Handelingen 20
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Toen het tumult was bedaard, riep Paulus de leerlingen bijeen; hij vermaande hen, nam afscheid en vertrok naar Macedónië.
1騒動が収まると、パウロは弟子たちを呼び寄せ、別れを告げてから、マケドニアへ向けて出発しました。
2Hij reisde die streken door, en vermaande de broeders door talrijke toespraken; daarna begaf hij zich naar Griekenland,
2彼はその地方を巡り、多くの言葉で人々を励ましてから、ギリシャに来ました。
3waar hij drie maanden bleef. Toen hij zich naar Syrië wilde inschepen, legden de Joden hem een hinderlaag; daarom besloot hij, om over Macedónië terug te keren.
3そこで三か月過ごしましたが、シリアへ向けて船出しようとしたとき、ユダヤ人たちが彼に対して陰謀を企てたので、マケドニアを通って帰ることに決めました。
4Als reisgezellen had hij een Bereër Sópater, den zoon van Pyrrus, Aristarchus en Secundus van Tessalonika, Cajus van Derbe, Timóteus, en de Asiaten Túchicus en Trófimus;
4彼に同行してアジアまで行ったのは、ベレア人ソパテロ、テサロニケ人アリスタルコとセクンド、デルベ人ガイオ、テモテ、またアジア出身のティキコとトロフィモでした。
5maar zij reisden vooruit, en wachtten ons te Troas op.
5この人たちは先に出発し、トロアスで私たちを待っていました。
6Wijzelf scheepten ons na de dagen der ongedesemde broden te Filippi in, en kwamen in vijf dagen bij hen te Troas, waar we zeven dagen bleven.
6私たちは種なしパンの祭りの後、ピリピから船出し、五日かかってトロアスの彼らのもとに着き、そこに七日間滞在しました。
7Toen we op de eerste dag van de week bijeen waren gekomen, om brood te breken, hield Paulus, die de volgende morgen moest vertrekken, een toespraak tot hen, en rekte zijn rede tot middernacht.
7週の初めの日、弟子たちがパンを裂くために集まったとき、パウロは翌日出発する予定だったので、人々に語り、話を真夜中まで続けました。
8Er brandden veel lampen in de opperzaal, waar we vergaderd waren.
8私たちが 集まっていた階上の部屋には、多くの明かりがともっていました。
9Een jongeman, Éutuchus genaamd, was in het venster gaan zitten. Toen nu Paulus zo lang bleef spreken, kreeg hij geweldige slaap; en door slaap overmand, viel hij van de derde verdieping naar beneden, en werd dood opgenomen.
9ユティコという青年が窓辺に座っていましたが、深い眠りに沈みかけていました。パウロがなおも長く語り続けるうちに、眠りに負けて三階から下へ落ち、抱き起こされたときには死んでいました。
10Maar Paulus ging naar beneden, strekte zich over hem uit, sloeg zijn armen om hem heen, en zeide: Verontrust u niet; want zijn ziel is in hem.
10パウロは下へ降り、彼の上に身をかがめて抱きしめ、言いました。「騒がないでください。彼には命があります。」
11Hij ging weer naar boven, brak en at het brood, en sprak nog lange tijd tot aan de dageraad toe; toen vertrok hij.
11それから上へ戻ってパンを裂いて食べ、夜明けまで長く語り合ってから出発しました。
12Ze brachten den jongeman levend naar huis, en waren niet weinig vertroost.
12人々は生き返った青年を連れて帰り、大いに慰められました。
13Wijzelf gingen per schip vooruit, en stevenden naar Assus, om Paulus daar op te nemen; want zo had hij het beschikt, omdat hij zelf over land wilde gaan.
13一方、私たちは先に船へ行き、アソスへ向けて船出しました。そこでパウロを乗せる予定でした。彼自身は陸路を行くことにして、そのように手配していたからです。
14Toen hij ons te Assus getroffen had, namen we hem aan boord, en vertrokken naar Mitulene.
14パウロがアソスで私たちと合流すると、彼を船に乗せてミティレネへ行きました。
15Vandaar zeilden we verder, en kwamen de volgende dag op de hoogte van Chios. Daags daarna bereikten we Samos, en de dag daarop kwamen we te Milete aan.
15そこから船出し、翌日はキオスの向かい側に着き、その翌日はサモスに寄ってトロギリオンに滞在し、さらに翌日、ミレトスに着きました。
16Want Paulus had besloten, Éfese voorbij te varen, om geen tijd’ in Azië te verliezen, daar hij zich haastte, om zo mogelijk met Pinksteren te Jerusalem te zijn.
16パウロは、アジアで時間を費やさないため、エフェソには寄らずに船で通り過ぎることに決めていました。できれば五旬節の日にはエルサレムに着こうと急いでいたのです。
17Maar van Milete uit zond hij iemand naar Éfese, om de priesters van de gemeente te ontbieden.
17パウロはミレトスからエフェソへ人を遣わし、教会の長老たちを呼び寄せました。
18En toen ze waren aangekomen, sprak hij hen toe: Gij weet, hoe ik, van de eerste dag af, dat ik in Azië kwam, mij steeds onder u heb gedragen;
18長老たちが来ると、彼はこう言いました。「私がアジアに足を踏み入れた最初の日から、いつもあなたがたと共にどのように過ごしたか、あなたがた自身が知っています。
19hoe ik den Heer met alle ootmoedigheid heb gediend, onder tranen en onder beproevingen, die mij overkwamen door de aanslagen der Joden;
19私は謙遜の限りを尽くし、多くの涙を流し、ユダヤ人たちの陰謀によって降りかかった数々の試練に遭いながら、主に仕えてきました。
20hoe ik niet heb nagelaten, alles wat nuttig was, u te verkondigen, en het u te onderwijzen in het openbaar en te huis;
20また、あなたがたのためになることは何一つためらわずに伝え、公の場でも家々でも、あなたがたを教えてきました。
21hoe ik bij Joden en heidenen getuigd heb voor de bekering tot God, en voor het geloof in onzen Heer Jesus Christus.
21そしてユダヤ人にもギリシャ人にも、神に対する悔い改めと、私たちの主イエスに対する信仰を証ししました。
22Zie, nu ben ik vast besloten, naar Jerusalem te gaan. Ik weet niet, wat mij daar zal overkomen,
22今、見よ、私は霊に縛られてエルサレムへ行きます。そこで何が身に起こるかは分かりません。
23maar wel, dat de Heilige Geest van stad tot stad mij betuigt, dat mij boeien en verdrukkingen wachten.
23ただ、聖霊がどの町でも、投獄と苦難が私を待ち受けていると証ししておられます。
24Maar zelf hecht ik aan mijn leven geen waarde, zo ik maar mijn taak mag volbrengen, en de bediening, die ik van den Heer Jesus ontving, om voor het evangelie van Gods genade te getuigen.
24しかし私は、そのようなことを意に介しません。また、自分の命を惜しいとも思いません。それは、自分の走るべき道のりを喜びのうちに走り終え、主イエスから受けた務め、すなわち、神の恵みの福音を十分に証しする務めを果たすためです。
25Zie, thans weet ik, dat gij mij niet weerziet gij allen, onder wie ik rondging, om het koninkrijk Gods te verkondigen.
25さて見よ、私は神の国を宣べ伝えながら、あなたがた全員の間を巡りましたが、あなたがたがもう二度と私の顔を見ないことを知っています。
26Daarom betuig ik u heden, dat ik rein ben van uw aller bloed
26ですから今日、私はあなたがたに証言します。すべての人の血について、私には責任がありません。
27want ik heb niet nagelaten, u in zijn volle omvang Gods wil te doen kennen.
27神の御計画のすべてを、ためらわずあなたがたに伝えたからです。
28Geeft acht op uzelf, en op heel de kudde, waarover de Heilige Geest u als bewakers gesteld heeft, om Gods Kerk te besturen, die Hij zich door zijn eigen bloed heeft verworven.
28ですから、自分自身と群れ全体に気を配りなさい。聖霊はあなたがたをその群れの監督者にされました。それは、主と 神がご自分の血によって買い取られた教会を牧するためです。
29Ik weet, dat na mijn heengaan wrede wolven onder u zullen komen, die de kudde niet sparen
29私が去った後、凶暴な狼たちがあなたがたの中に入り込み、群れを容赦しないことを、私は知っています。
30en dat uit uw eigen midden mannen zullen opstaan, die verkeerde dingen leren, om de leerlingen met zich mee te slepen.
30また、あなたがた自身の中からも、曲がったことを語って弟子たちを自分の後に引き込もうとする者たちが現れます。
31Weest daarom waakzaam, en blijft er aan denken, hoe ik drie jaren lang niet gerust heb, nacht en dag onder tranen ieder van u te vermanen.
31ですから目を覚ましていなさい。私が三年の間、夜も昼も涙を流しながら、一人一人を絶えず戒めたことを覚えていなさい。
32En thans beveel ik u aan den Heer, en aan het woord zijner genade; aan Hem, die machtig is, om de bouw te voltooien, en u te midden van alle heiligen het erfdeel te schenken.
32さて兄弟たち、 私はあなたがたを神と、その恵みの言葉に委ねます。この言葉には、あなたがたを築き上げ、聖別されたすべての人々と共に相続財産を受けさせる力があります。
33Ik heb niemands zilver, goud of kleding begeerd.
33私は、だれの銀も金も衣服も欲しがりませんでした。
34Gij weet het zelf, dat deze handen hebben gearbeid voor mijn eigen behoeften en voor mijn gezellen.
34私のこの両手が、自分の必要と、仲間たちの必要のために働いたことは、あなたがた自身が知っています。
35In ieder opzicht heb ik u getoond, dat men zó arbeiden moet, om de zwakken te steunen, en de woorden van den Heer Jesus indachtig te zijn, die zelf heeft gezegd “Het is zaliger te geven dan te ontvangen”.
35私はあらゆる点で模範を示しました。このように働いて弱い人々を助け、主イエスご自身が、 『受けるより与えるほうが幸いである』 と言われた言葉を覚えていなければなりません。」
36Toen hij dit had gezegd, boog hij zijn knieën, en bad met hen allen.
36こう言ってから、パウロはひざまずき、皆と一緒に祈りました。
37En allen begonnen luide te wenen, vielen Paulus om de hals, en omhelsden hem teder;
37皆は激しく泣き、パウロの首を抱いて口づけしました。
38ze waren vooral bedroefd, omdat hij gezegd had, dat ze hem niet zouden weerzien. Daarna deden ze hem uitgeleide naar het schip.
38彼らは、もう二度と自分の顔を見ることはない、とパウロが言った言葉を何よりも悲しみました。そして彼を船まで見送りました。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.