詩篇 12
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1耶和華啊,求你幫助,因虔誠人斷絕了; 世人中間的忠信人沒有了。
1Voor muziekbegeleiding; met bassen. Een psalm van David. Help toch Jahweh; want de trouw is verdwenen, De waarheid is zoek onder de kinderen der mensen.
2人人向鄰舍說謊; 他們說話,是嘴唇油滑,心口不一。
2Men liegt elkander maar voor, Met valse harten, maar vleiende lippen.
3凡油滑的嘴唇和誇大的舌頭, 耶和華必要剪除。
3Jahweh snijde al die vleiende lippen af, De verwaande tongen van allen die zeggen:
4他們曾說:我們必能以舌頭得勝; 我們的嘴唇是我們自己的, 誰能作我們的主呢?
4“Met onze tong zijn we sterk! We hebben onze lippen; wie kan ons aan!”
5耶和華說:因為困苦人的冤屈 和貧窮人的歎息, 我現在要起來, 把他安置在他所切慕的穩妥之地。
5Om de nood der verdrukten En het kermen der armen Ga Ik opstaan, zegt Jahweh, Om redding te brengen aan wie er naar smacht!
6耶和華的言語是純淨的言語, 如同銀子在泥爐中煉過七次。
6Het woord van Jahweh Is zuiver als zilver, In een aarden smeltkroes gelouterd, Gereinigd tot zevenmaal toe.
7耶和華啊,你必保護他們; 你必保佑他們永遠脫離這世代的人。
7Gij zult het gestand doen, o Jahweh, En ons altijd beschermen tegen dit ras:
8下流人在世人中升高, 就有惡人到處遊行。
8Al zijn de bozen nog zo verwaand, En de mensen nog zo gemeen!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.