สดุดี 37
Freedom Bible (Thai)Translation
Freedom Bible (Thai)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1อย่าร้อนใจเพราะคนทำชั่ว อย่าอิจฉาคนที่ทำความไม่ชอบธรรม
1Van David. Wees niet afgunstig op zondaars, En benijd de boosdoeners niet;
2เพราะไม่นานพวกเขาจะถูกตัดเหมือนหญ้า เหี่ยวเฉาเหมือนพืชเขียว
2Want snel versmachten zij als gras, Verkwijnen als het groen gewas.
3จงวางใจในพระยาห์เวห์ และทำความดี อาศัยอยู่ในแผ่นดิน และเพลิดเพลินกับทุ่งหญ้าที่ปลอดภัย
3Vertrouw op Jahweh, doe enkel wat goed is, Blijf in het land en wees trouw;
4จงชื่นชมยินดีในพระยาห์เวห์ แล้วพระองค์จะให้สิ่งที่ใจท่านปรารถนา
4Dan zult gij uw vreugde in Jahweh vinden, En Hij schenkt u wat uw hart maar begeert.
5ฝากเส้นทางชีวิตไว้กับพระยาห์เวห์ วางใจในพระองค์ แล้วพระองค์จะลงมือทำ
5Laat Jahweh uw weg maar bestieren, Verlaat u op Hem: Hij zal hem banen;
6พระองค์จะทำให้ความชอบธรรมของท่านส่องออกมาดุจแสง และความยุติธรรมแจ่มชัดดุจแดดเที่ยงวัน
6Als de dageraad doet Hij uw gerechtigheid stralen, En als de middagzon uw recht.
7จงสงบนิ่งต่อพระยาห์เวห์ และรอพระองค์อย่างอดทน อย่าร้อนใจเพราะคนที่รุ่งเรืองในทางของตน หรือเพราะคนที่ทำแผนชั่วให้สำเร็จ
7Berust in Jahweh, En blijf op Hem hopen. Benijd niet den man, wien het goed gaat, Ofschoon hij bedriegt.
8จงเลิกโกรธและละความเดือดดาล อย่าร้อนใจ เพราะมันมีแต่จะพาไปทำชั่ว
8Word niet toornig en maak u niet boos, Wind u niet op: gij maakt het maar erger;
9คนทำชั่วจะถูกตัดออก แต่คนที่เฝ้ารอพระยาห์เวห์จะได้รับแผ่นดินเป็นมรดก
9Want de zondaars worden vernietigd, Maar die op Jahweh vertrouwen, bezitten het Land!
10อีกไม่นาน คนชั่วจะไม่มีอีก มองหาที่ของเขา ก็ไม่พบแล้ว
10Een ogenblik maar: en de zondaar is er niet meer; Gij zoekt naar zijn plaats: hij is weg.
11แต่คนถ่อมใจจะได้รับแผ่นดินเป็นมรดก และชื่นชมกับสันติสุขอันล้นเหลือ
11Maar de rechtschapenen bezitten het Land, En genieten een heerlijke vrede.
12คนชั่ววางแผนเล่นงานคนชอบธรรม ขบเขี้ยวเคี้ยวฟันใส่เขา
12De zondaar belaagt den rechtvaardige, En knarst tegen hem op zijn tanden;
13องค์เจ้านายหัวเราะเยาะเขา เพราะเห็นว่าวันของเขากำลังมาถึง
13Maar de Heer lacht hem uit, Want Hij ziet zijn Dag al nabij.
14คนชั่วชักดาบและโก่งคันธนู เพื่อโค่นคนยากจนและขัดสน เพื่อฆ่าคนที่เดินในทางซื่อตรง
14De bozen trekken hun zwaard en spannen hun boog, Om ongelukkigen en armen te doden, en vromen te slachten;
15ดาบของพวกเขาจะทะลุใจตัวเอง คันธนูจะถูกหัก
15Maar het zwaard dringt in hun eigen hart, En hun bogen worden gebroken.
16สิ่งเล็กน้อยที่คนชอบธรรมมี ยังดีกว่าความมั่งคั่งของคนชั่วมากมาย
16Beter het weinige, dat de rechtvaardige heeft, Dan de geweldige rijkdom der bozen;
17เพราะแขนของคนชั่วจะถูกหัก แต่พระยาห์เวห์ค้ำจุนคนชอบธรรม
17Want de arm der bozen wordt gebroken, Maar voor de rechtvaardigen is Jahweh een stut.
18พระยาห์เวห์รู้วันเวลาของคนไร้ตำหนิ มรดกของพวกเขาจะอยู่ตลอดไป
18Jahweh zorgt voor de dagen der vromen, En hun erfdeel blijft eeuwig bijeen;
19พวกเขาจะไม่ผิดหวังในยามเลวร้าย ในวันอดอยากก็ยังอิ่ม
19Ze staan niet verlegen in tijden van rampspoed, Maar worden verzadigd bij hongersnood.
20แต่คนชั่วจะพินาศ ศัตรูของพระยาห์เวห์จะเป็นเหมือนความงามของท้องทุ่ง พวกเขาจะเลือนหาย— เลือนหายเหมือนควัน
20Maar de goddelozen gaan zeker te gronde, En hun kinderen bedelen om brood; Jahweh’s vijanden vergaan als de glorie der velden, En verdwijnen als rook.
21คนชั่วยืมแล้วไม่คืน แต่คนชอบธรรมให้ด้วยใจกว้าง
21De boze moet lenen, en kan niet betalen, De gerechte kan mild zijn en geven;
22คนที่พระองค์อวยพรจะได้รับแผ่นดินเป็นมรดก คนที่พระองค์สาปแช่งจะถูกตัดออก
22Want wien Hij zegent, bezit het Land, Maar wien Hij vervloekt, wordt vernietigd.
23พระยาห์เวห์ทำให้ย่างก้าวของคนมั่นคง พระองค์พอใจในทางของเขา
23Jahweh leidt de schreden der mensen, Hij richt overeind, wiens gedrag Hem behaagt;
24แม้สะดุด เขาก็ไม่ล้มลง เพราะพระยาห์เวห์ใช้มือพยุงเขาไว้
24En mocht hij al wankelen, toch zal hij niet vallen, Want Jahweh houdt hem bij de hand.
25ฉันเคยเป็นหนุ่ม และตอนนี้แก่แล้ว แต่ไม่เคยเห็นคนชอบธรรมถูกทอดทิ้ง หรือลูกหลานของเขาต้องขออาหารกิน
25Ik was jong, en nu ben ik oud: Maar nooit heb ik een vrome verlaten gezien;
26เขาเมตตาและให้ยืมอยู่ตลอดวัน ลูกหลานของเขาได้รับพร
26Steeds kan hij nog mild zijn en aan anderen lenen, Zijn nageslacht tot zegen zijn.
27จงหันจากความชั่ว แล้วทำความดี แล้วจะอยู่อย่างมั่นคงตลอดไป
27Houd u ver van het kwaad, en doe enkel wat goed is, Dan woont gij veilig voor eeuwig;
28เพราะพระยาห์เวห์รักความยุติธรรม และไม่ทอดทิ้งผู้ภักดีของพระองค์ พวกเขาได้รับการรักษาไว้ตลอดไป แต่ลูกหลานของคนชั่วจะถูกตัดออก
28Want Jahweh heeft de gerechtigheid lief, En nimmer verlaat Hij zijn vromen. De bozen worden voor eeuwig vernietigd, En het geslacht van de zondaars vergaat;
29คนชอบธรรมจะได้รับแผ่นดินเป็นมรดก และอาศัยอยู่ในนั้นตลอดไป
29Maar de rechtvaardigen bezitten het Land, En blijven er altijd in wonen.
30ปากของคนชอบธรรมพูดถึงปัญญา ลิ้นของเขาพูดความยุติธรรม
30De mond van den rechtvaardige verkondigt de wijsheid, En zijn tong spreekt wat recht is.
31บทบัญญัติของพระเจ้าของเขาอยู่ในใจ ย่างก้าวของเขาจะไม่ลื่นไถล
31Hij draagt de Wet van zijn God in zijn hart; Nooit wankelen zijn schreden.
32คนชั่วจับตาดูคนชอบธรรม และหาทางฆ่าเขา
32De boze loert op den vrome, En zoekt hem te doden;
33พระยาห์เวห์จะไม่ปล่อยเขาไว้ในมือคนชั่ว และจะไม่ตัดสินให้เขาผิดเมื่อถูกพิพากษา
33Maar Jahweh laat hem niet in zijn macht, En duldt geen veroordeling, als men hem richt.
34จงเฝ้ารอพระยาห์เวห์ และรักษาทางของพระองค์ พระองค์จะยกท่านขึ้นให้ได้รับแผ่นดินเป็นมรดก เมื่อคนชั่วถูกตัดออก ท่านจะเห็นกับตา
34Blijf op Jahweh vertrouwen, En bewandel zijn wegen; Dan stelt Hij u in het bezit van het Land, En zult gij de verdelging der zondaars aanschouwen.
35ฉันเคยเห็นคนชั่วผู้มีอำนาจมาก แผ่กิ่งก้านเหมือนต้นไม้เขียวในผืนดินของตัวเอง
35Ik heb een zondaar gezien in zijn vermetele trots, Hoog als een Libanon-ceder;
36แต่พอเขาผ่านไป เขาก็ไม่มีแล้ว ตามหา แต่หาไม่พบ
36Ik ging voorbij: zie, hij was er niet meer; Ik zocht hem, hij was niet te vinden.
37จงสังเกตคนไร้ตำหนิ และมองดูคนซื่อตรง เพราะคนรักสันติมีอนาคต
37Geef acht op den vrome en let op den brave: Het kroost van dien man leeft in vrede;
38แต่คนล่วงละเมิดจะถูกทำลายพร้อมกัน อนาคตของคนชั่วจะถูกตัดขาด
38Maar de zondaars gaan allen te gronde, De kinderen der bozen worden vernietigd.
39ความรอดของคนชอบธรรมมาจากพระยาห์เวห์ พระองค์คือที่มั่นของพวกเขาในยามทุกข์
39Jahweh is het heil van de vromen, Hun toevlucht in tijden van nood;
40พระยาห์เวห์ช่วยและกู้พวกเขา ช่วยให้พ้นจากคนชั่วและช่วยให้รอด เพราะพวกเขาลี้ภัยในพระองค์
40Jahweh helpt en beschermt hen tegen de bozen, Hij redt hen, als ze vluchten tot Hem!
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.