Zacharias
Chapter 6
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Weer sloeg ik mijn ogen op, en zag toe. Zie, daar kwamen vier wagens tussen de twee bergen te voorschijn; de bergen waren van koper.
1Знов підвів я очі мої і дивлюсь, аж се — чотирі колесницї виходять із провалу між двома горами; гори ж були мідяні.
2Voor de eerste wagen stonden rode paarden; voor de tweede wagen zwarte paarden;
2У первій колесницї були конї червоні, у другій вороні,
3voor de derde wagen witte paarden; voor de vierde wagen gevlekte paarden: allemaal vurig.
3У трейтій колесницї конї білі, а в четвертій конї теркаті, дужі.
4Ik nam het woord, en zei tot den engel, die tot mij sprak: Wat hebben ze te betekenen, heer?
4Я озвався й спитав ув ангела, що розмовляв ізо мною, й сказав: Проти чого воно, добродїю?
5De engel gaf mij ten antwoord: Zij trekken naar de vier windstreken uit, nadat zij bij den Heer van de hele aarde hun bevelen hebben gehaald.
5І відповів ангел і сказав мені: Се чотирі вітри небесні виходять стояти перед Владикою всієї землі.
6Die met de zwarte paarden gaat naar het land van het noorden; de witte gaan naar het land van het oosten; de gevlekte naar het land van het zuiden.
6Отті вороні конї йдуть у землї на північ, а білі йдуть позад них; теркаті ж ійдуть у землї полуденні.
7Vurig sprongen zij vooruit, hunkerend om uit te rukken, en de aarde te doorkruisen. Hij sprak: Vooruit, trekt de aarde rond! En zij doorkruisten de aarde.
7А дужі вийшли й намагались ійти, щоб перебігти землю; і повелїв він: Ійдїть, пробігайте землю! І пробігли землю.
8Toen riep hij mij toe: Zie, die naar het land van het noorden trekken, gaan mijn woede koelen op het land van het noorden!
8Тодї покликав мене й так промовив до мене: Дивись! ті, що вирушили в півночні землї, заспокоїли гнів духа мого на землї півночній.
9Het woord van Jahweh werd tot mij gericht.
9І надійшло слово Господнє до мене:
10Ge moet de gaven der teruggekeerde gemeente in ontvangst nemen van Cheldai, Tobi-ja en Jedaja. Dan moet ge nog op diezelfde dag naar de woning van Josji-ja, den zoon van Sefanja, gaan, die uit Babel is gekomen,
10Возьми з дарів у тих, що прибули з неволї, у Хелдая, Товії й Едая, та й іди того ж дня в господу Иосії Софонїенка, що прийшов із Вавилону;
11zilver en goud nemen, en daarvan kronen laten maken. Een moet ge op het hoofd van den hogepriester Jehosjóea, den zoon van Jehosadak, zetten,
11Там возьми срібла й золота та й пороби вінцї й вложи на голову Ісусові Йоседекенкові, первосьвященникові,
12en tot hem zeggen: Zo spreekt Jahweh der heirscharen! Zie, er komt een man, die Spruit zal heten! Onder Hem zal het uitspruiten,
12І скажи йому: Так говорить Господь Саваот: Ось, муж — імя йому Пагонець, він виросте з свого кореня й збудує храм Господеві.
13en Hij zal de tempel van Jahweh bouwen; Hij zal met majesteit zijn bekleed, en als heerser zitten op zijn troon. De priester zal aan zijn rechterhand zijn gezeten, en tussen die beiden zal vreedzame verstandhouding bestaan.
13Так, він збудує дом Господень і увінчається славою, й засяде й володїти ме на престолї свойму; буде ж він і сьвященником на престолї свойму, й буде рада мира між сим і другим (престолом).
14De kronen moeten ter ere van Cheldai, Tobi-ja, Jedaja en Josji-ja, den zoon van Sefanja, in de tempel van Jahweh als aandenken blijven bewaard.
14Вінцї ж будуть на спомин про Хелема, Товія, Едая й Хена Софонїєнка в дому Господньому.
15Dan zullen mensen van verre komen, en bouwen aan de tempel van Jahweh; en gij zult weten, dat Jahweh der heirscharen mij tot u heeft gezonden. Het zal geschieden, als gij gewillig blijft luisteren naar de stem van Jahweh, uw God!
15І ті, що далеко живуть, приходити муть, помагати при будові храму Господнього, й взнаєте, що мене послав Господь сил небесних до вас; і станеться те, коли щиро слухати мете голосу Господа, Бога вашого.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.