詩篇 61
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1上帝啊,求你聽我的呼求, 側耳聽我的禱告!
1Voor muziekbegeleiding; met harpen. Van David. Hoor toch, o God, mijn gejammer, En let op mijn smeken:
2我心裏發昏的時候, 我要從地極求告你。 求你領我到那比我更高的磐石!
2Van het einde der aarde roep ik tot U In de beklemmende angst van mijn hart. Stel mij hoog op de Rots, en laat mij daar rusten,
3因為你作過我的避難所, 作過我的堅固臺,脫離仇敵。
3Want Gij zijt mijn toevlucht en sterkte tegen den vijand;
4我要永遠住在你的帳幕裏! 我要投靠在你翅膀下的隱密處! (細拉)
4Laat mij in uw woontent voor eeuwig uw gast zijn, En mij verbergen in de schaduw uwer vleugelen.
5上帝啊,你原是聽了我所許的願; 你將產業賜給敬畏你名的人。
5Want Gij hoort mijn beloften, o mijn God, En vervult de wens van hen, die uw Naam vrezen:
6你要加添王的壽數; 他的年歲必存到世世。
6Vermeerder de dagen des konings, En zijn jaren van geslacht tot geslacht;
7他必永遠坐在上帝面前; 願你預備慈愛和誠實保佑他!
7Moge hij altijd voor Gods aangezicht tronen, En liefde en trouw hem behoeden.
8這樣,我要歌頌你的名,直到永遠, 好天天還我所許的願。
8Dan zal ik uw Naam in eeuwigheid prijzen, Dag aan dag U mijn dankoffer brengen!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.