Psalmen
Chapter 45
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Septuagint (Greek …
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Septuagint (Greek Old Testament), second edition
1Voor muziekbegeleiding; op de wijze van: “Leliën” Van de zonen van Kore; een minnelied. Een heerlijk lied ontwelt aan mijn hart, Ik wil den Koning mijn zang doen horen; Mijn tong is als een vlotte pen:
1Εἰς τὸ τέλος· ὑπὲρ τῶν υἱῶν Κορέ, ὑπὲρ τῶν κρυφίων ψαλμός.
2Gij zijt de schoonste onder de kinderen der mensen, Aanminnigheid ligt op uw lippen, Zo heeft God U voor eeuwig gezegend.
2Ο ΘΕΟΣ ἡμῶν καταφυγὴ καὶ δύναμις, βοηθὸς ἐν θλίψεσι ταῖς εὑρούσαις ἡμᾶς σφόδρα.
3Gord uw zwaard om de heupen, o held, Omkleed U met glorie en luister;
3διὰ τοῦτο οὐ φοβηθησόμεθα ἐν τῷ ταράσσεσθαι τὴν γῆν καὶ μετατίθεσθαι ὄρη ἐν καρδίαις θαλασσῶν.
4Vol moed op uw ros voor waarheid, onschuld en recht! Uw rechterhand lere U machtige daden;
4ἤχησαν καὶ ἐταράχθησαν τὰ ὕδατα αὐτῶν, ἐταράχθησαν τὰ ὄρη ἐν τῇ κραταιότητι αὐτοῦ. (διάψαλμα).
5Scherp zijn uw pijlen: volkeren liggen onder uw voet, ‘s Konings vijanden ontzinkt de moed!
5τοῦ ποταμοῦ τὰ ὁρμήματα εὐφραίνουσι τὴν πόλιν τοῦ Θεοῦ· ἡγίασε τὸ σκήνωμα αὐτοῦ ὁ ¨Υψιστος.
6Uw troon staat vast in de eeuwen der eeuwen, Uw koningsschepter is een schepter van recht;
6ὁ Θεὸς ἐν μέσῳ αὐτῆς καὶ οὐ σαλευθήσεται· βοηθήσει αὐτῇ ὁ Θεὸς τὸ πρὸς πρωΐ πρωΐ.
7Gij hebt de gerechtigheid lief, maar haat de boosheid. Daarom heeft Jahweh, uw God, U gezalfd Met vreugde-olie als geen uwer broeders;
7ἐταράχθησαν ἔθνη, ἔκλιναν βασιλεῖαι· ἔδωκε φωνὴν αὐτοῦ, ἐσαλεύθη ἡ γῆ.
8Al uw kleren geuren van mirre, aloë en laurier. Uit ivoren paleizen juichen de harpen U toe,
8Κύριος τῶν δυνάμεων μεθ᾿ ἡμῶν, ἀντιλήπτωρ ἡμῶν ὁ Θεὸς Ἰακώβ. (διάψαλμα).
9Koningsdochters staan onder uw schonen; Daar treedt de Koningin aan uw rechter in ofir-brocaat!
9δεῦτε καὶ ἴδετε τὰ ἔργα τοῦ Θεοῦ, ἃ ἔθετο τέρατα ἐπὶ τῆς γῆς.
10Hoor, Dochter! Zie, en neig uw oor, Vergeet uw volk en het huis van uw vader:
10ἀνταναιρῶν πολέμους μέχρι τῶν περάτων τῆς γῆς τόξον συντρίψει καὶ συνθλάσει ὅπλον καὶ θυρεοὺς κατακαύσει ἐν πυρί.
11Laat de Koning uw schoonheid begeren; Breng Hem uw hulde, want Hij is uw Heer!
11σχολάσατε καὶ γνῶτε ὅτι ἐγώ εἰμι ὁ Θεός· ὑψωθήσομαι ἐν τοῖς ἔθνεσιν, ὑψωθήσομαι ἐν τῇ γῇ.
12Dan komt de dochter van Tyrus tot U met geschenken, En zoeken de rijkste volken uw gunst.
12Κύριος τῶν δυνάμεων μεθ᾿ ἡμῶν, ἀντιλήπτωρ ἡμῶν ὁ Θεὸς Ἰακώβ.
13Enkel lieftalligheid ligt op het gelaat der koninklijke Dochter, Met goud doorweven is haar ornaat;
no verse 13 in this text
14Over bonte tapijten wordt zij voor den Koning geleid, Als bruidsmeisjes volgen haar de vriendinnen;
no verse 14 in this text
15En onder gejuich en gejubel Trekken zij in het paleis van den Koning!
no verse 15 in this text
16Dan worden in plaats van uw vaderen U zonen geboren, En Gij stelt ze over heel de aarde tot koningen aan.
no verse 16 in this text
17Zij zullen uw Naam doen gedenken Van geslacht tot geslacht; En volken zullen U prijzen Voor eeuwig en immer!
no verse 17 in this text

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.