Ezechiel
Chapter 40
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1In het vijf en twintigste jaar van onze verbanning, in het begin van het jaar, op de tiende van de maand, veertien jaren na de inneming van de stad, juist op die dag raakte de hand van Jahweh mij aan. Hij bracht mij derwaarts:
1У двайцятому ж роцї нашої неволї, на початку року, десятого дня в місяцї, а чотирнайцятого року по збуренню міста, того самого дня спочила на менї рука (сила) Господня та й повів він мене туди.
2in goddelijke gezichten bracht Hij mij naar het land Israël. Hij liet mij neer op een zeer hoge berg, en het leek alsof aan de zuidkant daarvan een stad was gebouwd.
2У Божих видивах перенїс він мене в Ізраїлську землю й поставив на дуже високій горі; з полуденнього боку виднїлось на нїй щось таке, наче будівля якого міста.
3Hij bracht mij daarheen, en daar zag ik in de poort een man staan, wiens uiterlijk op brons geleek, en die in zijn hand een linnen snoer en een duimstok hield.
3Привів же він мене туди, й я дивлюсь, аж ось, чоловік із виду, наче блискуча мідь. У руцї в його була лняна поворозка й тичина до міряння, а стояв він коло воріт.
4De man sprak tot mij: Mensenkind, kijk goed uit uw ogen, spits uw oren, en let aandachtig op alles wat ik u laat zien; want ge zijt hierheen gebracht om te worden ingelicht. Verkondig aan het huis Israël, al wat ge zien zult.
4І промовив той чоловік до мене: Сину чоловічий! дивись очима твоїми, й слухай ушима твоїми, та й бери собі до серця все те, що я буду тобі показувати; тебе бо на те й приведено сюди, щоб я се показав тобі; а все, що бачити меш, звісти домові Ізрайлевому.
5En zie, buiten het tempelgebouw liep aan alle zijden een muur. De man had in zijn hand een duimstok van zes el: ellen van een el en een handbreedte. En hij mat de dikte van de muurbouw, die bedroeg één roede, en de hoogte: ook één roede.
5І ось, знадвору храму — мур навкруги; в руцї ж у того чоловіка мірильна жердка завдовжки шість локот із долонею до локтя; і виміряв він у тій будівлї одну жердку завширшки, а одну жердку заввишки.
6Hij bracht mij naar de poort die op het oosten ligt, ging de trap op, en mat de drempel van de poort; hij was één roede breed; ook de andere drempel was één roede breed.
6Тодї пійшов до ворот, що переднім боком стояли на схід сонця, і підійшов угору по сходах, та й виміряв поріг у брамі на одну жердку завширшки, та й в другому порозї одна тичина завширшки.
7Elke nis was één roede breed en één roede diep, en tussen de nissen was een afstand van vijf el. Ook de drempel van de poort aan gene zijde van de poorthal, aan de binnenkant, was één roede breed.
7І в кожній боковій коморі одна тичина заввишки а одна завширшки, а між коморами пять локот, та й в порозї воріт коло передньої сьвітлицї в воротях із середини — одна жердка;
8Hij mat de poorthal op,
8І виміряв передню сьвітлицю в брамі з середини на одну жердку,
9die acht el diep was; en haar deurposten, die twee el breed waren. De poorthal lag aan de binnenkant.
9А в присїнку коло брами виміряв вісїм локот, стовпи ж його на два ліктї, а сїни в воротях — виходом у середину.
10De nissen van de oosterpoort lagen tegenover elkander: drie aan de ene en drie aan de andere kant; ze hadden alle drie dezelfde afmetingen, en ook de muurvlakken aan weerskanten hadden dezelfde afmetingen.
10А бокових комор у воротях на схід сонця було три по одному боцї, а три по другому боцї; всї три були однієї міри, а так само й стовпи з обох боків однієї міри.
11Hij nam de breedte van de poortdeur op: ze bedroeg tien el, en die van de poortweg dertien el.
11І виміряв ширину ввіходу в ворота на десять локот, а довжину воріт на тринайцять локот.
12Vóór de nissen was er aan weerskanten een afgesloten ruimte van één el, terwijl de nissen zowel aan de ene als aan de andere zijde zes el diep waren.
12А перед коморами був передїл, один локіть завширшки по однім боцї й один локіть по другім боцї; сама ж комора мірою шість локот по однім і шість локот по другім боцї.
13Gemeten van de buitenmuur van een nis af tot aan de tegenoverliggende buitenmuur, bedroeg de breedte van de poort vijf en twintig el. De ene deur lag tegenover de andere.
13Опісля виміряв ворота від криші однієї комори до другої двайцять і пять локот ширини; двері проти дверей.
14Ook mat hij de voorhal: twintig el. Aan de voorhal grensde aan weerszijden de voorhof.
14А в стовпах налїчив шістьдесять локот, у кожному стовпі коло двору й воріт,
15Vanaf de buitenzijde van de poortingang tot en met de voorzijde van de poorthal aan de binnenkant, was de afstand vijftig el.
15І від переднього боку ввіходу в ворота до переднього боку з середини воріт — пятьдесять локот.
16In de poort waren in de nissen en hun muurvlakken aan weerszijden vensters, die naar binnen toe schuin toeliepen. Zo waren er ook in de voorhal aan weerszijden vensters, naar binnen toe schuin toelopend; en op de muurvlakken waren palmen aangebracht.
16І були вікна з кратами в бокових коморах і в їх стовпах навпроти середини в воротях навкруги, а на стовпах були пальми.
17Vervolgens bracht hij mij naar de buitenvoorhof, en daar zag ik kamers en een plaveisel, die aan alle zijden van de voorhof waren aangelegd. Dertig kamers kwamen uit op dat plaveisel,
17Тодї привів мене на переднє подвіррє, а там були сьвітлицї, й камяний поміст навкруги двору; трийцять сьвітлиць на тому помостї.
18dat zich bezijden de poorten even ver uitstrekte als de poorten diep waren. Dit was het laagste plaveisel.
18І був сей поміст по боках воріт, після ширини воріт, тілько був сей поміст нижше.
19Ook nam hij de afstand op van de binnenzijde van de benedenste poort af tot aan de buitenzijde van de binnenvoorhof, en die bedroeg honderd el.
19І виміряв ширину від нижніх воріт до краю середнього подвірря сто локот на всхід і на північ.
20Toen ging hij mij voor naar het noorden, en ik zag een poort, die op het noorden van de buitenvoorhof lag; en hij nam haar breedte en diepte op.
20Він виміряв іще довжину й ширину воріт знадвірнього двору, оберненого до півночі,
21Haar drie nissen aan weerskanten, haar muurvlakken en voorhal, hadden dezelfde afmetingen als die van de eerste poort; deze zelf was eveneens vijftig el diep en vijf en twintig el breed.
21І на узбочі сьвітлицї при них, три по однім боцї й три по другім боцї; й стовпи їх і передїли їх були тієї ж міри, як і в першій брамі — завдовжки пятьдесять локот і завширшки двайцять і пять локот.
22Ook haar vensters, voorhal en palmen waren van dezelfde afmetingen, als die van de oosterpoort. Men betrad haar langs zeven treden, en haar voorhal lag aan de binnenkant.
22Вікна їх і передїли їх і пальми їх тієї ж міри, як у брами, що обернена на схід сонця; й входилось до них сїмма сходами, й перед ними передїли.
23Tegenover de noorderpoort lag er een poort naar de binnen-voorhof: de afstand tussen beide poorten bedroeg honderd el.
23І в середнє подвіррє є ворота навпроти воріт північніх й восточніх, а наміряв од воріт до воріт сто локот.
24Daarop liet hij mij zuidwaarts gaan, en ook aan de zuidkant zag ik een poort; hij nam de maat van haar nissen, muurvlakken en voorhal: ze hadden dezelfde afmetingen.
24І повів мене на полуднє, а там ворота полуденні; й виміряв у стовпах і передїлах таку ж міру.
25Aan weerszijden van de poort en haar voorhal waren er vensters van dezelfde vorm als de andere. Ze was vijftig el diep en vijf en twintig el breed,
25І вікна в їх і в переддвіррях їх такі самі, як і ті вікна — завдовжки пятьдесять локот, а завширшки двайцять і пять локот.
26ze had een trap van zeven treden, haar poorthal lag ook aan de binnenkant en op haar muurvlakken waren palmen aangebracht, aan weerskanten één.
26Підхід до них на сїм сходів, і переддвірки поперед ними й пальмові окраси — одна по сїм боцї а одна по тім боцї на стовпах.
27Tegenover de zuiderpoort lag er een poort naar de binnen-voorhof; de afstand tussen beide poorten bedroeg honderd el.
27І в середнє подвіррє була полудення брама; і наміряв од воріт до воріт полуденніх сто локот.
28Vervolgens bracht hij mij in de zuiderpoort, die naar de binnen-voorhof leidt. Hij mat de zuiderpoort op: ze had dezelfde afmetingen;
28І привів мене через полуденні ворота в середнє подвіррє, і наміряв у полуденній брамі ту ж саму міру.
29ook haar nissen, muurvlakken en voorhal hadden dezelfde afmetingen. In de poort en de voorhal waren aan weerskanten vensters Ze was vijftig el lang en vijf en twintig el breed.
29І бокові сьвітлицї їх і стовпи й придвірря їх — тієї ж міри, й вікна в їх і в придвіррях були навкруги; всього довжини пятьдесять локот, а ширини двайцять і пять локот.
30-
30Переддвірки були навкруги завдовжки в двайцять і пять локот, а завширшки в пять локот.
31Haar voorhal echter lag aan de kant van de buiten-voorhof. Ook op haar muurvlakken waren palmen aangebracht, en ze had een trap van acht treden.
31І переддвірки були в їх на знадвірній двір, і пальми були на їх стовпах; підходу до них на вісїм сходів.
32Daarna bracht hij mij naar de oostzijde van de binnen-voorhof, en hij mat de poort op. Ze had dezelfde afmetingen;
32І повів мене східніми воротами на середній двір; і наміряв у сїй брамі ту ж саму міру.
33ook haar nissen, muurvlakken en voorhal hadden dezelfde afmetingen. Aan weerskanten waren er in de poort en in de voorhal vensters. Ze was vijftig el diep en vijf en twintig el breed. Ook haar voorhal lag aan de kant van de buiten-voorhof.
33І бокові сьвітлицї їх і стовпи їх і переддвірки їх були тієї ж самої міри; й вікна в їх і в їх коморах були навкруги; довжина пятьдесять локот, а ширина двайцять і пять локот.
34Op haar muurvlakken waren aan weerskanten palmen aangebracht, en ze had een trap van acht treden.
34Переддвірки в їх були на крайній двір, й пальми на стовпах їх по сїм і по тім боцї; підходу до них на пять сходів.
35Tenslotte bracht hij mij naar de noorderpoort, en mat haar op. Ze had dezelfde afmetingen;
35Тодї повів мене до північніх воріт та й наміряв у них ту ж саму міру.
36ook haar nissen, muurvlakken en voorhal hadden dezelfde afmetingen. Aan weerskanten waren er vensters. Ze was vijftig el diep en vijf en twintig el breed.
36Бокові сьвітлицї при них, стовпи їх і вікна в їх були навкруги; усього довжини пятьдесять локот, а ширини двайцять і пять локот.
37Ook haar voorhal lag aan de kant van de buiten-voorhof, op haar muurvlakken waren aan weerskanten palmen aangebracht, en ze had een trap van acht treden.
37Переддвірки в них були на крайнє подвіррє, й пальми на стовпах у них по сїм і по тім боцї. Підходу до них пять сходів.
38In de poorthal was een kamer met ingang; daar spoelde men het brandoffer af.
38Була також сьвітлиця з увіходом до неї у ворітніх стовпів; там обмивано жертви на всепаленнє.
39Binnen de poorthal stonden twee tafels aan de éne en twee tafels aan de andere kant, waarop het brandoffer, het zonde-offer en schuldoffer werden geslacht.
39А в переддвірку в брамі два столи, по сїм боцї й два по тім боцї, щоб заколювати на них жертви всепалення та жертви за гріх й провинні жертви.
40Ook aan de buitenkant van de poorthal stonden twee tafels aan de linkerzijde; eveneens aan de andere zijde van de poorthal stonden twee tafels.
40І в надвірньому боцї коло ввіходу в ворота півночні було два столи, й по тім боцї коло переддвірря в брамі два столи.
41Er waren dus vier tafels aan de ene en vier tafels aan de andere kant van de zijwand der poort; in het geheel acht tafels, waarop geslacht werd.
41Чотири столи по сїй руцї й чотири столи по тій руцї по боках воріт: усїх вісїм столів, що на них заколювано жертви.
42De vier tafels voor het brandoffer waren uit steen gehouwen, en waren anderhalf el lang, anderhalf el breed en één el hoog; daarop legde men de gereedschappen neer, waarmee het brand- en slachtoffer geslacht werden.
42І чотири столи на пораннє коло всепалення були з тесаного каменя, завдовжки півтора ліктя і завширшки півтора ліктя, а заввишки один лікоть; на їх кладено знаряддя до заколювання всепальної жертви й инших жертов
43Aan de tafels, die binnen stonden, was langs alle kanten een rand aangebracht, een hand breed;
43І гаки на одну долоню приправлені до стїн у будівлї навкруги, а на столах кладено жертівне мясиво.
44boven de tafels buiten de poort was een overkapping gemaakt, om het offervlees tegen regen en hitte te beschermen. Vervolgens leidde hij mij in de binnen-voorhof, en daar zag ik twee zalen, één ter zijde van de noorderpoort met een gevel op het zuiden, en één terzijde van de zuiderpoort met een gevel op het noorden.
44З надвору середньої брами були сьвітлицї про сьпіваків; на середньому подвіррі, з боку північніх воріт, одна обернена передом на південь, а друга, з боку полуденніх воріт, обернена передом на північ.
45En hij sprak tot mij: Deze zaal, die op het zuiden ligt, is bestemd voor de priesters, die de tempeldienst waarnemen;
45І сказав він менї: Ся сьвітлиця, що передом на полудне, — про сьвященників, що чувають, стережучи храму;
46en de zaal, die op het noorden ligt, is bestemd voor de priesters, die de altaardienst verrichten, namelijk voor de zonen van Sadok, die van de zonen van Levi tot Jahweh mogen naderen, om zijn dienst waar te nemen.
46А сьвітлиця, що передом на північ, — про сьвященників, що пильнують служби коло жертівника; се сини Садокові, що самі одні зміж синів Левієвих приступають перед Господа, щоб йому служити.
47Hij mat de binnen-voorhof op: honderd el bedroeg de lengte en honderd el de breedte; het was een vierkant, en het altaar stond recht tegenover de tempel.
47І наміряв у подвіррі сто локот довжини й сто локот ширини, було бо чотирокутнє, а перед храмом стояв жертівник.
48Daarna bracht hij mij naar de voorhal van de tempel, en mat de deurposten van de voorhal op: ze waren aan weerskanten vijf el diep. De poort was veertien el breed, en de zijvlakken drie el aan weerskanten.
48І привів мене до сїней храмових, і наміряв у сїнних стовпах пять локот по сїм боцї й пять локот по тім боцї, а в брамі три ліктї ширини по сїм боцї й три ліктї по тім боцї.
49De lengte van de voorhal bedroeg twintig el en de breedte twaalf el; langs tien treden ging men er heen, en tegen de deurposten stond aan weerskanten een zuil.
49Завдовжки сїни двайцять локот, а завширшки одинайцять локот, а входилось у них пятьма сходами; й були стовпи на причілках, один правобіч, а другий лївобіч.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.