Псальма 7
Kulish and Puluj Bible (1905)Translation
Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Жалібна пісня, котру сьпівав Давид перед Господом задля слів Хуса, сина Беняминового. Господи, Боже мій! На тебе я вповаю, спаси мене від всїх гонителїв моїх, і визволи мене!
1Een klaaglied van David, dat hij Jahweh toezong naar aanleiding van Koesj, den Benjamiet. Jahweh, mijn God, tot U neem ik mijn toevlucht; Help mij, en verlos mij van al mijn vervolgers,
2Щоб не попав душу мою, як лев, сокрушаючи, як нема спасающого.
2Opdat ze mij niet als leeuwen verscheuren, En wegslepen, reddeloos verloren.
3Господи, Боже мій, коли я що заподїяв, коли неправда є в руках моїх,
3Jahweh, mijn God, als ik dat zelf heb gedaan, Als er onrecht kleeft aan mijn handen,
4Коли я оддячив кому лихом, хто жив зо мною в спокою, — спасав же я навіть того, хто без причини ворогував на мене,
4Als ik kwaad heb vergolden hem, die het mij aandeed, Heb uitgeplunderd, die mij zonder reden bestreed:
5То нехай гонить ворог душу мою і постигне; нехай розтопче на землї життє моє, й славу мою кине у порох.
5Laat dan de vijand mij achtervolgen, Totdat hij me grijpt; Mijn leven op de grond vertrappen, Mijn eer vergooien in het slijk.
6Встань, Господи, у гнїві твоїм; вознесись проти лютування ворогів моїх, пробудись задля мене на суд, котрий заповів єси.
6Maar nu, o Jahweh, sta op in uw toorn, Verhef U tegen mijn grimmigen vijand; Waak op tot het oordeel, dat Gij zelf hebt gewild,
7Зберуться громадою народи кругом тебе; піднімись на висоту над ними.
7Laat de scharen der volken U omringen! Span de vierschaar over haar in den hoge,
8Господь судить народи. Суди мене, Господи, по правдї моїй і по невинностї моїй.
8Als rechter der volken, o Jahweh; Doe mij recht, Jahweh, naar mijn gerechtigheid En naar de onschuld mijns harten.
9Зроби конець злобі безбожників, а праведника підкріпи; Бог бо справедливий, випробовує серця і внутро.
9Maak een einde aan de boosheid der zondaars, Maar laat de rechtvaardige blijven bestaan! Gij zijt het, die harten en nieren doorgrondt, Rechtvaardige God!
10Щит мій у Бозї, котрий спасає правих серцем.
10Het is God, die mijn schild draagt, Die redt de oprechten van hart;
11Бог суддя справедливий і Бог, що по всяк день гнївом палає.
11Maar ook een rechtvaardig rechter is God, Een God, wiens gramschap voortdurend blijft dreigen.
12Коли хто не навертається, він гострить меча свого, напинає лука свого, і цїляє.
12Bekeert men zich niet, dan scherpt Hij zijn zwaard, Dan spant en richt Hij zijn boog,
13Готовить для него зброю смертиносну: стріли свої робить палящими.
13Houdt moordende wapens gereed, Maakt zijn pijlen als brandende schichten.
14Ось безбожник зачав лихо, завагонїв од злоби, й породив лукавство.
14Ziet, die met valsheid bevrucht is en zwanger van onheil, Baart enkel ontgoocheling;
15Копав яму, і викопав її, і впав у яму, що приготовив її.
15Die een put graaft en uitdiept, Valt in de kuil, die hij delft.
16Злоба його обернеться на голову його, і насильство його впаде на тїмя його.
16Zo keert zijn onrecht op zijn eigen hoofd terug, Valt op eigen schedel zijn misdaad!
17Я прославлю Господа за правду його, і возвеличу імя Господа всевишнього.
17Dan zal ik Jahweh om zijn gerechtigheid prijzen, De naam van Jahweh, den Allerhoogste, bezingen!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.