詩篇 60
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1上帝啊,你丟棄了我們,使我們破敗; 你向我們發怒,求你使我們復興!
1Voor muziekbegeleiding; op de wijze: “De lelie der wet.” Een punt- en leerdicht van David, toen, na zijn oorlog tegen Aram van Mesopotamië en Aram-Soba, Joab terugkeerde, en in het Zoutdal twaalfduizend Edomieten versloeg. O God, Gij hebt ons verstoten, Onze gelederen verbroken; Gij waart vertoornd, En hebt ons doen vluchten.
2你使地震動,而且崩裂; 求你將裂口醫好,因為地搖動。
2Gij hebt het land laten kraken en scheuren; Het stortte ineen, en ligt nu in puin.
3你叫你的民遇見艱難; 你叫我們喝那使人東倒西歪的酒。
3Gij hebt uw volk harde dingen doen slikken, En ons een koppige wijn laten drinken!
4你把旌旗賜給敬畏你的人, 可以為真理揚起來。 (細拉)
4Maar voor uw vromen hadt Gij een banier opgericht, Om zich daar omheen te verzamelen tegen de boog;
5求你應允我們,用右手拯救我們, 好叫你所親愛的人得救。
5En om uw geliefden te redden, Strek uw rechterhand uit, en verhoor ons.
6上帝已經指着他的聖潔說:我要歡樂; 我要分開 示劍 ,丈量 疏割谷 。
6Bij zijn heiligheid heeft God beloofd: Juichend zal ik Sikem verdelen, En het dal van Soekkot meten;
7基列 是我的, 瑪拿西 也是我的。 以法蓮 是護衛我頭的; 猶大 是我的杖。
7Mij behoort Gilad, van mij is Manasse. Efraïm is de helm van mijn hoofd, Juda mijn schepter,
8摩押 是我的沐浴盆; 我要向 以東 拋鞋。 非利士 啊,你還能因我歡呼嗎?
8Moab is mijn voetenbekken; Op Edom werp ik mijn schoeisel, Over Filistea hef ik mijn zegekreet aan.
9誰能領我進堅固城? 誰能引我到 以東 地?
9Maar wie brengt mij nu binnen de vesting, Wie zal mij naar Edom geleiden:
10上帝啊,你不是丟棄了我們嗎? 上帝啊,你不和我們的軍兵同去嗎?
10Moet Gij het niet zijn, die ons hebt verstoten, o God, En niet langer met onze heirscharen optrekt, o God?
11求你幫助我們攻擊敵人, 因為人的幫助是枉然的。
11Ach, help ons dan tegen den vijand, Want hulp van mensen is ijdel;
12我們倚靠上帝才得施展大能, 因為踐踏我們敵人的就是他。
12Maar met God zijn wij sterk, Hij zal onze verdrukkers vertrappen!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.