Zacharias 6
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1Weer sloeg ik mijn ogen op, en zag toe. Zie, daar kwamen vier wagens tussen de twee bergen te voorschijn; de bergen waren van koper.
1我又舉目觀看,見有四輛車從兩山中間出來;那山是銅山。
2Voor de eerste wagen stonden rode paarden; voor de tweede wagen zwarte paarden;
2第一輛車套着紅馬,第二輛車套着黑馬。
3voor de derde wagen witte paarden; voor de vierde wagen gevlekte paarden: allemaal vurig.
3第三輛車套着白馬,第四輛車套着有斑點的壯馬。
4Ik nam het woord, en zei tot den engel, die tot mij sprak: Wat hebben ze te betekenen, heer?
4我就問與我說話的天使說:「主啊,這是甚麼意思?」
5De engel gaf mij ten antwoord: Zij trekken naar de vier windstreken uit, nadat zij bij den Heer van de hele aarde hun bevelen hebben gehaald.
5天使回答我說:「這是天的四風,是從普天下的主面前出來的。」
6Die met de zwarte paarden gaat naar het land van het noorden; de witte gaan naar het land van het oosten; de gevlekte naar het land van het zuiden.
6套着黑馬的 車 往北方去,白馬跟隨在後;有斑點的馬往南方去。
7Vurig sprongen zij vooruit, hunkerend om uit te rukken, en de aarde te doorkruisen. Hij sprak: Vooruit, trekt de aarde rond! En zij doorkruisten de aarde.
7壯馬出來,要在遍地走來走去。天使說:「你們只管在遍地走來走去。」牠們就照樣行了。
8Toen riep hij mij toe: Zie, die naar het land van het noorden trekken, gaan mijn woede koelen op het land van het noorden!
8他又呼叫我說:「看哪,往北方去的已在北方安慰我的心。」
9Het woord van Jahweh werd tot mij gericht.
9耶和華的話臨到我說:
10Ge moet de gaven der teruggekeerde gemeente in ontvangst nemen van Cheldai, Tobi-ja en Jedaja. Dan moet ge nog op diezelfde dag naar de woning van Josji-ja, den zoon van Sefanja, gaan, die uit Babel is gekomen,
10「你要從被擄之人中取 黑玳 、 多比雅 、 耶大雅 的 金銀 。這三人是從 巴比倫 來到 西番雅 的兒子 約西亞 的家裏。當日你要進他的家,
11zilver en goud nemen, en daarvan kronen laten maken. Een moet ge op het hoofd van den hogepriester Jehosjóea, den zoon van Jehosadak, zetten,
11取這金銀做冠冕,戴在 約撒答 的兒子大祭司 約書亞 的頭上,
12en tot hem zeggen: Zo spreekt Jahweh der heirscharen! Zie, er komt een man, die Spruit zal heten! Onder Hem zal het uitspruiten,
12對他說,萬軍之耶和華如此說:看哪,那名稱為 大衛 苗裔的,他要在本處長起來,並要建造耶和華的殿。
13en Hij zal de tempel van Jahweh bouwen; Hij zal met majesteit zijn bekleed, en als heerser zitten op zijn troon. De priester zal aan zijn rechterhand zijn gezeten, en tussen die beiden zal vreedzame verstandhouding bestaan.
13他要建造耶和華的殿,並擔負尊榮,坐在位上掌王權;又必在位上作祭司,使兩職之間籌定和平。
14De kronen moeten ter ere van Cheldai, Tobi-ja, Jedaja en Josji-ja, den zoon van Sefanja, in de tempel van Jahweh als aandenken blijven bewaard.
14這冠冕要歸 希連 、 多比雅 、 耶大雅 ,和 西番雅 的兒子 賢 ,放在耶和華的殿裏為記念。」
15Dan zullen mensen van verre komen, en bouwen aan de tempel van Jahweh; en gij zult weten, dat Jahweh der heirscharen mij tot u heeft gezonden. Het zal geschieden, als gij gewillig blijft luisteren naar de stem van Jahweh, uw God!
15遠方的人也要來建造耶和華的殿,你們就知道萬軍之耶和華差遣我到你們這裏來。你們若留意聽從耶和華-你們上帝的話, 這事 必然成就。
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.