Genesis 5
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Daničić–Karadžić Bible (1868), Cyrillic
1Dit is de geslachtslijst van Adam. Toen God den mens schiep, maakte Hij hem op God gelijkend;
1Ово је племе Адамово. Кад Бог створи човека по обличју свом створи га.
2man en vrouw schiep Hij hen. En op de dag van hun schepping zegende Hij hen, en noemde hen mens.
2Мушко и женско створи их, и благослови их, и назва их човек, кад бише створени.
3Adam was honderd dertig jaar oud, toen hij als zijn beeld, op zich gelijkend, een zoon verwekte, wien hij de naam Set gaf.
3И поживе Адам сто тридесет година, и роди сина по обличју свом, као што је он, и надеде му име Сит.
4En Adam leefde, nadat hij Set verwekt had, nog achthonderd jaar, en verwekte zonen en dochters.
4А родив Сита поживе Адам осам стотина година, рађајући синове и кћери;
5Heel de levensduur van Adam was negenhonderd dertig jaar. En hij stierf.
5тако поживе Адам свега девет стотина тридесет година; и умре.
6Set was honderd vijf jaar oud, toen hij Enos verwekte.
6А Сит поживе сто пет година, и роди Еноса;
7En Set leefde, nadat hij Enos verwekt had, nog achthonderd zeven jaar, en verwekte zonen en dochters.
7а родив Еноса поживе Сит осам стотина седам година, рађајући синове и кћери;
8Heel de levensduur van Set was negenhonderd twaalf jaar. En hij stierf.
8тако поживе Сит свега девет стотина дванаест година; и умре.
9Enos was negentig jaar oud, toen hij Kaïnan verwekte.
9А Енос поживе деведесет година, и роди Кајинана;
10En Enos leefde, nadat hij Kaïnan verwekt had, nog achthonderd vijftien jaar, en verwekte zonen en dochters.
10а родив Кајинана поживе Енос осам стотина петнаест година, рађајући синове и кћери;
11Heel de levensduur van Enos was negenhonderd vijf jaar. En hij stierf.
11тако поживе Енос свега девет стотина пет година; и умре.
12Kaïnan was zeventig jaar oud, toen hij Malaleël verwekte.
12А Кајинан поживе седамдесет година, и роди Малелеила;
13En Kaïnan leefde, nadat hij Malaleël verwekt had, nog achthonderd veertig jaar, en verwekte zonen en dochters.
13а родив Малелеила поживе Кајинан осам стотина и четрдесет година, рађајући синове и кћери;
14Heel de levensduur van Kaïnan was negenhonderd tien jaar. En hij stierf.
14тако поживе Кајинан свега девет стотина десет година; и умре.
15Malaleël was vijf en zestig jaar oud, toen hij Járed verwekte.
15А Малелеило поживе шездесет пет година, и роди Јареда;
16En Malaleël leefde, nadat hij Járed verwekt had, nog achthonderd dertig jaar, en verwekte zonen en dochters.
16а родив Јареда поживе Малелеило осам стотина тридесет година, рађајући синове и кћери;
17Heel de levensduur van Malaleël was achthonderd vijf en negentig jaar. En hij stierf.
17тако поживе Малелеило свега осам стотина деведесет пет година; и умре.
18Járed was honderd twee en zestig jaar oud, toen hij Henok verwekte.
18А Јаред поживе сто и шездесет и две године, и роди Еноха;
19En Járed leefde, nadat hij Henok verwekt had, nog achthonderd jaar, en verwekte zonen en dochters.
19а родив Еноха поживе Јаред осам стотина година, рађајући синове и кћери;
20Heel de levensduur van Járed was negenhonderd twee en zestig jaar. En hij stierf.
20тако поживе Јаред свега девет стотина шездесет две године, и умре.
21Henok was vijf en zestig jaar oud, toen hij Matoesala verwekte.
21А Енох поживе шездесет пет година, и роди Матусала;
22Henok leefde vertrouwelijk met God. En hij leefde, nadat hij Matoesala verwekt had, nog driehonderd jaar, en verwekte zonen en dochters.
22а родив Матусала поживе Енох једнако по вољи Божјој триста година, рађајући синове и кћери;
23Heel de levensduur van Henok was driehonderd vijf en zestig jaar.
23тако поживе Енох свега триста шездесет пет година;
24En omdat Henok vertrouwelijk met God had geleefd, nam God hem weg, en men vond hem niet meer.
24и живећи Енох једнако по вољи Божјој, нестаде га јер га узе Бог.
25Matoesala was honderd zeven en tachtig jaar oud, toen hij Lámek verwekte.
25А Матусал поживе сто осамдесет седам година, и роди Ламеха;
26En Matoesala leefde, nadat hij Lámek verwekt had, nog zevenhonderd twee en tachtig jaar, en verwekte zonen en dochters.
26а родив Ламеха поживе Матусал седам стотина осамдесет две године, рађајући синове и кћери;
27Heel de levensduur van Matoesala was negenhonderd negen en zestig jaar. En hij stierf.
27тако поживе Матусал свега девет стотина и шездесет и девет година; и умре.
28Lámek was honderd twee en tachtig jaar oud, toen hij een zoon verwekte.
28А Ламех поживе сто осамдесет и две године, и роди сина,
29Hij noemde hem Noë, want hij sprak: Deze zal ons uit de bodem, die Jahweh vervloekt heeft, verkwikking verschaffen bij ons werken en zwoegen.
29и надеде му име Ноје говорећи: Овај ће нас одморити од послова наших и од труда руку наших на земљи, коју прокле Господ.
30En Lámek leefde, nadat hij Noë verwekt had, nog vijfhonderd vijf en negentig jaar, en verwekte zonen en dochters.
30А родив Ноја поживе Ламех пет стотина деведесет пет година, рађајући синове и кћери;
31Heel de levensduur van Lámek was zevenhonderd zeven en zeventig jaar. En hij stierf.
31тако поживе Ламех свега седам стотина седамдесет седам година; и умре.
32Noë was vijfhonderd jaar oud, toen hij Sem, Cham en Jáfet verwekte.
32А Ноју кад би пет стотина година, роди Ноје Сима, Хама и Јафета.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.