Psalmen 58
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Londona Biblio (Esperanto, 1910)
1Voor muziekbegeleiding; “Verderf niet.” Een puntdicht van David. Meent gij nu werkelijk recht te spreken, En met rechtvaardigheid de mensen te richten?
1Ĉu efektive vi parolas veron, vi potenculoj? Ĉu vi juste juĝas, homidoj?
2Neen, in uw hart pleegt gij onrecht, En uw handen banen de weg voor geweld in het land.
2Kontraŭe, en la koro vi faras krimaĵojn, Sur la tero vi pesas per manoj rabemaj.
3De schurken: ze zijn ontaard van hun moederschoot af; De leugenaars: sinds hun geboorte bedorven!
3De la momento de sia naskiĝo la malvirtuloj devojiĝis; De el la ventro de sia patrino la mensogantoj ekeraris.
4Ze zijn venijnig als giftige adders; Ze stoppen hun oren als dove slangen,
4Ilia veneno estas simila al la veneno de serpento, De surda aspido, kiu ŝtopas sian orelon,
5Die niet luisteren naar de stem van bezweerders, En van bekwame belezers.
5Kiu ne aŭskultas la vortojn de sorĉistoj, Kiel ajn lertaj en sia arto.
6O God, sla ze de tanden stuk in hun mond; Jahweh, ruk uit het gebit van dat broed!
6Ho Dio, frakasu iliajn dentojn en ilia buŝo; Frakasu la makzelojn de la junaj leonoj, ho Eternulo!
7Laat ze verdwijnen als wegzinkend water, Als gras langs de weg, dat verdort,
7Ili forverŝiĝu kiel akvo, kiu malaperas; Kiam Li ĵetos Siajn sagojn, ili estu kiel buĉitaj.
8Als een slak, die zich oplost in slijm, Als een misdracht, die het zonlicht niet ziet;
8Kiel limako konsumiĝanta ili malaperu, Kiel abortaĵo virina, kiu ne vidis la sunon;
9Voordat de doornen hun ketels verhitten: Onverbrand of verbrand, Hij vaagt ze weg.
9Antaŭ ol viaj kaldronoj eksentos la dornojn, Ilin vivajn kaj freŝajn pereigu la ventego.
10De rechtvaardige zal zich verheugen, Als hij die wraak mag aanschouwen, En met zijn voeten plassen in het bloed van die schurken. En de mensen zullen dan zeggen:
10Ĝojos la virtulo, kiam li vidos venĝon; Li lavos siajn piedojn en la sango de la malvirtulo.
11“Toch heeft het zijn nut, rechtvaardig te zijn; Toch is er een God, die recht doet op aarde!”
11Kaj la homoj diros: Ekzistas rekompenco por la virtulo, Ekzistas Dio, juĝanto sur la tero.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.