Matteus 3
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1In die dagen trad Johannes de Doper op, en preekte in de woestijn van Judea.
1Того часу прийшов Йоан Хреститель, проповідуючи в пустинї Юдейській,
2Hij sprak: Bekeert u, want het rijk der hemelen is nabij.
2і глаголючи: Покайтесь: наближилось бо царство небесне.
3Welnu, deze is het, van wien de profeet Isaias gesproken heeft, toen hij zeide: “De stem van een roepende in de woestijn: Bereidt de weg des Heren, Maakt recht zijn paden.”
3Се ж бо той, про кого казав пророк Ісаїя, глаголючи: Голос покликуючого в пустинї: Приготовте дорогу Господню, правими робіть стежки Його.
4Deze Johannes droeg een kemelharen mantel, en een leren heupkleed om zijn lenden; zijn voedsel bestond uit sprinkhanen en wilde honing.
4Сам же Йоан мав одежу свою з верблюжого волосу, й шкуряний пояс на поясницї своїй; а їдою його була сарана та дикий мед.
5Toen liep Jerusalem en heel Judea en de ganse Jordaanstreek tot hem uit.
5Тодї виходили до него Єрусалим, і вся Юдея, і вся околиця Йорданська,
6En, terwijl ze hun zonden beleden, lieten ze zich door hem dopen in de Jordaan.
6і хрестились в Йорданї від него, сповідаючи гріхи свої.
7Toen hij echter ook vele farizeën en sadduceën om zijn doopsel zag komen, zei hij hun: Adderenbroed, wie heeft u geleerd, de komende wraak te ontvluchten?
7Та, бачивши він, що багато Фарисеїв і Садукеїв приходило до хрещення його, сказав до них: Кодло гадюче, хто остеріг вас, щоб утїкали від настигаючого гнїва?
8Brengt dus waardige vruchten van boetvaardigheid voort,
8Принесїть же овощ достойний покаяння;
9en doet niet, alsof gij denkt bij uzelf: We hebben Abraham tot vader. Want ik zeg u, dat God de macht heeft, om uit deze stenen voor Abraham kinderen te verwekken.
9і не думайте казати в серцї своєму: В нас батько Авраам; бо я вам кажу, що Бог зможе з сього каміння підняти дїтей Авраамові.
10Reeds ligt de bijl aan de wortel der bomen. Iedere boom, die geen goede vruchten draagt, zal omgehouwen worden en in het vuur geworpen.
10Вже ж і сокира коло кореня дерева лежить; тим кожне дерево, що не дає доброго овощу, зрубують, та й кидають ув огонь.
11Ik doop u met water ter bekering, maar die na mij zal komen, is machtiger dan ik; en ik ben niet waardig, Hem zijn schoeisel aan te dragen. Hij zal u dopen met den Heiligen Geest en met vuur.
11Я оце хрещу вас водою на покаяннє; а Той, що йде за мною, потужнїщий від мене; недостоєн я Йому й обувя носити: Він вас хрестити ме Духом сьвятим та огнем.
12Hij heeft zijn wan in de hand, en Hij zal zijn dorsvloer zuiveren; de tarwe verzamelen in de schuur, maar het kaf verbranden in onuitblusbaar vuur.
12У руцї в Него лопата, й перечистить Він тік свій, і збере пшеницю свою в клуню, а полову спалить огнем невгасимим.
13Nu kwam ook Jesus van Galilea naar de Jordaan tot Johannes, om Zich door hem te laten dopen.
13Приходить тодї Ісус із Галилеї на Йордан до Йоана, охреститись від него.
14Maar Johannes verzette er zich tegen, en sprak: Ik moet gedoopt worden door U, en Gij komt tot mij?
14Та Йоан не допускав Його, говорячи: Менї самому треба в Тебе хреститись, а Ти прийшов до мене?
15Jesus antwoordde hem: Laat het nu toe; want zo betaamt het ons, alle gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij Hem toe.
15Відказуючи йому Ісус, рече до него: Допусти тепер, бо так годить ся нам чинити всяку правду. Тодї допустив Його.
16Nadat Jesus de doop had ontvangen, steeg Hij onmiddellijk uit het water. En zie, de hemelen openden zich, en Hij zag den Geest Gods als een duif nederdalen en over Zich komen.
16І охрестившись Ісус, вийшов зараз із води; й ось відчинилось Йому небо, і побачив він Духа Божого, що спустивсь як голуб, і злинув на Него.
17En zie, een stem uit de hemel sprak: Deze is mijn beminde Zoon, in wien Ik mijn welbehagen heb.
17І ось голос із неба, глаголючи: Се мій Син любий, що я вподобав Його.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.