Nahum 1
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1De godsspraak over Ninive. Het boek van het visioen van Nahum uit Elkosj.
1ニネベについての宣告。エルコシュ人ナホムの幻の書。
2Een naijverig God, een wreker is Jahweh, Een wreker is Jahweh, vol gramschap; Jahweh wreekt zich op die Hem weerstaat, Is onverbiddelijk voor zijn vijanden.
2主 は、ねたむ神、復讐を遂げる方。 主は復讐を遂げ、憤りを燃やされる。 主は敵対する者に復讐し、 敵に対して怒りを保たれる。
3Wel is Jahweh lankmoedig, Maar groot ook in kracht, Hij laat niets ongestraft; Zijn weg loopt door storm en orkaan, De wolken zijn het stof van zijn voeten.
3主は怒るのに遅く、力に富み、 罪ある者を決して無罪とはされない。 主はつむじ風と嵐の中を進まれ、 雲はその足のちりである。
4Hij dreigt de zee, en droogt ze uit, En al haar stromen legt Hij bloot; Basjan en Karmel kwijnen weg, Het groen van de Libanon verwelkt.
4主が海を叱ると、海は干上がり、 すべての川も枯れる。 バシャンとカルメルはしおれ、 レバノンの花もしおれる。
5De bergen rillen voor Hem, De heuvelen smelten; De aarde rijst op voor zijn aanschijn, De wereld met al haar bewoners.
5山々は御前で震え、 丘々は溶ける。 地はその御前で揺れ動き、 世界と、そこに住むすべての者も震える。
6Wie houdt stand voor zijn gramschap, Wie kan zijn grimmige toorn weerstaan? Zijn woede stort zich uit als een vuur, De rotsen splijten voor Hem uiteen!
6だれが主の憤りの前に立てるだろうか。 だれがその燃える怒りに耐えられるだろうか。 その憤りは火のように注がれ、 岩々は御前で砕かれる。
7Jahweh is goed voor die op Hem hopen, Een toevlucht in tijden van nood; Hij kent, die tot Hem hun toevlucht nemen,
7主は良い方、 苦難の日のとりでである。 主は、ご自分のもとに身を寄せる者を 知っておられる。
8Als de branding woedt. Maar Hij vernielt, die tegen Hem opstaan, En zijn vijanden jaagt Hij de duisternis in;
8しかし、あふれる洪水によって、 ニネベの地をことごとく滅ぼし、 敵を闇の中へ追いやられる。
9Wat plannen gij ook tegen Jahweh smeedt, Hij maakt er een eind aan. Geen tweede maal richt Hij zich op
9あなたがたは主に逆らって、何を企むのか。 主はことごとく滅ぼし尽くす。 苦難は二度と起こらない。
10Want de benauwing duurt voort; De doornen liggen op een hoop, De slempers beschonken. Als droge stoppels worden verteerd,
10彼らは、いばらのように絡み合い、 酒に酔いしれ、 乾いた刈り株のようにことごとく焼き尽くされる。
11Die van u zijn uitgegaan, Om kwaad tegen Jahweh te beramen, En boze plannen te smeden!
11主に逆らって悪を企み、 邪悪なはかりごとを勧める者が、 あなたの中から出た。
12Zo spreekt Jahweh: Al zijn ze nog zo voltallig en sterk, Ze worden weggemaaid en verdwijnen; Ik verneder u, zodat Ik het niet opnieuw hoef te doen.
12主はこう言われる。 「彼らが勢力に満ち、数多くても、 必ず刈り倒され、消え去る。 私はあなたを苦しめたが、 もう苦しめることはない。
13Nu breek Ik uw staf, En ruk de ketens van u in stukken. Jahweh heeft het over u beslist:
13今、私は彼のくびきをあなたから砕き、 あなたを縛るものを断ち切る。」
14Uw naam wordt niet meer voortgeplant! Uit uw godentempel Zal Ik de gesneden en gegoten beelden vernielen, En Ik maak uw graf Tot een schandeplek!
14主はあなたについて命じられた。 「あなたの名を継ぐ子孫は、 もはや生まれない。 私はあなたの神々の家から、 刻んだ像と鋳造された像を取り除く。 私はあなたの墓を備える。 あなたは卑しむべき者だからだ。」
15Zie, op de bergen de voeten van den vreugdebode, Die vrede verkondigt: Vier uw feesten, Juda, volbreng uw geloften, Belial zal niet meer tegen u woeden, hij ligt vernield!
15見よ、 山々の上に、 良い知らせをもたらし、 平和を告げる者の足がある。 ユダよ、祭りを守り、 誓願を果たせ。 よこしまな者は、もうあなたの中を通らない。 彼はことごとく断ち滅ぼされた。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.