Handelingen
Chapter 1
Petrus Canisius Bible, 1…

Read in

Smith–Van Dyck Arabic Bible (فان دايك)Judson Burmese Bible (1840)Chamorro: Gospels, Acts and PsalmsChinese Union Version, punctuated (Simplified)Chinese Union Version, punctuated (Traditional)Coptic New TestamentCoptic New Testament (Bohairic)Kralice Bible (1613)Testamenta Marra (Dieri New Testament)Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)Asang Khongca Bible (Eastern Khumi Chin, 2019)Berean Standard BibleDouay-Rheims Bible, American Edition (1899)King James Version with ApocryphaWorld English BibleLondona Biblio (Esperanto, 1910)Louis Segond 1910Lutherbibel 1912Greek New Testament, word by word (STEPBible TAGNT)Greek New Testament: 1904 Patriarchal Text (Byzantine)Greek New Testament: Byzantine Text (Robinson–Pierpont 2018)Greek New Testament: Textus ReceptusSBL Greek New TestamentBaibala Hemolele (Hawaiian Bible, 1868 revision)Modern Hebrew BibleDiodati Bibbia 1885Freedom Bible (フリーダム・バイブル)Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Bible Mutal (Kosraean)Clementine Vulgate, 1598Baibal Olcim (Matupi Chin)Old Persian Version (ترجمه قدیم)Kadede Kap (Pohnpeian New Testament and Psalms)Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)Cornilescu Bible (1924), Cyrillic scriptSynodal Translation (Синодальный перевод)Daničić–Karadžić Bible (1868), CyrillicReina-Valera 1909Biblia Takatifu (Swahili): New Testament portionsFreedom Bible (Thai)Tongan Bible, Revised West VersionKulish and Puluj Bible (1905)Vietnamese Bible (1923 translation)
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Het eerste boek Teófilus, heb ik geschreven over al wat Jesus gedaan en geleerd heeft, van de aanvang af
1テオフィロよ。私は先の書で、イエスが行い、また教え始められたすべてのことを記しました。
2tot op de dag, dat Hij door den Heiligen Geest zijn opdracht gaf aan de apostelen, die Hij uitverkoren had, en opgenomen werd.
2それは、イエスが選ばれた使徒たちに聖霊によって命じた後、天に上げられた日までのことです。
3Door veel bewijzen had Hij hun getoond, dat Hij ook na zijn lijden nog leefde; veertig dagen lang was Hij hun verschenen, en had hun gesproken over het koninkrijk Gods.
3イエスは苦しみを受けた後、数多くの確かな証拠によって、ご自分が生きていることを使徒たちに示されました。四十日にわたって彼らに現れ、神の国について語られたのです。
4Terwijl Hij nu met hen samen was, gelastte Hij hun: Verlaat Jerusalem niet, maar wacht de belofte des Vaders af, die gij van Mij hebt vernomen.
4イエスは彼らと集まっていたとき、こう命じられました。 「エルサレムを離れず、あなたがたが私から聞いた父の約束を待ちなさい。
5Want Johannes doopte met water, maar over enkele dagen zult gij worden gedoopt met den Heiligen Geest
5ヨハネは水でバプテスマを授けましたが、あなたがたは間もなく聖霊によってバプテスマを授けられます。」
6De aanwezigen vroegen Hem echter: Heer, zult Gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël weer herstellen?
6そこで、一緒に集まった人々はイエスに尋ねました。「主よ、今こそイスラエルに王国を回復なさるのですか。」
7Hij sprak tot hen: U komt het niet toe, tijden of dagen te kennen, die de Vader door eigen macht heeft vastgesteld.
7イエスは彼らに言われました。 「父がご自分の権威によって定められた時や時期は、あなたがたの知るべきことではありません。
8Maar wanneer de Heilige Geest over u komt, zult ge kracht ontvangen, en mijn getuigen zijn in Jerusalem, in heel Judea en Samaria, en tot aan het einde der aarde.
8しかし、聖霊があなたがたの上に臨むとき、あなたがたは力を受けます。そしてエルサレム、ユダヤとサマリアの全土、さらに地の果てにまで、私の証人となります。」
9Na deze woorden werd Hij voor hun ogen opgenomen, en een wolk onttrok Hem aan hun blikken.
9こう言われると、彼らが見ているうちにイエスは上げられ、雲に包まれて見えなくなりました。
10Nog staarden ze naar de hemel, terwijl Hij opsteeg: en zie, daar stonden twee mannen bij hen, in witte klederen gehuld.
10イエスが上って行かれる間、彼らがじっと空を見つめていると、見よ、 白い衣を着た二人の人が彼らのそばに立ち、
11Ze zeiden: Mannen van Galilea, wat staat gij naar de hemel te staren? Jesus, die uit uw midden ten hemel is opgenomen, Hij zal weer op dezelfde wijze komen, als gij Hem hebt zien opstijgen ten hemel.
11言いました。「ガリラヤの人たち、なぜ立ったまま空を見つめているのですか。あなたがたを離れて天に上げられたこのイエスは、天に上って行くのをあなたがたが見たのと同じ有様で、再び来られます。」
12Toen keerden ze van de berg, die Olijfberg heet, naar Jerusalem terug; die berg ligt dicht bij Jerusalem, zover als men op sabbat mag gaan.
12それから彼らは、オリーブ山と呼ばれる山からエルサレムに帰りました。その山はエルサレムに近く、安息日に歩くことが許される距離にありました。
13En in de stad gekomen, gingen ze naar de opperzaal, waar ze gewoonlijk vertoefden: Petrus namelijk en Johannes, Jakobus en Andreas, Filippus en Tomas, Bartolomeus en Matteus, Jakobus van Alfeus en Simon de Ijveraar, en Judas, de broer van Jakobus.
13町に入ると、彼らは滞在していた階上の部屋に上がりました。そこにいたのは、ペテロ、ヨハネ、ヤコブ、アンデレ、ピリポ、トマス、バルトロマイ、マタイ、アルパヨの子ヤコブ、熱心党のシモン、ヤコブの子ユダでした。
14Zij allen bleven eensgezind volharden in het gebed, te zamen met enige vrouwen, met Maria, de moeder van Jesus, en met zijn broeders.
14彼らは皆、女たちやイエスの母マリア、イエスの兄弟たちと心を一つにし、ひたすら祈りと願いをささげていました。
15In die dagen stond Petrus op in het midden der broeders, (er waren ongeveer honderd twintig personen bijeen), en sprak:
15そのころ、ペテロは弟子たちの中に立って言いました。集まっていた人々はおよそ百二十人でした。
16Mannen broeders; het Schrift woord moest worden vervuld, dat de Heilige Geest door Davids mond heeft gesproken, over Judas, den gids van hen, die Jesus gevangen hebben genomen.
16「兄弟たち。イエスを捕らえた者たちの手引きをしたユダについて、聖霊がダビデの口を通して前もって語られた聖書の言葉は、成就しなければなりませんでした。
17Zeker, hij behoorde tot ons getal, en had zijn aandeel in dit ambt.
17ユダは私たちの一人に数えられ、この務めを分け与えられていたからです。
18Maar hij heeft zich een akker gekocht van het loon der ongerechtigheid; hij is voorover gevallen, en open gebarsten, en al zijn ingewanden puilden uit.
18ところが、この男は不正の報酬で土地を手に入れ、真っ逆さまに落ちて体が裂け、はらわたがすべて流れ出ました。
19Dit is aan alle inwoners van Jerusalem bekend, zodat die akker in hun taal Hakeldama, dat is bloedakker, genoemd wordt.
19このことはエルサレムの住民全体に知れ渡り、その土地は彼らの言葉で『アケルダマ』、すなわち『血の土地』と呼ばれるようになりました。
20Want er staat geschreven in het boek der Psalmen: “Zijn kamp worde een steppe, En niemand wone er meer.” en ook: “Een ander ontvange zijn ambt.”
20詩篇にこう書かれています。 『彼の住まいは荒れ果て、 そこに住む者がいなくなるように。』 また、 『その職をほかの者に引き継がせよ。』
21Het is dus noodzakelijk, dat één van de mannen, die met ons samen waren al de tijd, dat de Heer Jesus onder ons heeft geleefd,
21ですから、主イエスが私たちの間を行き来された間、いつも私たちと行動を共にしていた人たち、
22—te beginnen bij de doop van Johannes tot op de dag, dat Hij van ons werd opgenomen, —het is noodzakelijk, dat één van hen te zamen met ons getuige van zijn verrijzenis wordt.
22すなわち、ヨハネのバプテスマの時から、イエスが私たちを離れて天に上げられた日まで共にいた人たちの中から、だれか一人が私たちと共にイエスの復活の証人とならなければなりません。」
23Toen stelde men twee mannen voor: Josef, die ook Barsabbas heette, en de bijnaam Justus droeg, en Mattias.
23そこで人々は、バルサバと呼ばれ、ユストとも呼ばれていたヨセフと、マッティアの二人を立てました。
24Men bad en zeide: Gij, Heer, die aller harten doorgrondt, wijs één van beiden aan: hem, dien Gij hebt uitverkoren,
24そして祈って言いました。「すべての人の心をご存じである主よ、この二人のうち、あなたがどちらを選ばれたかをお示しください。
25om de plaats van dit ambt en apostolaat in te nemen, die Judas verbeurd heeft, om te gaan naar de plaats, die hem toekomt.
25ユダが自分の行くべき所へ行くために離れた、この務めと使徒職を引き継ぐ者をお示しください。」
26Toen liet men hen loten; het lot viel op Mattias, en hij werd aan de elf apostelen toegevoegd.
26それから二人のためにくじを引くと、くじはマッティアに当たりました。こうして彼は十一人の使徒に加えられました。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.