Psalmorum 130
Clementine Vulgate, 1598Translation
Clementine Vulgate, 1598
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Canticum graduum David. [Domine, non est exaltatum cor meum, neque elati sunt oculi mei, neque ambulavi in magnis, neque in mirabilibus super me.
1Een bedevaartslied. Uit de diepten, o Jahweh, roep ik tot U,
2Si non humiliter sentiebam, sed exaltavi animam meam: sicut ablactatus est super matre sua, ita retributio in anima mea.
2Heer, hoor mijn klagen; Laat uw oren toch luisteren Naar mijn bidden en smeken!
3Speret Israël in Domino, ex hoc nunc et usque in sæculum.]
3Ach Jahweh, zo Gij de zonde gedenkt, Ach Heer, wie zou het bestaan?
no verse 4 in this text
4Neen, bij U is vergeving, Opdat ik vol hoop U zou vrezen, o Jahweh.
no verse 5 in this text
5Mijn ziel schouwt hunkerend naar zijn belofte, Mijn ziel smacht naar den Heer;
no verse 6 in this text
6Meer dan wachters naar de morgen,
no verse 7 in this text
7Ziet Israël naar Jahweh uit. Want bij Jahweh is ontferming, En overvloed van verlossing;
no verse 8 in this text
8Hij zal Israël bevrijden Van al zijn zonden!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.