Psalmen 50
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Synodal Translation (Синодальный перевод)
1Een psalm van Asaf. De God der goden, Jahweh, spreekt en roept tot de aarde Van de opgang tot de ondergang der zon!
1Начальнику хора. Псалом Давида,
2Van Sion, de kroon der schoonheid, straalt God zijn heerlijkheid uit:
2когда приходил к нему пророк Нафан, после того, как Давид вошел к Вирсавии.
3Hij komt, onze God, en zwijgt niet meer! Verterend vuur gaat voor Hem uit, De stormwind woedt om Hem heen!
3Помилуй меня, Боже, по великой милости Твоей, и по множеству щедрот Твоих изгладь беззакония мои.
4Hij nodigt de hemelen uit, daarboven, En de aarde, om zijn volk te richten:
4Многократно омой меня от беззакония моего, и от греха моего очисти меня,
5“Brengt Mij mijn getrouwen bijeen, Die door offers het Verbond met Mij sloten!”
5ибо беззакония мои я сознаю, и грех мой всегда предо мною.
6En de hemelen verkondigen zijn gerechtigheid; Want God begint het gericht.
6Тебе, Тебе единому согрешил я и лукавое пред очами Твоими сделал, так что Ты праведен в приговоре Твоем и чист в суде Твоем.
7Hoor, mijn volk, en laat Mij spreken; Het u betuigen, Israël: Ik Jahweh, uw God:
7Вот, я в беззаконии зачат, и во грехе родила меня мать моя.
8Niet om uw offers spreek Ik u vrij, Of om uw brandoffers, Mij zonder ophouden gebracht.
8Вот, Ты возлюбил истину в сердце и внутрь меня явил мне мудрость.
9Neen, Ik heb den stier uit uw stallen niet nodig, En geen bokken uit uw kooien.
9Окропи меня иссопом, и буду чист; омой меня, и буду белее снега.
10Want Mij behoren alle dieren in het woud, Het vee en het wild op de bergen;
10Дай мне услышать радость и веселие, и возрадуются кости, Тобою сокрушенные.
11Ik ken alle vogels in de lucht, Van Mij is wat zich beweegt op het veld.
11Отврати лице Твое от грехов моих и изгладь все беззакония мои.
12Had Ik honger, Ik behoefde het ú niet te zeggen, Want Mij behoort de aarde met wat ze bevat.
12Сердце чистое сотвори во мне, Боже, и дух правый обнови внутри меня.
13Of zou Ik soms stierenvlees eten, En bokkenbloed drinken?
13Не отвергни меня от лица Твоего и Духа Твоего Святаго не отними от меня.
14Neen, breng als uw offer een loflied aan God, Onderhoud uw geloften, den Allerhoogste gebracht,
14Возврати мне радость спасения Твоего и Духом владычественным утверди меня.
15En roep Mij aan in tijden van nood: Dan zal Ik u redden, en gij zult Mij eren.
15Научу беззаконных путям Твоим, и нечестивые к Тебе обратятся.
16Hoe waagt gij het, over mijn geboden te spreken, En uw mond vol te hebben van mijn Verbond,
16Избавь меня от кровей, Боже, Боже спасения моего, и язык мой восхвалит правду Твою.
17Terwijl gij toch de tucht veracht, En mijn woord in de wind slaat?
17Господи! отверзи уста мои, и уста мои возвестят хвалу Твою:
18Ziet gij een dief, gij loopt terstond met hem mee, En met echtbrekers gaat gij vriendschappelijk om.
18ибо жертвы Ты не желаешь, - я дал бы ее; к всесожжению не благоволишь.
19Uw mond vloeit over van boosheid, En uw tong weeft bedrog;
19Жертва Богу - дух сокрушенный; сердца сокрушенного и смиренного Ты не презришь, Боже.
20Gij spreekt schande over uw broeder, En werpt smaad op den zoon van uw moeder.
20Облагодетельствуй по благоволению Твоему Сион; воздвигни стены Иерусалима:
21Dit hebt gij gedaan; en omdat Ik bleef zwijgen, Dacht gij nog: Ik ben niet beter dan gij. Daarom waarschuw Ik u, En breng het u onder het oog.
21тогда благоугодны будут Тебе жертвы правды, возношение и всесожжение; тогда возложат на алтарь Твой тельцов.
22Godvergetenen, neemt het ter harte; Anders verscheur Ik u, en er is niemand, die u zal redden!
no verse 22 in this text
23Wie een loflied offert, eert Mij waarachtig, En wie deugdzaam leeft, hem toon Ik Gods heil!
no verse 23 in this text
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.