5 Мойсея
Chapter 21
Kulish and Puluj Bible (…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

5 Мойсея 21

Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Коли у землї, що Господь Бог твій, дає тобі в державу, та знайдуть убитого, що лежить у полї, і незнати, хто вбив його,
1Wanneer men in het land, dat Jahweh, uw God, u in bezit zal geven, een vermoorde in het veld vindt liggen, zonder dat men weet, wie hem heeft gedood,
2Так нехай вийдуть твої громадські мужі й суддї твої і зміряють від убитого до міст, що навкруги вбитого.
2dan moeten uw oudsten en rechters de afstand naar de steden gaan opnemen, die in de omtrek van den vermoorde liggen.
3Тоді найближче до вбитого місто, чи то громадські мужі з того міста, візьмуть ялівку, що нею ще не роблено, що не ходила ще в ярмі;
3En de oudsten van de stad, waar de vermoorde het dichtst bij ligt, moeten een jonge koe nemen, waarmee nog niet is gewerkt en die nog nooit in een juk heeft getrokken.
4І приведуть громадські мужі з того міста ялівку над все текучий потік, де не орано і не сїяно нїколи, та й там переломлять шию телицї над потоком.
4De oudsten van die stad moeten de jonge koe naar een dal met altijd stromend water brengen, waar niet gewerkt of gezaaid wordt, en daar in het dal de jonge koe de nek breken.
5І мають приступити сьвященники, сини Левієві; їх бо Господь, Бог твій, вибрав служити йому і благословляти імям його, і по їх вироку скіньчиться всяка справа і всяка шкода.
5Dan moeten de priesters, de zonen van Levi, naar voren treden, want Jahweh, uw God, heeft hen uitverkoren, om zijn dienst te verrichten, in de naam van Jahweh te zegenen, en naar hun uitspraak elk geding over twist of mishandeling te beslechten.
6І всї громадські мужі з того міста, що найближче до вбитого, помиють руки над ялівкою, що зломлено їй шию над потоком,
6Vervolgens moeten alle oudsten van die stad, waar de vermoorde het dichtst bij lag, hun handen wassen over de jonge koe, die in het dal de nek is gebroken,
7І промовлять такими словами: Наші руки не проливали сієї крові, і наші очі не бачили сього.
7en plechtig getuigen: Onze handen hebben dit bloed niet vergoten, en onze ogen hebben het niet gezien.
8Прости, Господе, твому народові Ізраїлю, котрого визволив єси, і не полїчи безвинну кров як провину народові твому Ізраїлю. І простить ся їм провина за кров.
8Verzoen de schuld van uw volk, Israël, dat Gij, Jahweh, hebt vrijgekocht, en reken uw volk Israël geen onschuldig bloed aan! Zo zullen zij voor het bloed verzoening verkrijgen,
9Сим робом одвернеш безвинну кров від тебе; мусиш бо чинити, що праведне перед очима Господа.
9en zal geen onschuldig bloed op u blijven rusten, omdat gij hebt gedaan, wat recht is in de ogen van Jahweh.
10Як пійдеш на войну проти ворогів твоїх, і Господь, Бог твій, віддасть їх тобі в руки, і ти забереш їх в неволю,
10Wanneer ge tegen uw vijanden ten strijde trekt, en Jahweh, uw God, levert ze aan u over en ge voert ze als krijgsgevangenen mee,
11І побачиш між бранками жінку вродливу,
11wanneer ge dan onder de krijgsgevangenen een mooie vrouw bemerkt, die ge tot echtgenote wenst te nemen,
12І вона сподобається тобі і возьмеш собі її за жінку, так приведеш її в домівку твою;
12dan kunt ge haar uw huis binnenleiden. Zij moet haar hoofd kaal scheren, haar nagels knippen,
13І нехай вона остриже собі голову і обітне нігтї свої, та скине із себе невільницьку одїж свою, і бувши в домівцї твоїй, нехай плаче по батькові свому і по матері своїй цїлий місяць; а тодї можна тобі прийти до неї і зробитись її чоловіком, щоб вона була тобі жінкою.
13het kleed afleggen, waarin zij gevangen werd genomen, en een maand lang in uw huis blijven, om haar vader en moeder te bewenen. Daarna kunt gij gemeenschap met haar houden, haar huwen en zal zij uw vrouw zijn.
14Тільки ж, коли б вона тобі потім не вподобалась, так одпустиш її куди вона захоче, тільки не можна тобі продати її за гроші; не будеш обходитись з нею насильно, тому що ти впокорив її.
14Maar zo ze u later niet meer bevalt, moet ge haar vrij laten vertrekken en moogt ge haar niet voor geld verkopen, of als slavin behandelen, omdat ge haar bezeten hebt.
15Коли будуть в чоловіка дві жінки, одна люблена, друга ненавидна, і вони породили йому синів, люблена й ненавидна, та син ненавидної вродиться перше:
15Wanneer een man twee vrouwen heeft, van wie hij de een meer bemint dan de ander, en de beminde zowel als de mindergeliefde schenkt hem een zoon, maar de eerstgeborene is van de mindergeliefde,
16То як оддавати ме в наслїддє синам своїм, що має, не можна буде йому обявити первенцем сина любленої перед первородним сином ненавидної;
16dan mag hij, bij de verdeling van zijn erfenis onder zijn zonen, den zoon van de beminde niet het deel van den eerstgeborene geven ten koste van den zoon der mindergeliefde, die de eerstgeborene is.
17А первородного сина ненавидної мусить він признати, і віддасть йому дві пайки з усього, що має; він бо первенець сили його, йому належить право первородження.
17Hij moet den zoon van de mindergeliefde als eerstgeborene erkennen, door hem een dubbel aandeel te geven van al wat hij heeft; want hij is de eersteling van zijn mannelijke kracht, en hem komt het eerstgeboorterecht toe.
18Коли в кого буде син непокірливий і бутний, що не слуха голосу батька свого і голосу матері своєї, і вони покарають його, та він не послухає їх:
18Wanneer iemand een weerspannigen en onhandelbaren zoon heeft, die niet naar zijn vader en moeder wil luisteren, en ofschoon zij hem tuchtigen, hun toch niet gehoorzaamt,
19Так батько-мати вхоплять його й виведуть до громадських мужів міста свого і до воріт своєї оселї,
19dan moeten zijn vader en moeder hem laten grijpen, hem naar de oudsten der stad en naar de poort van zijn woonplaats laten brengen,
20І скажуть громадським мужам міста свого: Сей син наш непокірливий і бутний, і не слухає голосу нашого, гульвіса і пиячина!
20en tot de oudsten van zijn stad zeggen: Onze zoon is weerspannig en onhandelbaar; hij gehoorzaamt ons niet, maar is een losbol en dronkaard.
21І всї люде міста його закидають його каміннєм, так щоб він вмер. Сим робом викорінювати меш зло зміж людей твоїх. І чути ме ввесь Ізраїль та й бояти меться.
21Dan moeten alle mannen van zijn stad hem doodstenigen. Zo zult ge dat kwaad uit uw midden verwijderen; want heel Israël zal het horen en vrezen.
22І коли на кому буде гріх смертельний, і ти вбєш його і повісиш на дереві,
22Wanneer iemand een misdaad heeft begaan, waarop de doodstraf staat, en hij ter dood is gebracht en aan een paal is gehangen,
23То не годиться трупові через ніч бути на дереві, а мусиш його поховати того ж таки дня; бо шибеник, се прокляттє Боже; а ти не опоганюй землї твоєї, що Господь, Бог твій, дає тобі в наслїддє.
23dan moogt ge zijn lijk ‘s nachts niet aan de paal laten hangen, maar moet ge het dezelfde dag nog begraven. Want een gehangene is door Jahweh gevloekt, en gij moogt het land niet bezoedelen, dat Jahweh, uw God, u tot erfdeel schenkt.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.