Handelingen 1
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Old Persian Version (ترجمه قدیم)
1Het eerste boek Teófilus, heb ik geschreven over al wat Jesus gedaan en geleerd heeft, van de aanvang af
1صحیفه اول را انشا نمودم، ای تیوفلس، درباره همه اموری که عیسی به عمل نمودن و تعلیم دادن آنها شروع کرد.
2tot op de dag, dat Hij door den Heiligen Geest zijn opdracht gaf aan de apostelen, die Hij uitverkoren had, en opgenomen werd.
2تا آن روزی که رسولان برگزیده خود را به روحالقدس حکم کرده، بالا برده شد.
3Door veel bewijzen had Hij hun getoond, dat Hij ook na zijn lijden nog leefde; veertig dagen lang was Hij hun verschenen, en had hun gesproken over het koninkrijk Gods.
3که بدیشان نیز بعد از زحمت کشیدن خود، خویشتن را زنده ظاهر کرد به دلیلهای بسیار که در مدت چهل روز بر ایشان ظاهر میشد و درباره امور ملکوت خدا سخن میگفت.
4Terwijl Hij nu met hen samen was, gelastte Hij hun: Verlaat Jerusalem niet, maar wacht de belofte des Vaders af, die gij van Mij hebt vernomen.
4و چون با ایشان جمع شد، ایشان راقدغن فرمود که «از اورشلیم جدا مشوید، بلکه منتظر آن وعده پدر باشید که از من شنیدهاید.
5Want Johannes doopte met water, maar over enkele dagen zult gij worden gedoopt met den Heiligen Geest
5زیرا که یحیی به آب تعمید میداد، لیکن شمابعد از اندک ایامی، به روحالقدس تعمید خواهیدیافت.»
6De aanwezigen vroegen Hem echter: Heer, zult Gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël weer herstellen?
6پس آنانی که جمع بودند، از او سوال نموده، گفتند: «خداوندا آیا در این وقت ملکوت را براسرائیل باز برقرار خواهی داشت؟»
7Hij sprak tot hen: U komt het niet toe, tijden of dagen te kennen, die de Vader door eigen macht heeft vastgesteld.
7بدیشان گفت: «از شما نیست که زمانها و اوقاتی را که پدردر قدرت خود نگاه داشته است بدانید.
8Maar wanneer de Heilige Geest over u komt, zult ge kracht ontvangen, en mijn getuigen zijn in Jerusalem, in heel Judea en Samaria, en tot aan het einde der aarde.
8لیکن چون روحالقدس بر شما میآید، قوت خواهیدیافت و شاهدان من خواهید بود، در اورشلیم وتمامی یهودیه و سامره و تا اقصای جهان.»
9Na deze woorden werd Hij voor hun ogen opgenomen, en een wolk onttrok Hem aan hun blikken.
9و چون این را گفت، وقتی که ایشان همی نگریستند، بالا برده شد و ابری او را از چشمان ایشان در ربود.
10Nog staarden ze naar de hemel, terwijl Hij opsteeg: en zie, daar stonden twee mannen bij hen, in witte klederen gehuld.
10و چون به سوی آسمان چشم دوخته میبودند، هنگامی که او میرفت، ناگاه دومرد سفیدپوش نزد ایشان ایستاده،
11Ze zeiden: Mannen van Galilea, wat staat gij naar de hemel te staren? Jesus, die uit uw midden ten hemel is opgenomen, Hij zal weer op dezelfde wijze komen, als gij Hem hebt zien opstijgen ten hemel.
11گفتند: «ای مردان جلیلی چرا ایستاده، به سوی آسمان نگرانید؟ همین عیسی که از نزد شما به آسمان بالابرده شد، باز خواهد آمد به همین طوری که او رابه سوی آسمان روانه دیدید.»
12Toen keerden ze van de berg, die Olijfberg heet, naar Jerusalem terug; die berg ligt dicht bij Jerusalem, zover als men op sabbat mag gaan.
12آنگاه به اورشلیم مراجعت کردند، از کوه مسمی به زیتون که نزدیک به اورشلیم به مسافت سفر یک روز سبت است.
13En in de stad gekomen, gingen ze naar de opperzaal, waar ze gewoonlijk vertoefden: Petrus namelijk en Johannes, Jakobus en Andreas, Filippus en Tomas, Bartolomeus en Matteus, Jakobus van Alfeus en Simon de Ijveraar, en Judas, de broer van Jakobus.
13و چون داخل شدند، به بالاخانهای برآمدند که در آنجا پطرس و یوحناو یعقوب و اندریاس و فیلپس و توما و برتولما ومتی و یعقوب بن حلفی و شمعون غیور و یهودای برادر بعقوب مقیم بودند.
14Zij allen bleven eensgezind volharden in het gebed, te zamen met enige vrouwen, met Maria, de moeder van Jesus, en met zijn broeders.
14و جمیع اینها با زنان و مریم مادر عیسی و برادران او به یکدل درعبادت و دعا مواظب میبودند.
15In die dagen stond Petrus op in het midden der broeders, (er waren ongeveer honderd twintig personen bijeen), en sprak:
15و در آن ایام، پطرس در میان برادران که عدد اسامی ایشان جمله قریب به صد و بیست بود برخاسته، گفت:
16Mannen broeders; het Schrift woord moest worden vervuld, dat de Heilige Geest door Davids mond heeft gesproken, over Judas, den gids van hen, die Jesus gevangen hebben genomen.
16«ای برادران، میبایست آن نوشته تمام شود که روحالقدس از زبان داودپیش گفت درباره یهودا که راهنما شد برای آنانی که عیسی را گرفتند.
17Zeker, hij behoorde tot ons getal, en had zijn aandeel in dit ambt.
17که او با ما محسوب شده، نصیبی در این خدمت یافت.
18Maar hij heeft zich een akker gekocht van het loon der ongerechtigheid; hij is voorover gevallen, en open gebarsten, en al zijn ingewanden puilden uit.
18پس او از اجرت ظلم خود، زمینی خریده، به روی درافتاده، ازمیان پاره شد و تمامی امعایش ریخته گشت.
19Dit is aan alle inwoners van Jerusalem bekend, zodat die akker in hun taal Hakeldama, dat is bloedakker, genoemd wordt.
19وبر تمام سکنه اورشلیم معلوم گردید چنانکه آن زمین در لغت ایشان به حقل دما، یعنی زمین خون نامیده شد.
20Want er staat geschreven in het boek der Psalmen: “Zijn kamp worde een steppe, En niemand wone er meer.” en ook: “Een ander ontvange zijn ambt.”
20زیرا در کتاب زبور مکتوب است که خانه او خراب بشود و هیچکس در آن مسکن نگیرد و نظارتش را دیگری ضبط نماید.
21Het is dus noodzakelijk, dat één van de mannen, die met ons samen waren al de tijd, dat de Heer Jesus onder ons heeft geleefd,
21الحال میباید از آن مردمانی که همراهان ما بودند، درتمام آن مدتی که عیسی خداوند با ما آمد و رفت میکرد،
22—te beginnen bij de doop van Johannes tot op de dag, dat Hij van ons werd opgenomen, —het is noodzakelijk, dat één van hen te zamen met ons getuige van zijn verrijzenis wordt.
22از زمان تعمید یحیی، تا روزی که ازنزد ما بالا برده شد، یکی از ایشان با ما شاهدبرخاستن او بشود.»
23Toen stelde men twee mannen voor: Josef, die ook Barsabbas heette, en de bijnaam Justus droeg, en Mattias.
23آنگاه دو نفر یعنی یوسف مسمی به برسباکه به یوستس ملقب بود و متیاس را برپا داشتند،
24Men bad en zeide: Gij, Heer, die aller harten doorgrondt, wijs één van beiden aan: hem, dien Gij hebt uitverkoren,
24و دعا کرده، گفتند: «توای خداوند که عارف قلوب همه هستی، بنما کدامیک از این دو رابرگزیدهای
25om de plaats van dit ambt en apostolaat in te nemen, die Judas verbeurd heeft, om te gaan naar de plaats, die hem toekomt.
25تا قسمت این خدمت و رسالت رابیابد که یهودا از آن باز افتاده، به مکان خودپیوست.»
26Toen liet men hen loten; het lot viel op Mattias, en hij werd aan de elf apostelen toegevoegd.
26پس قرعه به نام ایشان افکندند وقرعه به نام متیاس برآمد و او با یازده رسول محسوب گشت.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.