3 Johannes 1
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Old Persian Version (ترجمه قدیم)
1De présbuter aan den geliefden Cajus, dien ik waarachtig liefheb.
1من که پیرم، به غایس حبیب که او را در راستی محبت مینمایم.
2Geliefde, ik bid, dat ge het in ieder opzicht goed moogt stellen en een goede gezondheid moogt genieten, evenals het u wèl gaat naar de ziel.
2ای حبیب، دعا میکنم که در هر وجه کامیاب و تندرست بوده باشی، چنانکه جان توکامیاب است.
3Want ik heb me buitengewoon verheugd, wanneer er broeders kwamen en een goede getuigenis aflegden van uw waarheid, en van uw gedrag overeenkomstig de waarheid.
3زیرا که بسیار شاد شدم چون برادران آمدند و بر راستی تو شهادت دادند، چنانکه تو در راستی سلوک مینمایی.
4Ik ken toch geen groter vreugde, dan wanneer ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen.
4مرا بیش از این شادی نیست که بشنوم که فرزندانم درراستی سلوک مینمایند.
5Geliefde, ge handelt ook overeenkomstig uw geloof bij al wat ge doet voor de broeders, zelfs wanneer het vreemden zijn;
5ای حبیب، آنچه میکنی به برادران خصوص به غریبان، به امانت میکنی،
6ze hebben dan ook in de Kerk uw liefde met lof vermeld. Ge zult goed doen, met hen ook verder voort te helpen, zoals het God behaagt;
6که در حضور کلیسا بر محبت توشهادت دادند و هرگاه ایشان را بطور شایسته خدابدرقه کنی، نیکویی مینمایی زیرا که بجهت اسم او بیرون رفتند و از امتها چیزی نمی گیرند.
7want ze zijn op reis gegaan terwille van zijn Naam, en ze nemen niets van de heidenen aan.
7پس بر ما واجب است که چنین اشخاص را بپذیریم تاشریک راستی بشویم.
8We zijn dus verplicht, voor zulke mannen zorg te dragen, opdat we medewerkers mogen worden voor de Waarheid.
8به کلیسا چیزی نوشتم لکن دیوترفیس که سرداری بر ایشان را دوست میدارد ما را قبول نمی کند.
9Ik heb hierover aan de gemeente geschreven. Maar Diótrefes, die zo gaarne onder hen de eerste wil zijn, stoort zich niet aan ons.
9لهذا اگر آیم کارهایی را که او میکندبه یاد خواهم آورد زیرا به سخنان ناشایسته برما یاوهگویی میکند و به این قانع نشده، برادران را خود نمی پذیرد و کسانی را نیز که میخواهند، مانع ایشان میشود و از کلیسا بیرون میکند.
10Daarom zal ik bij mijn komst hem zijn daden onder het oog brengen. Want hij strooit boze praatjes over ons rond; en hiermee niet tevreden, neemt hij zelf de broeders niet op, en verhindert anderen, die het wèl willen doen, en werpt ze uit de kerk.
10ای حبیب به بدی اقتدا منما بلکه به نیکویی زیرا نیکوکردار از خداست و بدکردار خدا راندیده است.
11Geliefde, volgt het kwade niet na, maar wèl het goede! Wie goed doet, is uit God; wie kwaad doet, heeft God nooit gezien.
11همه مردم و خود راستی نیز بردیمتریوس شهادت میدهند و ما هم شهادت میدهیم و آگاهید که شهادت ما راست است.
12Over Demétrius is door allen een goede getuigenis afgelegd, ook door de Waarheid zelf; ook wij zelf getuigen het, en ge weet, dat onze getuigenis waarachtig is.
12مرا چیزهای بسیار بود که به تو بنویسم، لکن نمی خواهم به مرکب و قلم به تو بنویسم.
13Ik had u nog veel te schrijven, maar ik wil u niet schrijven met inkt en met pen;
13لکن امیدوارم که به زودی تو را خواهم دید وزبانی گفتگو کنیم.
14ik hoop u echter spoedig te zien, en dan zullen we spreken van mond tot mond. Vrede zij u! De vrienden groeten u. Groet de vrienden één voor één!
14سلام بر تو باد. دوستان به تو سلام میرسانند. سلام مرا به دوستان نام به نام برسان.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.