Псалми 15
Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicTranslation
Daničić–Karadžić Bible (1868), Cyrillic
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Господе! Ко може седети у сеници Твојој? Ко може наставати на светој гори Твојој?
1Een psalm van David. Jahweh, wie mag uw gast zijn in uw tent, Wie wonen op uw heilige berg?
2Ко ходи без мане, твори правду, и говори истину из срца свог;
2Die onberispelijk is van wandel, En van rechtschapen gedrag; Die in zijn hart de waarheid spreekt,
3Ко не опада језиком својим, не чини другом зло, и не ружи ближњег свог;
3En met zijn tong niet lastert. Die zijn naaste geen kwaad doet, Geen smaad op zijn evenmens werpt;
4Ко не гледа оног кога је Бог одбацио, него поштује оне који се боје Господа; ко се куне ближњему па не пориче;
4In wiens oog een vervloekte verachtelijk is, Maar die eert, wie Jahweh vreest. Die zijn naaste een eed heeft gezworen, En hem niet breekt;
5Ко не даје сребро своје на добит, и не прима мито на правога. Ко овако ради, неће посрнути довека.
5Die zijn geld niet uitleent met woeker, Geen steekpenning neemt, om de onschuld te schaden. Wie zó doet, Wankelt in eeuwigheid niet!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.