Psalmen 28
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Van David. Tot U roep ik, Jahweh, mijn Rots! Ach, houd U voor mij niet doof: Opdat ik, als Gij blijft zwijgen, Niet gelijk word aan hen, die in het graf zijn gedaald.
1主よ、私はあなたを呼び求める。 私の岩よ、私に対して耳を閉ざさないでください。 あなたが私に黙っておられるなら、 私は穴に下る者たちのようになってしまう。
2Hoor, Jahweh, mijn zuchten, Nu ik tot U smeek, En mijn handen hef Naar uw heilige woning.
2私があなたに叫び求めるとき、願いの声を聞いてください。 あなたの至聖所に向かって手を上げるときに。
3Werp mij niet weg met de bozen, Niet weg met de zondaars, Die lief doen tegen hun naaste, Maar met venijn in het hart.
3私を悪者たちと共に引きずり去らないでください。 隣人に平和を語りながら、 心には悪意を抱く、不義を行う者たちと共に。
4Zet ze hun werken betaald, En hun schandelijk gedrag; Vergeld ze het werk hunner handen, En geef hun wat ze verdienen.
4彼らの行いと、その悪行に従って報いてください。 彼らの手の業に従って与え、 受けるべき報いを彼らに返してください。
5Want ze begrijpen niets van Jahweh’s daden, Niets van wat door zijn hand werd verricht; Daarom breekt Hij ze af, En bouwt ze niet op!
5彼らは主の御業も、 主の手の業も顧みない。 それゆえ、主は彼らを打ち壊し、建て直されない。
6Geprezen zij Jahweh! Want Hij heeft mijn smeken gehoord;
6主がほめたたえられますように。 主は私の願いの声を聞かれたからだ。
7Jahweh is mijn schuts en mijn schild. Als mijn hart op Hem hoopt, word ik zeker geholpen; Daarom jubelt mijn hart, en zegen ik Hem met mijn lied!
7主は私の力、私の盾。 私の心は主に信頼し、私は助けられた。 それゆえ、私の心は大いに喜ぶ。 私は歌をもって主に感謝をささげる。
8Jahweh is een schuts voor zijn volk, En voor zijn Gezalfde een machtige hulp.
8主は彼らの力である。 主は油注がれた者の救いの砦である。
9Red dus uw volk en zegen uw erfdeel; Weid hen en leid hen voor eeuwig!
9あなたの民を救い、 あなたの受け継ぐ民を祝福してください。 また、彼らの羊飼いとなり、 とこしえに彼らを抱き支えてください。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.