Hebreeen 2
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Daarom moeten we ons des te steviger vastklampen aan wat we gehoord hebben; anders toch drijven we weg.
1Тим подобає нам більше вважати на те, що чували, щоб инодї не відпасти.
2Want zo het woord van kracht bleef, dat door de engelen werd verkondigd, en iedere overtreding en ongehoorzaamheid gerechte straf ontving:
2Бо коли промовлене ангелам слово було певне, і всякий переступ і непослух прийняв праведну відплату,
3hoe zullen wij dan ontkomen, wanneer we een zaligheid verwaarlozen, welke het eerst door den Heer is gepreekt, welke onder ons werd bevestigd door hen die Hem hoorden,
3то як нам утекти, що недбали про таке велике спасеннє? котре, почавши проповідувати ся через Господа, від тих що чули, нам стверджене,
4en welke ook door God is betuigd door tekenen, wonderen en velerlei kracht, door gaven ook van den heiligen Geest, zoals het Hem heeft behaagd?
4як сьвідкував Бог ознаками і чудесами, і всякими силами, і роздаваннєм Духа сьвятого, по своїй волї.
5Immers niet aan engelen onderwierp Hij de toekomstige wereld, waarover we spreken.
5Не ангелам бо покорив вселенну грядущу, про котру глаголемо;
6Want er is ergens getuigd: Wat is een mens, dat Gij hem zoudt gedenken, Of een mensenkind, dat Gij acht op hem slaat?
6засьвідкував же хтось десь, глаголючи: Що таке чоловік, що памятаєш його, або син чоловічий, що одвідуєш його?
7Een korte tijd hebt Gij hem beneden de engelen gesteld, Hem met glorie en luister gekroond.
7Умалив єси його малим чим од ангелів; славою і честю вінчав єси його, і поставив єси його над дїлами рук Твоїх;
8Alles hebt Gij onderworpen aan zijn voeten. Door hem nu alles te onderwerpen, heeft Hij niets uitgezonderd, dat hem niet onderworpen is. Zeker, nu zien we nog niet, dat alles hem onderworpen is.
8все покорив єси під ноги його. А впокоривши йому все, нїчого не зоставив невпокореним йому. Тепер же ще не бачимо, щоб усе було йому впокорене,
9Maar wel zien we Jesus met glorie en luister gekroond, omdat Hij de dood heeft ondergaan; Hij, die een korte tijd beneden de engelen was gesteld, om door Gods genade de dood te smaken voor allen.
9а бачимо Ісуса, малим чим умаленого від ангелів, за муку смерти увінчаного славою й честю, щоб благодаттю Божою за всїх пожив смерти.
10Het lag toch voor de hand, dat Hij, om wien en door wien alles bestaat, en die vele zonen tot glorie brengt, ook hun Leidsman ter zaligheid door lijden tot glorie zou brengen.
10Подобало бо Тому, про кого все і ким усе, що привів многих синів у славу, починателя спасення їх страданнями звершити.
11Want Hij die heiligt, en zij die geheiligd worden, zijn allen uit Eén. Daarom schaamt Hij Zich niet, hen broeders te noemen,
11Бо й хто осьвячує і хто осьвячуєть ся, від Одного всї; з сієї то причини не соромить ся братами звати їх,
12als Hij zegt: “Ik zal uw Naam aan mijn broeders verkondigen, In de kring der gemeente U prijzen.”
12глаголючи: Звїщу імя Твоє браттю моєму, посеред церкви сьпівати му хвалу Тобі.
13En wederom: “Ik zal op Hem mijn betrouwen stellen.” En vervolgens: “Zie Ik en de kinderen, Die God Mij gaf.”
13І знов: Надїяти мусь на Него. І знов: Ось я і дїти, що дав менї Бог.
14Welnu, omdat de kinderen deel hebben aan vlees en bloed, daarom was ook Hij daaraan deelachtig, om door de Dood hem machteloos te maken, die macht had over de dood, en dat is de duivel;
14Коли ж дїти стали ся спільниками тїла і крови, і Він так само спільником їх, щоб смертю знищити того, що має державу смерти, се єсть диявола,
15en om allen te verlossen, die uit vrees voor de dood heel hun leven in slavernij zouden verkeren.
15і визволити тих, що з страху смерти через усе життє підневолені були рабству.
16Niet engelen toch trok Hij Zich aan, maar Abrahams zaad trok Hij Zich aan.
16Справдї бо не ангелів приймає, а насїннє Авраамове приймає.
17En daarom moest Hij in alles gelijk worden aan zijn broeders, opdat Hij in hun betrekkingen tot God een barmhartig en getrouw Hogepriester zou zijn tot uitboeting der zonde van het volk.
17Звідсїля мусїв у всьому подобитись братам, щоб бути милосердним і вірним архиєреєм у Божому, щоб очистити гріхи людські.
18Want juist omdat Hijzelf werd bekoord en zelf heeft geleden, kan Hij ook hen helpen, die worden bekoord.
18У чому бо сам пострадав, спокушуваний бувши, може і тим, що спокушують ся, помогти.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.