Колосян
Chapter 3

Колосян

Kulish and Puluj Bible (…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

Колосян 3

Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Коли ж оце воскресли ви з Христом, то гірнього шукайте, де Христос сидить по правицї в Бога.
1Zo gij dan met Christus verrezen zijt, zoekt dan ook naar wat hierboven is: waar Christus is, gezeten aan Gods rechterhand.
2Про гірнє думайте, (а) не про земне.
2Weest bedacht op wat daarboven is, en niet op het aardse.
3Умерли бо ви, і життє ваше поховане з Христом у Бозї.
3Want gij zijt dood, en uw leven is met Christus verborgen in God.
4Коли ж Христос, життє ваше, явить ся, тодї і ви з Ним явитесь у славі.
4Maar wanneer Christus, ons leven, wordt geopenbaard, dan zult ook gij geopenbaard worden in glorie, tezamen met Hem.
5Оце ж умертвіть члени ваші, що на землї: блуд, нечистоту, страсть, похоть лиху, зажерливість, котра єсть ідолослуженнє,
5Doodt dan wat aards is in uw leden: ontucht, onreinheid, drift, boze begeerte en hebzucht, welke ten slotte afgoderij is;
6за се йде гнїв Божий на синів неслухняности,
6door dit alles komt Gods toorn.
7між котрими і ви колись ходили, як жили між ними.
7Zeker, dit alles hebt gij vroeger gedaan, toen gij daarin hebt geleefd.
8Тепер же покиньте й ви те все: гнїв, ярость, злобу, лайку, соромні слова од уст ваших.
8Maar thans moet ook gij dit alles afleggen: toorn, gramschap, boosheid, laster, oneerbare taal uit uw mond;
9Не кривіть словом один проти одного, скинувши з себе давнього чоловіка з дїлами його,
9bedriegt elkander niet. Want gij hebt den ouden mens afgelegd met zijn practijken,
10і одягнувшись у нового, що обновляєть ся в розумі по образу Того, хто сотворив його,
10en aangetrokken den nieuwen mens, die tot beter inzicht vernieuwd is naar het beeld van zijn Schepper.
11де нема Грека, нї Жидовина, обрізання і необрізання, чужоземця і Скита, невільника й вільного, а все й у всьому Христос.
11Zó is er geen Griek meer of Jood, geen besnedene of onbesnedene, geen barbaar en geen Scyt, geen slaaf en geen vrije; maar Christus is alles in allen.
12Одягнїть ся ж оце, яко вибрані Божі, сьвяті і любі, в милость милосердя, добрість, смирність, тихість і довготерпіннє,
12Bekleedt u dan, als Gods uitverkoren heiligen en geliefden, met innige barmhartigheid, met goedheid, ootmoed, zachtheid en lankmoedigheid.
13терплячи один одного й прощаючи собі, коли хто на кого має жаль; яко ж і Христос простив вам, так і ви.
13Weest verdraagzaam jegens elkander en vergeeft elkander, als gij over elkaar hebt te klagen; zoals de Heer ú heeft vergeven, zo moet ook gij het doen.
14Над усїм же сим любов, котра єсть союз звершення,
14Trekt over dit alles de liefde aan, die de band is der volmaaktheid.
15і мир Божий нехай править в серцях ваших, до котрого вас і покликано в одному тїлї, та й будьте вдячні.
15In uw harten heerse ook de vrede van Christus; want daartoe zijt gij tot één lichaam geroepen. Weest dankbaar bovendien!
16Слово Христове нехай вселяєть ся в вас, багате на всяку премудрість, навчаючи і наставляючи самих себе псальмами та гимнами, та піснями духовними, у благодатї сьпіваючи в серцю вашому Господеві.
16Moge Christus’ woord in u wonen in rijke overvloed! Leert en vermaant elkander met allerlei wijsheid! Looft God in uw harten op lieflijke wijze, met psalmen, gezangen en geestelijke liederen.
17І все, що нї робите словом або дїлом, усе в імя Господа Ісуса, дякуючи Богу й Отцеві через Него.
17En al wat gij doet, door woord of door daad, doet het in de naam van Jesus den Heer, en betuigt dan door Hem aan God den Vader uw dank!
18Жінки, коріть ся своїм чоловікам, яко ж подобає в Господї.
18Gij vrouwen, weest onderdanig aan uw mannen, zoals het uw plicht is in den Heer.
19Чоловіки, любіть жінок і не бувайте гіркими до них.
19Gij mannen, hebt uw vrouwen lief, en weest niet ongenietbaar jegens haar.
20Дїти, слухайте родителїв у всьому, се бо угодно Господеві.
20Gij kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles; want dit is welgevallig in den Heer.
21Батьки, не роздражнюйте дїтей ваших, щоб не внивали.
21Gij vaders, verbittert uw kinderen niet, opdat ze niet onverschillig gaan worden.
22Слуги, слухайте у всьому панів по тїлу, не перед очима тільки служачи, яко чоловіковгодники, а в простотї серця, боячись Бога;
22Gij slaven, gehoorzaamt uw aardse meesters in alles, niet als ogendienaars, die mensen behagen, maar in eenvoud van hart, uit vrees voor den Heer.
23і все, що робите, від душі робіть, яко ж Господу, а не людям,
23Al wat gij doet, doet het van harte, als voor den Heer en niet als voor mensen;
24знаючи, що від Бога приймете нагороду наслїддя; Господу бо Христу служите.
24gij weet toch, dat gij van den Heer het erfdeel als loon zult ontvangen. Weest slaven van Christus, den Heer!
25А хто кривдить, прийме у чому скривдив, і нема вважання на лице (в Бога).
25Want wie onrecht doet, zal zijn onrecht moeten boeten; er bestaat geen aanzien van personen.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.