1 Мойсея
Chapter 13
Kulish and Puluj Bible (…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

1 Мойсея 13

Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1І зійшов же Аврам геть із Египту з жінкою своєю й усїм, що мав, і Лот із ним, на полуднє.
1Zo trok Abram met zijn vrouw en al zijn bezittingen uit Egypte weg, de Négeb in, en Lot met hem.
2І був Аврам богатий вельми на скотину, на срібло й на золото.
2Abram was zeer rijk aan vee, aan zilver en goud.
3І ходив мандрівками своїми все далїй і далїй із полуденньої землї до Бетеля, аж до того місця, де був його намет перше між Бетелем та Гаєм,
3Van de Négeb trok hij geleidelijk voort naar Betel, naar de plaats tussen Betel en Ai, waar al eerder zijn tent had gestaan,
4На те врочище, де спорудив жертівника вперве. І призвав там Аврам імя Господнє.
4en waar hij vroeger een altaar had gebouwd; daar riep Abram de naam van Jahweh aan.
5І в Лота, що ходив з Аврамом, були й вівцї і товар і намети.
5Ook Lot, die met Abram was meegetrokken, bezat schapen, runderen en tenten.
6І не вмішчала їх земля, щоб їм жити вкупі; бо майно їх було велике, так що не можна було жити вкупі.
6De landstreek echter liet niet toe, dat zij bij elkaar bleven wonen; want hun bezittingen waren zo groot, dat zij onmogelijk bij elkaar konden blijven.
7І була звяга між чабанами скоту Аврамового і між чабанами скоту Лотового. Канаанеї ж і Ферезії тодї жили на землї тїй.
7Telkens rees er twist tussen de veeherders van Abram en de veeherders van Lot; bovendien woonden ook de Kanaänieten en de Perizzieten nog in die streek.
8Рече ж Аврам Лотові: Нехай не буде звяги між мною й тобою і між чабанами моїми та чабанами твоїми: бо ми брати.
8Daarom zei Abram tot Lot: Laat er toch geen onenigheid zijn tussen mij en u, tussen mijn en uw herders; want we zijn toch broers van elkaar.
9Хиба ж не вся земля перед тобою? Відлучись від мене: коли ти налїво, я направо; коли ж ти направо, я налїво.
9Ligt niet het hele land voor u open? Trek dus liever van mij weg; gaat gij links, dan ga ik rechts; gaat gij rechts, dan ga ik links.
10І звівши Лот очі свої, побачив усю околицю Йорданську, що перше нїж зруйнував Господь Содому й Гоморру, вся до Сигора наповнена була водою, як сад Господень і як земля Египецька,
10Lot sloeg zijn ogen op en zag, dat de hele Jordaanstreek overvloed van water had; voordat Jahweh Sodoma en Gomorra had verdelgd, was ze, tot Sóar toe, als de tuin van Jahweh, als het land van Egypte.
11І вибрав собі Лот усю околицю Йорданську, і відїйшов Лот ід востоку, і розлучився кожен із братом своїм.
11Daarom koos Lot de hele Jordaanstreek voor zich, en trok op naar het oosten. Zo gingen ze uiteen.
12Аврам осївся в землї Канаанській, а Лот осївся в городах околишнїх, і двинув з наметом своїм до Содому.
12Abram bleef in het land Kanaän wonen, maar Lot vestigde zich in de steden van de Jordaanstreek, en sloeg zijn tenten op tot Sodoma toe,
13Люде ж Содомські та були злющі й грішні перед Господом вельми.
13ofschoon de mannen van Sodoma zeer slecht waren en zwaar zondigden tegen Jahweh.
14Господь же рече Аврамові після того, як Лот розлучивсь із ним: Позирни очима твоїми, та поглянь од місця, де ти тепер, ід півночі, ід полудню, ід востоку, ід заходу.
14Jahweh sprak tot Abram, nadat Lot zich van hem gescheiden had: Sla uw ogen op, en blik van de plaats, waar ge staat Naar het noorden en zuiden, het oosten en westen.
15Бо всю землю, що ти вбачаєш, тобі оддам, і потомкам твоїм навіки.
15Al het land, dat ge ziet, zal Ik geven aan u En uw kroost voor altijd.
16І вчиню потомки твої, як пісок земляний; коли хто зможе злїчити пісок земляний, то й потомки твої злїчить.
16Ik zal uw nageslacht talrijk maken Als het stof der aarde. Als iemand het stof der aarde kan tellen, Dan zal hij ook uw geslacht kunnen tellen.
17Уставши, пройди землю в довжину і в ширину її; бо тобі оддам її.
17Sta op, doorkruis het land in zijn lengte en breedte, Want aan u zal Ik het geven!
18І відселившись Аврам, прийшов та й осївсь коло Мамрієвого дуба, що був у Гебронї, та й спорудив там жертівника Господеві.
18Toen brak Abram zijn tenten op, en ging te Hebron wonen bij de eik van Mamre, en bouwde daar een altaar voor Jahweh.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.