Hebreeen 13
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Laat er altijd broederlijke liefde blijven!
1Братня любов нехай пробуває.
2Verwaarloost ook de gastvrijheid niet; want daardoor hebben sommigen, zonder het te weten, engelen geherbergd.
2Гостинности не забувайте, через се бо инші, не відаючи, вгостили ангелів.
3Denkt aan de gevangenen, als waart gij medegevangen; aan hen, die mishandeld worden, als waart gijzelf in hun lichaam!
3Памятайте вязників, мов би з ними ви увязнені, бідолашних, самі бувши в тїлї.
4Het huwelijk moet eerbaar zijn onder ieder opzicht, en onbezoedeld het huwelijksbed; want God zal ontuchtigen en overspelers oordelen.
4Чесна женитва у всїх і ложе непорочне; блудників же і перелюбників судити ме Бог.
5Weest niet hebzuchtig van aard, en stelt u tevreden met wat ge bezit; want Hij heeft gezegd: Ik zal u niet begeven,
5Не сріблолюбиві обичаєм, довольні тим, що єсть. Сам бо рече: „Не оставлю тебе, анї покину тебе.‟
6Zo zeggen we met goede moed: “De Heer is mijn Helper; ik heb niets te vrezen; Wat kan een mens mij nog doen?”
6Так що сьміло можемо сказати: „Господь моя поміч; не бояти мусь: що вдїє менї чоловік?‟
7Denkt aan uw leidslieden, die u het woord Gods hebben verkondigd; let op het einde van hun leven, en volgt hun geloof na.
7Поминайте наставників ваших, що глаголали вам слово Боже; і позираючи на конець їх життя, послїдуйте вірі їх.
8Jesus Christus is Dezelfde, gisteren en heden en in eeuwigheid!
8Ісус Христос учора і сьогоднї, той же самий і на віки.
9Laat u niet van de weg brengen door veelsoortige en vreemde leringen. Want goed is het, het hart door de genade te sterken, maar niet door spijzen, welke van geen nut zijn voor hen, die zich daaraan hechten.
9У всякі чужі науки не вдавайтесь. Добре бо благодаттю покріпляти серця, а не їжами, з котрих не мали користи ті, що пішли за ними.
10We hebben een Altaar, waarvan zij, die de tabernakel bedienen, niet mogen eten.
10Маємо жертівню, з котрої не мають права їсти, хто служить скинї.
11Want de lichamen der dieren, wier bloed als een zoenoffer door den hogepriester in het heiligdom is gebracht, worden verbrand buiten de legerplaats.
11Которих бо животних кров уносить в сьвятиню архиєрей за гріхи, тих мясо палить ся осторонь стану.
12Daarom heeft ook Jesus buiten de poort geleden, om het volk te heiligen door zijn Bloed.
12Тим і Ісус, щоб осьвятити людей своєю кровю, осторонь воріт пострадав.
13Laat ons dus tot Hem uitgaan buiten de legerplaats en zijn smaad dragen;
13Тим же оце вийдїмо до Нього осторонь стану, дізнаючи наруги Його.
14want we hebben hier geen blijvende stad, maar we reikhalzen naar de toekomstige.
14Не маємо бо тут сталого города, а того, що буде, шукаємо.
15Door Hem moeten we een altijddurend dankoffer brengen aan God, namelijk de vrucht van lippen, die zijn Naam verheerlijken!
15Тим оце через Нього приносьмо жертву хвалення без перестанку Богу, се єсть „овощ уст‟, що визнають імя Його.
16Vergeet de weldadigheid niet en de onderlinge hulp; want in zulke offers heeft God welbehagen.
16Благотворення ж і подїльчивости не забувайте; такими бо жертвами вельми догоджують Богу.
17Weest gehoorzaam en onderdanig aan uw leidslieden; want ze waken over uw zielen als mensen, die rekenschap hebben af te leggen. Zorgt er voor, dat ze dit met vreugde kunnen doen en niet met zuchten; want dat zou u niet voordelig zijn.
17Слухайте наставників ваших і коріть ся (їм); вони бо пильнують душ ваших, яко мають перелїк оддати; щоб з радістю се робили, а не зітхаючи; не користь бо вам се.
18Bidt voor ons; want we vertrouwen, een rein geweten te hebben, daar we onder ieder opzicht ons onberispelijk trachten te gedragen.
18Молїте ся за нас: уповаємо бо, що добру совість маємо, у всьому хотячи добре жити.
19Met meer nadruk verzoek ik u dit te doen, opdat ik u spoediger teruggegeven word.
19Найбільше ж благаю се чинити, щоб скоро вернено мене вам.
20De God van vrede, die Jesus onzen Heer van de doden heeft opgewekt, den groten Herder der schapen door het Bloed van een eeuwig Verbond:
20Бог же впокою, що підняв з мертвих великого Пастиря вівцям через кров завіту вічнього, Господа нашого Ісуса Христа,
21Hij bevestige u in alle goed, opdat gij zijn wil moogt volbrengen; al wat Hem welbehagelijk is, werke Hij in ons uit door Jesus Christus: Hem zij ere in de eeuwen der eeuwen. Amen!
21нехай звершить вас у всякому доброму дїлї, щоб чинили волю Його, роблячи в вас любе перед Ним, через Ісуса Христа, котрому слава до віку вічнього. Амінь.
22Ik bid u broeders, neemt het woord der vermaning gewillig aan! Want ik heb het u geschreven in een korte brief.
22Благаю ж вас, браттє, прийміте се слово напомину: бо коротко написав вам.
23Gij weet, dat onze broeder Timóteus de vrijheid heeft verkregen. Zo hij spoedig komt, zal ik u bezoeken in zijn gezelschap.
23Знайте, що брата нашого Тимотея випущено, з котрим, коли скоро прийде, побачу вас.
24Groet al uw leidslieden en alle heiligen. De Italianen groeten u.
24Витайте всїх наставників ваших і всїх сьвятих. Витають вас ті, що з Італиї.
25De genade zij met u allen!
25Благодать з усїма вами. Амінь.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.