Psalmen
Chapter 11
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Voor muziekbegeleiding. Een psalm van David. Tot Jahweh neem ik mijn toevlucht! Hoe durft gij dan tot mij zeggen: Vogels, gauw de bergen in;
1Проводиреві хора: Псальма Давидова. На Господа вповаю; як же ви кажете душі моїй: відлїтайте, як птиця, на гору вашу?
2Want de bozen houden hun boog al gespannen, En zetten pijlen op de pees, Om geniepig onschuldige harten te treffen!
2Ось бо безбожники натягнули лука, на тятиві стрілу свою направили, щоб у темряві на щирих серцем стріляти.
3Al storten zelfs de pijlers der aarde ineen, En zou de rechtvaardige radeloos staan:
3Коли зруйнують основи, що робити ме праведний?
4Jahweh blijft in zijn heilige tempel, Jahweh houdt in de hemel zijn troon; Zijn ogen zijn op de wereld gericht, Zijn wimpers doorvorsen de kinderen der mensen.
4Господь є у сьвятому храмі своєму, на небесах престол Господнїй; очі його дивляться, повійки його розглядають синів людських.
5Jahweh stelt den gerechte wel op de proef, Maar Hij haat den boze en die onrecht bemint;
5Господь випробовує праведного, а безбожного й того, хто любить насиллє, ненавидить душа його.
6Op de zondaars regent Hij vurige kolen en solfer, En een verschroeiende wind is het deel van hun beker.
6Жаром посипле він на безбожних; огонь і сїрка і вітер палящий буде частина їх чаші.
7Want Jahweh is rechtvaardig, en heeft de gerechtigheid lief; De vromen zullen zijn aanschijn aanschouwen.
7Бо Господь справедлив, і любить правду. Лице його бачить праведника.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.