Genesis
Chapter 18
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Daarna verscheen Jahweh hem bij de eik van Mamre. Eens, toen hij op een hete middag in de opening van zijn tent zat,
1Явився ж йому Бог коло дубравини Мамре, як седїв він перед дверима наметовими о полуднї.
2en zijn ogen opsloeg, zag hij drie mannen voor zich staan. Zodra hij ze zag, liep hij ze van de tentingang tegemoet, boog zich ter aarde,
2Споглянувши ж очима своїми, бачить, стоїть перед ним троє чоловіків; побачивши їх метнеться зустріч їм од наметових дверей своїх, тай поклонився до землї.
3en sprak: Heer; als ik genade gevonden heb in uw ogen, ga dan uw dienaar niet voorbij.
3І рече: Господе! коли я знайшов ласку в очах твоїх, не мини раба твого.
4Sta mij toe, wat water te laten brengen; dan kunt Gij u de voeten wassen, en uitrusten onder de boom.
4Нехай принесуть води та помиють ноги вам, та прохолодїтесь під деревом.
5Ik zal ook een stuk brood laten halen, om u wat te verkwikken, eer ge verder trekt; gij zijt nu toch langs uw dienaar gekomen. Zij zeiden: Doe, wat ge zegt.
5Я ж принесу наїдку, щоб ви попоїли, а потїм і верстати мете свою путь, що звернули з неї до раба вашого.
6Vlug ging Abraham zijn tent binnen, naar Sara, en sprak: Neem gauw drie maten fijne bloem, kneed ze en bak er broodkoeken van.
6І метнеться Авраам у шатро до Сарри, тай каже їй: Заміси хутенько три сита пшенишного борошна та спечи коржів.
7Zelf liep Abraham naar de kudde, om een mals en mooi kalf te halen; hij gaf het aan zijn knecht, die zich haastte, het klaar te maken.
7І метнеться Авраам до корів, та й узяв телятко нїжне й добре, і оддав його слузї, а той скоренько впорав його.
8Dan nam hij room en melk met het kalf, dat hij had laten toebereiden, en diende het op; terwijl zij aten, bleef hij zelf bij hen onder de boom staan.
8І взяв сиру й молока да телятко, що наготовив, та й поставив перед ними; сам же стояв під деревом, як вони їли.
9Nu zeiden zij hem: Waar is Sara, uw vrouw? Hij antwoordde: Hier in de tent.
9І промовили до його: Де Сарра, жена твоя? Ось у шатрі.
10Toen zeide Hij: Als Ik over een jaar om deze tijd bij u terugkom, zal uw vrouw Sara een zoon hebben. Sara stond achter hem te luisteren bij de opening van de tent.
10Рече ж один: Вернусь оце до тебе через год о сїй добі, і вродить сина Сарра, жена твоя. Сарра ж почула під наметовими дверми позад його.
11Nu waren Abraham en Sara beiden oud en hoogbejaard, en het ging Sara niet meer naar de wijze der vrouwen.
11Авраам же і Сарра були старі, повбивались у лїта, і перестало в Сарри звичайне жіноцьке.
12Daarom moest Sara heimelijk lachen, en dacht: Zal er dan nog liefdegenot voor mij zijn, nu ik zelf verwelkt ben, en ook mijn heer al oud is!
12Осьміхнулася ж Сарра сама собі, думаючи: Оце б то звянувши та здобутись на таку втїху? Пан же мій старенький.
13Maar Jahweh sprak tot Abraham: Waarom lacht Sara toch, en denkt ze: zal ik dan werkelijk nog baren op mijn oude dag?
13І рече Господь Авраамові: Чого всьміхнулась Сарра сама собі, говорючи: Чи справдї ж бо менї вродити? я же собі стара вже.
14Is er dan iets te moeilijk voor Jahweh? Over een jaar om deze tijd kom Ik bij u terug, en dan heeft Sara een zoon.
14Хиба є що неможливе у Бога? О сїй добі вернусь до тебе через год, і буде в Сарри син.
15Sara ontkende het in haar angst, en zei: Ik heb niet gelachen. Maar Hij sprak: Ge hebt wèl gelachen.
15Сарра ж і не призналась, говорючи: Я не сьміялась. Бо вона злякалась. І рече їй: Нї бо, сьміялась.
16Daarop stonden de mannen op, en namen de richting van Sodoma, terwijl Abraham mee ging, om ze uitgeleide te doen.
16Піднявшися ж ізвідти чоловіки, повернули на Содом. Авраам же йшов із ними, проводючи їх.
17Toen dacht Jahweh bij Zichzelf: Waarom zou Ik voor Abraham geheim houden, wat Ik ga doen?
17Господь же рече: Чи втаю від Авраама, раба мого, що я творю?
18Want Abraham zal zeker een groot en machtig volk worden, en alle volken der aarde zullen in hem worden gezegend.
18Та ж Авраам буде народом великим, і потужним, і благословляться в йому всї народи земнії.
19Daarom juist heb Ik hem uitverkoren, opdat hij aan zijn zonen en zijn nageslacht zou bevelen, de weg van Jahweh te bewaren door gerechtigheid en recht te beoefenen; en Jahweh dus aan Abraham vervullen kan, wat Hij hem heeft beloofd.
19Знаю бо, що накаже синам своїм і господї своїй по собі, щоб хранили путї Господнї, творючи правду і суд, щоб справдив на Авраамові Господь усьо, що глаголав до його.
20Daarom sprak Jahweh: Luid schreit het wraakgeroep over Sodoma en Gomorra, en hun zonde is buitengewoon zwaar.
20Рече ж Господь: Квилять велико до мене про Содом та Гоморру, і гріхи їх тяжкі вельми.
21Ik wil er heen, om te zien, of zij zich werkelijk zo gedragen, als het wraakgeroep klinkt, dat tot Mij is doorgedrongen; Ik wil Mij ervan op de hoogte stellen.
21Зійду ж та позирну, чи так воно дїється, як до мене голосять, чи нї, щоб знати.
22Maar toen de mannen vandaar de weg naar Sodoma wilden inslaan, bleef Abraham voor Jahweh staan,
22І повернулись ізвідти чоловіки до Содому, Авраам же ще стояв перед Господом.
23trad nader, en sprak: Zult Gij nu werkelijk den goede met den kwade verdelgen?
23І приступить Авраам ближче й рече: Дак оце ти хочеш погубити й безвинних із винуватими?
24Misschien dat er toch vijftig rechtvaardigen in de stad worden gevonden; zoudt Gij de plaats dan verdelgen, of zoudt Gij haar niet liever vergiffenis schenken om die vijftig rechtvaardigen, die er worden gevonden?
24Може там знайдеться пятьдесять безвинних у городї. Чи то ж схочеш ти й їх погубити, і не помилуєш усього міста задля пятидесятьох, коли там будуть?
25Het zij verre van U, zo te handelen, en de goeden met de kwaden te doden, zodat het den rechtvaardige vergaat als den boze. Neen, dat zij verre van U! Zou Hij, die heel de aarde richt, geen recht laten gelden?
25Нї бо, не чини по глаголу сему, щоб убити праведника з нечестивим, і щоб у тебе було праведнику так, як нечестивому. Нї бо нї! Судячи суд у сїй землї, як тобі не вчинити правди?
26Jahweh sprak: Als Ik vijftig rechtvaardigen in de stad Sodoma vind, dan zal Ik de hele plaats om hunnentwil vergiffenis schenken.
26Рече ж Господь: Коли буде в Содомі пятьдесять праведників у городї, помилую ввесь город і все місто задля їх.
27Abraham hernam: Zie, ik waag het, tot mijn Heer te spreken, ofschoon ik maar stof ben en as.
27І рече відказуючи Авраам: Оце завзявсь я промовляти до Господа мого, я ж земля і порох.
28Misschien ontbreken er aan de vijftig rechtvaardigen vijf; zoudt Gij dan toch om die vijf de hele stad verdelgen? Hij sprak: Ik zal ze niet verdelgen, als Ik er maar vijf en veertig vind.
28Коли ж поменьшає праведників до сорока й пяти, чи вже ж бо погубиш через пятьох увесь город? І рече: Не погублю, коли знайду тамо сорок і пять.
29Nu ging hij voort: Misschien worden er veertig gevonden? Hij sprak: Dan zal Ik het niet doen om wille van die veertig.
29І завзявсь іще промовляти до його та й каже: Коли ж знайдеться таменьки сорок? І рече: не погублю й ради сорока.
30Nu zeide hij weer: Laat mijn Heer nu niet toornig worden, als ik blijf spreken; misschien worden er maar dertig gevonden. Hij sprak: Ik zal het niet doen, als Ik er dertig vind.
30Що ж Господе, коли промовлю: А як знайдеться таменьки тільки трийцять? І рече: Не погублю й тридесятьох ради.
31Hij zeide opnieuw: Zie, ik heb het nu toch al gewaagd, tot mijn Heer te spreken; misschien dat er twintig worden gevonden. Hij sprak: Ik zal ze niet verdelgen om wille van die twintig.
31І промовив: Оце ж наваживсь говорити до Господа: Коли ж знайдеться таменьки двайцятеро? І рече: Не погублю, коли знайдеться тамо двайцять.
32Hij hield aan: Laat mijn Heer niet toornig worden, als ik nu nog één keer spreek; misschien worden er maar tien gevonden. Hij zeide: Ik zal ze niet verdelgen om die tien.
32І каже: Що ж, Господе, коли промовлю ще раз: Коли ж знайдеться таменьки десятеро? І рече: Не погублю і десятьох ради.
33Toen Jahweh het gesprek met Abraham had beëindigd, ging Hij heen, en keerde Abraham naar zijn woonplaats terug.
33Одійшов же Господь, переставши глаголати до Авраама. І вернувсь Авраам на місце своє.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.