Handelingen 24
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Vijf dagen later kwam de de hogepriester Ananias met enige oudsten, vergezeld van een advocaat, Tertullus genaamd, om Paulus bij den landvoogd aan te klagen.
1По пяти ж днях прийшов архиєрей Ананїя з старшими і з речником, Тертилом якимся, і озвались вони перед старостою проти Павла.
2Toen deze vóórgeroepen was, begon Tertullus zijn aanklacht in deze vorm: Dat wij, dank zij u, volkomen vrede genieten, en dat door uw beleid veel verbeteringen voor dit volk tot stand zijn gekomen,
2Як же покликано його, почав винувати Тертил, говорячи: Дознаючи через тебе великого впокою і всякого добра, що стало ся народові сьому за твоїм дбаннєм,
3dat, edele Felix, erkennen we met grote dankbaarheid altijd en overal.
3завсїди і всюди приймаємо (се), вельможний Феликсе, з усякою дякою.
4Maar om u niet te lang op te houden, bid ik u, met uw gewone welwillendheid een ogenblik naar ons te luisteren.
4Та, щоб довго тобі не докучати, благаю вислухати нас у коротцї, твоєю ласкою.
5We hebben namelijk bevonden, dat deze man een pest is; dat hij onrust stookt onder de Joden van heel de wereld; dat hij een voorman van de sekte der Nazareërs is;
5Знайшли бо ми, що чоловік сей зараза, й зачинщик бучи між усїма Жидами по вселеннїй, і ватажок Назорейської єресї,
6en dat hij zelfs heeft getracht, de tempel te ontwijden. We hebben hem dus gegrepen, en wilden hem oordelen naar onze Wet.
6що й церкву зважив ся опоганити; ми його й узяли, й хотїли по нашому закону судити.
7Maar de hoofdman Lúsias is tussenbeide gekomen, heeft hem met groot geweld aan onze handen ontrukt,
7Пристигши ж Лизия тисячник, з великим насильством узяв його з наших рук,
8en zijn aanklagers gelast, voor u te verschijnen. Zo ge hem er naar vraagt, kunt ge zelf alles van hem te weten komen, waarvan wij dezen hier beschuldigen.
8звелївши винувателям його йти до тебе. Від него можеш сам, як схочеш, про все дознатись, за що ми винуємо його.
9De Joden vielen hem bij, en verzekerden, dat het inderdaad zó was.
9Пристали ж (на се) й Жиди, говорячи, що се так єсть.
10Op een wenk van den landvoogd, dat Paulus mocht spreken, antwoordde hij aldus Daar ik weet, dat gij sedert vele jaren rechter zijt over dit volk, ga ik welgemoed mij verantwoorden.
10Озвав ся Павел, як кивнув йому староста говорити: Знаючи від многих лїт тебе суддею народові сьому, тим раднїщ про себе відповідаю.
11Ge kunt u vergewissen, dat het niet meer dan twaalf dagen geleden is, dat ik naar Jerusalem ben gekomen, om te aanbidden.
11Ти можеш розвідатись, що не більш, як дванайцять днїв, відколи я прийшов поклонитись у Єрусалим.
12Ook heeft men mij met niemand zien redetwisten of een volksoploop zien verwekken, noch in de tempel, noch in de synagogen,
12Та й нї в церкві не знайшли мене, щоб я до кого промовляв, або робив усобицю в народї, нї по школах, нї в городї;
13noch in de stad. Ook kunnen ze u niet bewijzen, waarvan ze mij nu beschuldigen.
13анї довести менї не можуть, у чому тепер винують мене.
14Maar dit beken ik u wel: Ik dien den God onzer vaderen volgens de richting, die zij ketterij gelieven te noemen, ofschoon ik toch alles geloof, wat in de Wet en de Profeten geschreven staat.
14Визнаю ж тобі се, що в сьому путю, котрий вони звуть єрессю, служу так отецькому Богу, віруючи всьому, що по закону і що в пророках написане,
15Op God heb ik de hoop gebouwd, die ze zelf ook delen, dat er een verrijzenis zal zijn van rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
15маючи надїю в Бозї, чого й самі оцї сподївають ся, що має бути воскресеннє мертвих праведних і неправедних.
16En daarom doe ik mijn best, altijd een onbesmet geweten te hebben voor God en voor de mensen.
16На те я й подвизаюсь, щоб мати по всяк час чисту совість перед Богом і людьми.
17Welnu, na een afwezigheid van meerdere jaren keerde ik terug, om aalmoezen aan mijn volk te brengen, en om offers op te dragen.
17По многих же лїтах прийшов я зробити милостиню народові моєму та приноси.
18Terwijl ik me hiertoe aan het reinigen was, vonden enige Joden uit Azië mij in de tempel; dus zonder volksoploop en zonder rumoer.
18У сьому знайшли мене очищеного в церкві, — анї з натовпом, анї з бучею, — деякі Жиди з Азиї,
19Die lieden dus hadden eigenlijk voor u moeten verschijnen, en mij in staat van beschuldiging stellen, zo ze iets tegen mij hadden in te brengen.
19котрим би треба перед тебе прийти й винувати, коли б що мали проти мене.
20Of laten zij hier eens zeggen, aan welk misdrijf ze mij schuldig hebben bevonden, toen ik voor de Hoge Raad ben verschenen;
20Або самі оцї нехай скажуть, чи знайшли в менї яку неправду, як стояв я перед радою,
21of het moest gaan over dat éne woord, dat ik uitriep, toen ik in hun midden stond: Om de verrijzenis der doden sta ik thans voor u terecht.
21окрім одного голосу сього, котрим покликнув, стоячи між ними, що за воскресеннє мертвих я суд приймаю сьогоднї од вас.
22Ofschoon Felix zeer goed bekend was met al wat deze richting betrof, verdaagde hij toch het proces, en zeide tot hen: Wanneer de overste Lúsias hier is gekomen, zal ik uw zaak onderzoeken.
22Вислухавши ж се Феликс, відослав їх, докладнїщ довідавшись про путь сей, говорячи: Як Лизия тисячник прийде, розберу вашу справу.
23Hij beval den honderdman, hem wel gevangen te houden, maar het hem niet moeilijk te maken, en niemand van zijn vrienden te beletten, hem te verzorgen.
23І звелїв сотникові стерегти Павла, й давати волю, і нїкому з його знакомих не забороняти послугувати або приходити до него.
24Enige dagen later lieten Felix en zijn vrouw Drusilla, die een jodin was, Paulus ontbieden, en hoorden hem over het geloof in Christus Jesus.
24По кількох же днях, прибувши Феликс із жінкою своєю Друзилою, Жидівкою, покликав Павла, і слухав його про віру в Христа.
25Maar toen hij sprak van rechtvaardigheid, kuisheid en het toekomstig oordeel, werd Felix bang, en zeide: Ga nu maar heen; als ik tijd heb, zal ik u weer laten roepen.
25Як же говорив він про правду і здержаннє, і про суд, що має бути, злякавшись Феликс, озвав ся: Тепер годї, іди; мавши час, покличу тебе.
26Hij hoopte meteen, dat Paulus hem geld zou geven; ook daarom ontbood hij hem vaak, en onderhield zich met hem.
26До того ж сподївав ся, що й грошей здобуде від Павла, щоб випустив його, тим же й часто прикликаючи його, бесїдував з ним.
27Maar na verloop van twee jaren kreeg Felix tot opvolger Pórcius Festus. En daar Felix de Joden aan zich wilde verplichten, liet hij Paulus in de gevangenis achter.
27Як же скінчилось два роки, перемінив Феликса Порцій Фест, а Феликс хотячи угодити Жидам, оставив Павла закованого.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.