Psalmen
Chapter 21
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Voor muziekbegeleiding. Een psalm van David. Jahweh, in uw schutse verheugt zich de koning; Hoe blijde juicht hij om uw hulp!
1Проводиреві хора: Псальма Давидова. Силою твоєю, Господи, радується царь, і як же вельми звеселиться він спасеннєм твоїм!
2Gij hebt zijn hartewens vervuld, De bede zijner lippen niet afgewezen.
2Бажаннє серця його дав єси йому, і не відкинув просьби уст його.
3Neen, Gij tradt hem tegen met rijke zegen, En zette hem een gouden kroon op het hoofd.
3Ти бо прийшов на зустріч йому з добром і благословеннєм: на голову його вложив щиро-золотую корону.
4Léven vroeg hij U: Gij hebt het hem geschonken, Lengte van dagen: voor eeuwig en immer.
4Життя просив в тебе, ти дав йому довготу днїв на всї часи і по віки.
5Groot is zijn majesteit door uw hulp, Gij hebt hem met glorie en luister getooid;
5Велика слава його через спасеннє твоє; царським сяєвом і красою окрасив його.
6Want Gij hebt hem overstelpt met zegen voor immer, Hem met vreugde overstroomd voor uw aanschijn.
6Бо благословеннє дав єси йому по віки; ти звеселив його ласкою перед лицем твоїм.
7Ja, de koning blijft op Jahweh vertrouwen, Op de gunst van den Allerhoogste, zonder te wankelen!
7Бо царь вповає на Господа, і по милостї Всевишнього він не захитається.
8Uw hand zal al uw vijanden treffen, Uw rechterhand al die u haten;
8Рука твоя знайде всїх ворогів твоїх, твоя правиця досягне всїх ненавидячих тебе.
9Gij zult ze doen blozen als een gloeiende oven, Wanneer gij maar een blik op hen werpt. Jahweh zal in zijn toorn ze verslinden, En het vuur ze verteren.
9Зробиш з них піч огнянную в час твого явлення; Господь обгорне їх гнївом своїм, і огонь пожере їх.
10Hun vrucht zult gij van de aarde verdelgen, Hun kroost onder de kinderen der mensen.
10Ти знищиш плід їх на землї, і рід їх зміж дїтей людських.
11En als ze u kwaad willen doen, Of boze plannen beramen, bereiken zij niets;
11Вони бо задумали лихо проти тебе, лукаву раду врадили, — та не здолїли нїчого.
12Want gij zult ze de hielen doen lichten, En met uw boog op hen mikken.
12Бо ти поженеш їх, і звернеш тятиву твою проти них.
13Sta op dan, Jahweh, in uw kracht; Dan zingen en prijzen wij uw macht!
13Піднесись, Господи, силою твоєю! Будем сьпівати і прославляти потугу твою.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.