Psalmen
Chapter 63
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Reina-Valera 1909
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Reina-Valera 1909
1Een psalm van David, toen hij in de woestijn van Juda vertoefde. God, wat verlang ik naar U; mijn God, naar U dorst mijn ziel, Naar U smacht mijn lichaam als een dor en droog land naar het water.
1Salmo de David, estando en el desierto de Judá. DIOS, Dios mío eres tú: levantaréme á ti de mañana: mi alma tiene sed de ti, mi carne te desea, en tierra de sequedad y transida sin aguas;
2Ik blik naar U op in uw heilige woning, Om uw macht en uw glorie te aanschouwen!
2Para ver tu fortaleza y tu gloria, así como te he mirado en el santuario.
3Ja, uw genade is kostelijker nog dan het leven: Daarom moeten mijn lippen U loven,
3Porque mejor es tu misericordia que la vida: mis labios te alabarán.
4En wil ik U al mijn dagen prijzen, Mijn handen opheffen in uw Naam.
4Así te bendeciré en mi vida: en tu nombre alzaré mis manos.
5Gij verzadigt mij als met vet en met merg, En mijn mond juicht U toe met jubelende lippen;
5Como de meollo y de grosura será saciada mi alma; y con labios de júbilo te alabará mi boca,
6Nog op mijn legerstede moet ik aan U denken, En in mijn nachtwaken over U peinzen.
6Cuando me acordaré de ti en mi lecho, cuando meditaré de ti en las velas de la noche.
7Want Gij zijt mijn Helper, Ik nestel in de schaduw uwer vleugelen;
7Porque has sido mi socorro; y así en la sombra de tus alas me regocijaré.
8Mijn ziel klampt zich aan U vast, En uw rechterhand is mij een stut.
8Está mi alma apegada á ti: tu diestra me ha sostenido.
9Maar zij, die mijn ondergang zoeken, Zullen in de diepten der aarde verzinken;
9Mas los que para destrucción buscaron mi alma, caerán en los sitios bajos de la tierra.
10Ze vallen ten prooi aan het zwaard, En worden een buit van de jakhalzen.
10Destruiránlos á filo de espada; serán porción de las zorras.
11Doch de Koning zal zich verheugen in God, En wie Hem trouw zweert, zal juichen; Maar de mond van de leugenaars wordt gestopt!
11Empero el rey se alegrará en Dios; será alabado cualquiera que por él jura: porque la boca de los que hablan mentira, será cerrada.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.