Žalmy 47
Kralice Bible (1613)Translation
Kralice Bible (1613)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Přednímu zpěváku z synů Chóre, žalm.
1Voor muziekbegeleiding. Van de zonen van Kore; een psalm. Volkeren, klapt allen in de handen; Juicht en jubelt ter ere van God!
2Všickni národové plésejte rukama, trubte Bohu s hlasitým prozpěvováním.
2Want ontzaglijk is Jahweh, de Allerhoogste, Een machtig Koning over heel de aarde.
3Nebo Hospodin nejvyšší, hrozný, jest král veliký nade vší zemi.
3Hij legt de volken voor ons neer, En naties onder onze voeten;
4Uvozuje lidi v moc naši, a národy pod nohy naše.
4Hij kiest het erfdeel voor ons uit, De trots van Jakob, zijn beminde.
5Oddělil nám za dědictví naše slávu Jákobovu, kteréhož miloval. Sélah.
5God stijgt ten troon met jubelzang, Jahweh met bazuingeschal!
6Vstoupil Bůh s troubením, Hospodin s zvukem trouby.
6Zingt en jubelt ter ere van God, Zingt en juicht voor onzen Koning!
7Žalmy zpívejte Bohu, zpívejte; zpívejte žalmy králi našemu, zpívejte.
7Want Hij is Koning van heel de aarde; Zingt dus een hymne ter ere van God!
8Nebo král vší země Bůh jest, zpívejte žalmy rozumně.
8God heeft het koningschap over de volkeren aanvaard, God heeft zijn heilige troon bestegen;
9Kralujeť Bůh nad národy, Bůh sedí na trůnu svém svatém.
9De vorsten der volkeren sluiten zich aan Bij het volk van Abrahams God. Want Gode behoren de heersers der aarde; Hoog verheven is Hij alleen!
10Knížata národů připojili se k lidu Boha Abrahamova; nebo pavézy země Boží jsou, pročež on náramně vyvýšen jest.
no verse 10 in this text
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.