Genesis
Chapter 6
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Toen de mensen talrijk begonnen te worden op de oppervlakte der aarde, en hun dochters werden geboren,
1Як почали ж люде намножуватись на землї та понароджувалось дочок у їх,
2zagen de zonen Gods, hoe schoon de dochters der mensen waren, en zij namen zich zoveel vrouwen, als zij maar wilden.
2Тодї сини Божі, бачивши, що в синів чоловічих дочки хороші, брали їх за жінок, хто котору вподобав.
3Toen sprak Jahweh: Mijn geest zal niet voor altijd bij de mensen blijven, omdat ze bedorven zijn, en enkel vlees; hun tijd zal nog maar honderd twintig jaar duren.
3І рече Господь: Не буде мій дух переважувати в людинї до віку, бо вона тїло; дак нехай віку людського буде сто і двайцять год.
4In die dagen, toen de zonen Gods tot de dochters der mensen waren gekomen, en deze hun kinderen hadden gebaard, waren er reuzen op aarde, en ook nog daarna. Dat waren de krachtmensen uit de oude tijd, beruchte mannen.
4Були тодї на землї велетьнї, та й навпосьлї, як сини Божі горнулись до дочок чоловічих, а вони їм роджали. Се ті потужники, що з давнїх давен бували високо вславлені.
5Toen Jahweh dan zag, hoe groot op aarde het bederf onder de mensen was geworden, en zij enkel maar zonnen op slechte dingen,
5Як же побачив Бог, що ледарство людське було велике на землї, а люде дбають повсячасно тільки про лихе,
6berouwde het Jahweh, dat Hij den mens op aarde gemaakt had, en kreeg Hij er spijt van.
6Дак жалкував Господь, що сотворив чоловіка на землї, тай журився тяжко.
7En Jahweh sprak: Ik zal den mens, dien Ik geschapen heb, van de aarde verdelgen; zowel den mens als de viervoetige dieren, de kruipende dieren en de vogels in de lucht; want het spijt Mij, dat Ik ze gemaakt heb.
7І рече Бог: Вигублю чоловіка, що із землї, як чоловіка, так і скотину, і лазюче і летюче: бо взяла мене досада, що посоздавав їх.
8Maar Noë vond genade in de ogen van Jahweh.
8Нояг же здобувся на ласку в Господа.
9Dit is de geschiedenis van Noë. Noë was een rechtschapen man, en leefde onberispelijk te midden van zijn tijdgenoten; Noë leefde vertrouwelijk met God.
9Оце ж Ноягова й постань. Нояг був праведний чоловяга, без гріха між сучасниками своїми. Нояг ходив з Богом.
10Noë verwekte drie zonen: Sem, Cham en Jáfet.
10І появив Нояг три сини: Сема, Хама і Яфета.
11De aarde was dan bedorven geworden in de ogen van God, en van ongerechtigheid vol.
11Земля ж попсувалась перед Богом, і сповнилась насильством земля.
12Toen God dus zag, dat de aarde was bedorven, omdat alle mensen op aarde waren bedorven,
12І споглянув Бог на землю, аж вона зопсувалась: бо зопсувало всяке тїло свою путь на землї.
13sprak God tot Noë: Ik heb de ondergang van alle mensen besloten, omdat ze de aarde van hun ongerechtigheid hebben vervuld. Zie, Ik zal ze met de aarde verdelgen.
13І рече Бог Ноягові: Конець усякому тїлу прийшов перед мене: бо землю сповнено насильством од них. Оце ж хочу їх викоренити з землї.
14Maak nu voor u een ark van pijnhout, verdeel die ark in vakken, en bestrijk ze van binnen en buiten met pek.
14Зроби собі ковчег із соснового дерева; гнїзда поробиш у ковчезї та й посмолиш його з середини і надвору смолою.
15Zo moet ge ze maken: de ark moet driehonderd el lang zijn, vijftig el breed, en dertig el hoog.
15А зробиш ковчег тако: трох сот локот завдовжки ковчег, і пятьдесять локот завширшки, а трийцять локот заввишки.
16Ge moet op de ark een dak maken, en een el hoog optrekken. In de lengtezijde moet ge de deur aanbrengen. Ge moet er ook een benedenruim, en een tweede en een derde verdek in maken.
16Просьвіт зробиш у ковчезї і зведеш його в локіть угорі; двері ж у ковчезї зробиш із боку, а житла у два і у три поверхи робити меш.
17Want Ik ga de zondvloed-wateren over de aarde brengen, om alle schepselen met een levende geest onder de hemel te verdelgen; al wat op aarde is zal sterven.
17Я ж оце наведу потоп, воду на землю, щоб вигубити всяке тїло, що є в її живий дух попід небесами, і все, що є на землї, повиздихає.
18Maar met u zal Ik mijn verbond sluiten: Gij moet de ark binnengaan: gij zelf en uw zonen, uw vrouw en de vrouwen uwer zonen met u.
18І поставлю заповіт (умову) з тобою: Ввійдеш у ковчег ти і синове твої і жена твоя і жени синів твоїх з тобою.
19Ook moet ge van alle levende wezens een paar in de ark brengen, om ze met u in het leven te behouden; mannetje en wijfje moeten het zijn.
19І од усякого живого і од усякого тїла по двоє од усїх уведеш у ковчег, щоб живими остались з тобою: самець і самиця будуть.
20En van alle verschillende soorten van vogels, van alle soorten van beesten, van alle soorten van dieren, die kruipen over de aarde; van alles zal er een paar tot u komen om in het leven te blijven.
20Од усього птаства по роду, і од усякої скотини по роду, і од усього лазючого, що човгає по землї по роду їх; двоє од усякого ввійдуть у ковчег до тебе, щоб зостались живими. Ти ж возьми всякої харчі собі, щоб мали ви що їсти.
21Ge moet u ook van alle eetbare spijzen voorzien, en die meenemen, om u en hun tot voedsel te dienen.
21І вчинив Нояг усе, що заповідав йому Господь, і притьма так учинив.
22Noë deed het; hij deed al wat God hem gebood.
no verse 22 in this text

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.