2 Samuel
Chapter 6
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Daarna verzamelde David alle strijdbare mannen in Israël, wel dertigduizend man.
1І зібрав ізнов Давид усїх вибранцїв в Ізраїлї, трийцять тисяч.
2David trok op, en ging met al het volk, dat bij hem was, naar Baäla van Juda, om vandaar Jahweh’s ark te halen, wier naam naar de Naam van Jahweh der heirscharen, die op de cherubs troont, is genoemd.
2І пустивсь Давид і всї люде, що мав при собі з мужів Юдиних, щоб перенести Божу скриню, що при нїй взивано імя Господа Саваота седячого на херувимах,
3Nadat men de ark van God had uitgedragen uit het huis van Abinadab, dat op de heuvel lag, vervoerde men haar op een nieuwe wagen, die door Oezza en Achjo, de zonen van Abinadab, werd begeleid.
3І поставили Божу скриню на нову колесницю і вивезли її з Аминадабового дому, що стояв на горі, а провожали колесницю сини Аминадабові, Оза й Ахіо.
4Oezza ging naast de ark van God, Achjo ging voor de ark uit;
4А коли їхали з скринею Господньою з дому Аминадабового, що наверх гори Габаа, йшов Ахіа навперід ковчега.
5David en heel het volk van Israël dansten geestdriftig voor Jahweh uit, onder gezang en het spelen van citers, harpen, tamboerijnen, bekkens en cymbalen.
5Давид же і всї сини Ізрайлеві йграли перед Господом на всяких музичних приборах із дерева кипарисового, і на цитрах, гарфах, бубнах, гуслах й цимбалах.
6Maar bij de dorsvloer van Nakon gekomen, stak Oezza zijn hand uit naar de ark van God en hield haar tegen, omdat de runderen haar lieten kantelen.
6Як же дойшли до току Нахонового, ухопив Оза за Божу скриню щоб її придержати, бо воли зноровились і нахилили її.
7Toen ontbrandde de toorn van Jahweh tegen Oezza, en God sloeg hem aldaar om die onachtzaamheid, zodat hij daar dood bleef liggen naast de ark van God.
7І запалав Господень гнїв на Озу й вбив його там на місцї Господь за його сьмілость, і він умер таки коло скринї.
8David was diep bedroefd, omdat Jahweh zo heftig tegen Oezza was losgebroken. En men noemde die plek Péres-Oezza: zo heet ze nog.
8І зажуривсь Давид тяжко, що Господь убив Озу. Місце се називаєсь „Убиттє Ози‟ й по сей день.
9David kreeg toen vrees voor Jahweh, en sprak: Hoe zou de ark van Jahweh naar mij kunnen komen?
9І злякся того дня Давид перед Господом і промовив: Як же ж то ввійти скринї Господнїй до мене?
10En hij wilde de ark niet bij zich opnemen in de Davidstad, maar gaf haar een onderdak in het huis van Obed-Edom, den Gatiet.
10І не було Давидові втїхи в тому, щоб Господню скриню перевезти до себе, в Давидів город, і звелїв завезти її в господу Обедедома Гетїя.
11Drie maanden bleef de ark van Jahweh in het huis van Obed-Edom, den Gatiet, en Jahweh zegende Obed-Edom met heel zijn gezin.
11І перебувала скриня Господня в дому Обедедома Гетїя три місяцї, і благословив Господь Обедедома і всю господу його.
12Toen nu aan koning David bekend werd, dat Jahweh het huis van Obed-Edom, en alles wat van hem was, zegende terwille van de ark van God, trok David op, en bracht op feestelijke wijze de ark van God uit het huis van Obed-Edom naar de Davidstad over.
12Як же сказано цареві Давидові: Ось Господь благословив господу Обедедомову й все, що в його, задля Божої скринї, то пійшов Давид, та й перенїс у веселому походї Божу скриню з господи Обедедомової в Давидове місто.
13Nadat de dragers van Jahweh’s ark zes schreden gezet hadden, slachtte hij een stier en een mestkalf.
13І за кожним разом, як переносчики уйшли шість кроків, приношено в жертву бика й барана.
14Geestdriftig danste David voor Jahweh uit, slechts met een linnen borstkleed omhangen.
14Сам же Давид плясав із усієї сили перед Господом, а був при тому підперезаний лняним ефодом.
15En onder gejuich en hoorngeschal bracht David met heel het volk van Israël de ark van Jahweh over.
15Так переносили Давид і ввесь дом Ізрайлїв скриню Господню з веселощами й трубними звуками.
16Toen de ark van Jahweh in de Davidstad aankwam, gluurde Mikal, de dochter van Saul, door het venster. Zij zag koning David springend en dansend voor Jahweh uitgaan, en verachtte hem in haar hart.
16Як же ввіходила скриня Господня в Давидів город, Саулова дочка Мелхола дивилась у вікно, а бачучи, як царь Давид плясав і танцював перед Господом, почула в серцї погорду до його.
17Men bracht de ark van Jahweh binnen, en zette haar op haar plaats, midden in de tent, die David voor haar had gespannen. Daarna droeg David brand- en vredeoffers voor Jahweh op;
17І принесли скриню Господню, й поставили її на призначеному місцї в наметї, що його Давид про неї спорудив, і принїс Давид перед Господом усепаленнє й жертву мирну.
18en toen hij de brand- en vredeoffers had opgedragen, zegende hij het volk in de Naam van Jahweh der heirscharen.
18А скінчивши Давид приношеннє всепалення й жертов мирних, благословив народ імям Господа Саваота.
19Tenslotte hield hij voor heel het volk, voor heel de menigte van Israël, een uitdeling; en allen, mannen als vrouwen, kregen een broodkoek, een stuk vlees en een druivenkoek. Toen ging heel het volk naar huis.
19І роздав усьому народові, всьому Ізраїлеві, чоловікам і жінкам, кожному по книшу, й по кусневі печенї та пирогові смаженому в олїї, й розійшлись усї по домах.
20Toen David terugkeerde, om zijn gezin te begroeten, ging Mikal, de dochter van Saul, hem tegemoet en zeide: Wat heeft de koning van Israël vandaag een eerbied afgedwongen, door zich heden onder de ogen van zijn minste slavinnen te ontbloten, zoals de eerste de beste van het gepeupel doet!
20Як прийшов же додому Давид привітати родину свою, зустріла Давида Саулова дочка, Мелхола, словами: Але ж бо й поважно виступав сьогоднї царь Ізрайлїв, обнажуючись перед очима служебок підданих своїх, як обнажуєсь хиба який пустяка-весельчак.
21Maar David zeide tot Mikal: Het was voor Jáhweh, dat ik danste! Zo waar Jahweh leeft, die mij uitverkoren heeft boven uw vader en boven heel zijn familie, en mij heeft aangesteld tot leider van Israël, het volk van Jahweh: voor Jahweh zal ik blijven dansen,
21І відказав Давид Мелхолї: Перед Господом, що волїв вибрати мене нїж отця твого й ввесь дом його, та поставив мене князем над народом Господнїм, над Ізраїлем, перед тим Господом я буду плясати й грати;
22en mij nog dieper vernederen; zal ik verachtelijk zijn in uw ogen, maar in ere bij de genoemde slavinnen.
22А навіть впокорюсь і буду понижувати себе ще більш нїж сьогоднї в очах моїх, а в служебок, що ти про них кажеш, я ще більшої зажию слави.
23En Mikal, de dochter van Saul, bleef kinderloos tot aan de dag van haar dood.
23Тим то в Мелхоли, дочки Саулової, не було дитини до самої смертї її.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.