Psalmen
Chapter 91
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Wie onder de hoede van den Allerhoogste verblijft, En in de schaduw van den Almachtige woont,
1いと高き方の隠れ場に住む者は、 全能者の陰に憩う。
2Mag zeggen tot Jahweh: “Mijn toevlucht en sterkte, Mijn God, op wien ik vertrouw!”
2私は主について言う。「主は私の避け所、私のとりで、 私が信頼する神である。」
3Want Hij behoedt u voor de strik van den jager, En voor de verraderlijke kuil;
3主は、鳥を捕る者の罠から、 命を奪う疫病から、あなたを救い出される。
4Hij zal met zijn vleugelen u dekken, En onder zijn wieken vindt gij een schuilplaats.
4主はその羽であなたを覆い、 あなたはその翼の下に身を避ける。 主の真実は、あなたの盾であり、防壁である。
5Gij hebt de verschrikkingen van de nacht niet te vrezen, Geen pijl, die vliegt overdag;
5あなたは夜の恐怖を恐れない。 昼に飛んで来る矢も、
6Geen pest, die in de duisternis rondsluipt, Geen besmetting, die ‘s middags haar verwoestingen aanricht.
6暗闇を行く疫病も、 真昼に荒らす滅びも恐れない。
7Al vallen er duizend aan uw zijde, Tienduizend aan uw rechterhand, U treffen ze niet; Zijn trouw is een schild en een pantser!
7千人があなたの傍らに倒れ、 一万人があなたの右に倒れても、 それはあなたに近づかない。
8Ja, met eigen ogen zult gij het zien, En de vergelding der bozen aanschouwen;
8あなたはただ自分の目で眺め、 悪者への報いを見るだけである。
9Want úw toevlucht is Jahweh, Den Allerhoogste hebt gij u tot beschermer gekozen.
9あなたは主を避け所とし、 いと高き方を住まいとしたので、
10Geen onheil zal u dus treffen, Geen plaag uw tenten bereiken;
10わざわいはあなたに降りかからず、 災害もあなたの住まいに近づかない。
11Want Hij zal voor u zijn engelen ontbieden, Om u op al uw wegen te hoeden.
11主はあなたについて御使いたちに命じ、 あなたのすべての道で、あなたを守らせる。
12Zij zullen u op de handen dragen, Opdat gij aan geen steen uw voeten zult stoten;
12彼らはその手であなたを支え、 あなたの足が石に打ちつけられないようにする。
13Op slang en adder zult gij treden, Leeuwenwelp en draak vertrappen.
13あなたは獅子とコブラを踏み、 若い獅子と蛇を踏みつける。
14“Omdat hij Mij liefheeft, zal Ik hem redden, En omdat hij mijn Naam kent, hem beschermen; Roept hij Mij aan, Dan antwoord Ik hem.”
14「彼がわたしに心を結んだので、わたしは彼を救い出す。 彼がわたしの名を知っているので、彼を高く上げる。
15Ik zelf sta hem bij in de nood; Ik red hem en herstel hem in ere:
15彼がわたしを呼び求めれば、わたしは彼に答える。 苦難の中で、わたしは彼と共にいる。 わたしは彼を救い出し、彼に栄誉を与える。
16Lengte van dagen zal Ik hem schenken, En hem mijn heil doen aanschouwen!
16わたしは長い命で彼を満ち足らせ、 わたしの救いを彼に見せる。」

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.