Žalmy 95
Kralice Bible (1613)Translation
Kralice Bible (1613)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Poďte, zpívejme Hospodinu, prokřikujme skále spasení našeho.
1Komt, laat ons juichen ter ere van Jahweh, Jubelen voor de Rots van ons heil;
2Předejděme oblíčej jeho s díkčiněním, žalmy prozpěvujme jemu.
2Laat ons met lofzangen voor zijn aangezicht treden, En onze liederen voor Hem zingen:
3Nebo Hospodin jest Bůh veliký, a král veliký nade všecky bohy,
3Want Jahweh is een machtige God! Hij is Koning, boven alle goden verheven:
4V jehož rukou základové země, a vrchové hor jeho jsou.
4Hij houdt in zijn hand de diepten der aarde, En de toppen der bergen behoren Hem toe;
5Jehož jest i moře, nebo on je učinil, i země, kterouž ruce jeho sformovaly.
5Van Hem is de zee, Hij heeft ze geschapen, Het vaste land, dat zijn hand heeft gemaakt!
6Poďte, sklánějme se, a padněme před ním, klekejme před Hospodinem stvořitelem naším.
6Komt, buigen en werpen wij ons neer, Knielen wij voor Jahweh, die ons heeft geschapen;
7Onť jest zajisté Bůh náš, a my jsme lid pastvy jeho, a stádo rukou jeho. Dnes uslyšíte-li hlas jeho,
7Want Hij is onze God, Wij het volk, dat Hij leidt, En de kudde aan zijn hand! Als gij dan heden mijn stem verneemt,
8Nezatvrzujte srdce svého, jako při popuzení, a v den pokušení na poušti,
8Verstokt uw hart als bij Meriba niet; Als op de dag van Massa in de woestijn,
9Kdežto pokoušeli mne otcové vaši, zkusiliť jsou mne, a viděli skutky mé.
9Toen uw vaders Mij tartten en beproefden, Ofschoon ze mijn werken hadden aanschouwd!
10Za čtyřidceti let měl jsem nesnáz s národem tím, a řekl jsem: Lid tento bloudí srdcem, a nepoznali cest mých.
10Veertig jaar lang was dat geslacht Mij een walg, En Ik sprak: Steeds dwaalt hun hart van Mij af, En mijn wegen kennen ze niet.
11Jimž jsem přisáhl v hněvě svém, že nevejdou v odpočinutí mé.
11Daarom zwoer Ik in mijn toorn: Neen, ze zullen niet ingaan in mijn Rust!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.