами твоє спасеннє.
3De volkeren moeten U prijzen, o God; Alle naties moeten U loven!
3Нехай славлять народи тебе, Боже! Нехай прославляють тебе всї народи!
4De volkeren zullen juichen en jubelen, Omdat Gij de wereld rechtvaardig regeert, Met gerechtigheid de volkeren richt, En de naties op aarde bestuurt.
4Нехай радуються і веселяться племена; ти бо будеш правотою судити народи, і роди на землї — ти поведеш їх.
5De volkeren moeten U prijzen, o God; Alle naties moeten U loven!
5Нехай славлять народи тебе, Боже, нехай прославляють тебе всї народи!
6De aarde heeft haar oogst gegeven, De Heer, onze God, ons gezegend;
6Земля дає плоди свої; Бог, наш Бог, благословити ме нас.
7Moge God ons blijven zegenen, En alle grenzen der aarde Hem vrezen. De volkeren moeten U prijzen, o God; Alle naties moeten U loven!
7Бог буде благословити нас, і цїла земля від краю до краю буде благовіти перед ним.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.