Ісаїї
Chapter 16
Kulish and Puluj Bible (…
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

Ісаїї 16

Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Посилайте ягнята владицї землї з Сели в пустинї на гору дочки Сионської;
1Nu zendt men de zonen Van den vorst van het land Van Petra in de woestijn Naar de berg van de dochter van Sion;
2Дочки бо Моабійські будуть коло бродів Арнону, наче та птичка, з гнїзда викинена.
2En als vluchtende vogels Uit een opgejaagd nest Staan de dochters van Moab Aan de passen van de Arnon!
3Зложи раду, виречи присуд; розпростри над нами серед полудня, мов уночі, тїнь твою; скрий прогнаних, не видай блукаючих.
3Ach, schaf ons toch raad, En kom ons te hulp; Maak uw schaduw tot nachtelijk duister Op klaarlichte dag; Verberg de vervolgden, Verraad de vluchtenden niet;
4Нехай перебудуть у тебе прогнані мої Моабії; будь їм захистом перед грабіжником; бо й так зникне гнобитель, грабіж перестане, а ті, що на них напирають, щезнуть із землї.
4Laat bij U schuilen De verjaagden van Moab! Wees hun een toevlucht tegen den verdelger, Tot de verdrukking voorbij is, De verwoesting ten einde, De vernieler weg uit het land;
5Милосердєм стане твердо в пробутку Давидовому престол правди, й засяде на нїм в справедливостї суддя, що шукати ме правди й до правосуду змагати.
5Dan zal uw troon door die goedheid worden bevestigd, En Een zal er bestendig op zetelen in Davids tent: Een rechter, een vriend van het recht, Een, die voor de gerechtigheid ijvert!
6Про Моаба ж ми чували, — гордий він над міру, надутий і пишний та лютий, та й в слові нещирий.
6Maar wij hebben van Moabs hoogmoed gehoord, En van zijn grenzeloze trots, Van zijn waan, zijn bluffen en pralen, Zijn ijdel gezwets.
7Тим то тяжко заплаче Моаб над Моабом, — всї будуть ридати; о, застогнайте по твердинях Кирхарешета; вони ж спустошені.
7Daarom houdt het gejammer van Moab aan, Wordt Moab door allen beklaagd; Snakken ze naar de rozijnkoek van Kir-Charéset, Geheel verslagen!
8Ниви Есевонські спустїли, та й виноградник Севамський; властники народів вигубили ті прегарні лозини, що сягали аж до Язеру; розстилались по пустинї, простирались пагонцями аж поза море.
8Want de wingerd van Chesjbon ligt uitgeput neer, Met de wijnstok van Sibma: Die de heersers der volken Met hun vrucht konden temmen; Die reikten tot Jazer, En in de steppen verdoolden; Wier ranken zich verder en verder verspreidden, En hingen tot over de zee.
9Тим і я заплачу по садах Севамських, як плакав над Язером, й поливати му сльозами тебе, Есевоне й Елеало! не буде бо в тебе часу зборів виноградних, анї під час жнив — давних голосних радощів.
9Daarom beween ik met Jazer de wijnstok van Sibma Besproei ik u met tranen, Chesjbon, Elale; Want over uw oogst en gewas Schalt het hoezee der soldaten.
10Замовкли жарти й веселощі по нивах роскішних, і в виноградниках не сьпівають, не веселяться; виноградар не топче в тискарнях грона: Я перервав усї веселощі.
10Weg is de blijdschap en vreugd uit uw gaarden, Op uw wijnbergen geen jubelen en juichen; Men treedt er geen wijn in de kuipen, Het hoezee van de persers verstomt.
11Тим аж стогне утроба в мене над Моабом, мов гуслі жалібні, і серце моє над Кирхарешетом.
11Daarom trilt mijn hart als een harp over Moab, En heel mijn binnenste over Kir-Cháres;
12Хоч і збереться Моаб, і буде аж до утоми змагатись на висотах, та в своїх сьвятинях молитись, та йому нїчо не поможе.
12Want al ziet men Moab Op de hoogten zijn best doen, Al treedt het zijn heiligdom binnen, om er te bidden: Het zal niet meer baten!
13Ось, яке слово виповів Господь вже давно про Моаба,
13Dit is het woord, Door Jahweh vanouds over Moab gesproken.
14А тепер от як говорить Господь: За три роки, рахуючи роками наймитів, сила Моаба впаде разом із усїм великим многолюдством його, а останок його буде вельми малий і незначний.
14Maar nu spreekt Jahweh: In drie jaren tijds, De diensttijd van een soldaat, Zal de glorie van Moab verdwijnen Met heel zijn ontzaglijke rijkdom; Maar weinig blijft er van over, Vervallen en weerloos!

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.