Psalmen
Chapter 124
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Bible Mutal (Kosra…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Bible Mutal (Kosraean)
1Een bedevaartslied; van David. Was Jahweh niet vóór ons geweest: Laat Israël getuigen,
1LEUM GOD El funu tia wi kut la, lukun fuka? O Israel, kowos in topuk!
2Toen de mensen tégen ons waren,
2“ LEUM GOD El funu tia wi kut le, Ke mwet lokoalok elos mweun lain kut
3Dan hadden zij ons levend verslonden, In hun ziedende woede;
3Kut lukun moul na elos ukumkutla Ke sripen kasrkusrak lulap lalos sesr;
4Dan hadden de wateren ons verzwolgen, Had ons een stortvloed bedolven;
4Na sronot u pokkutla, Kof u afwinkutla,
5Dan waren over ons heengeslagen De bruisende golven.
5A kof pulkulak akwalomyekutla.”
6Maar geprezen zij Jahweh, Die ons geen prooi voor hun tanden heeft gemaakt!
6Lela kut in sang kulo nu sin LEUM GOD , Su tia filikutyang nu in poun mwet lokoalok lasr.
7Levend zijn wij ontsnapt, Als een vogel uit het net van den vinker: Het net is gescheurd, En wij zijn ontkomen!
7Kut tu kaingla oana sie won su kaingla liki sruf lun mwet sru won; Sruf u musalla a kut sukosokla!
8Onze hulp is in de Naam van Jahweh, Die hemel en aarde heeft gemaakt!
8Kasru lasr tuku sin LEUM GOD , Su orala kusrao ac faclu.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.