Prediker
Chapter 10
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Freedom Bible (フリー…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (フリーダム・バイブル)
1Dode vliegen verpesten welriekende balsem; Zo verliest de edelste wijsheid door een weinig dwaasheid haar roem.
1死んだハエは、香料職人の香油を腐らせ、悪臭を放たせる。 わずかな愚かさも、知恵と誉れにまさって重い。
2Het hart van den wijze zit rechts, Het hart van den dwaze zit links.
2知恵ある者の心は右にあり、 愚かな者の心は左にある。
3Welke weg de dwaas ook gaat, zijn verstand schiet te kort; Maar van iedereen zegt hij: Wat een dwaas!
3愚かな者は道を歩いている時でさえ悟りを欠き、その愚かさを皆にさらす。
4Als de toorn van een vorst u bedreigt, Loop dan niet weg van uw post; Want kalmte brengt grote opwinding tot bedaren.
4支配者の怒りがあなたに向かって起こっても、自分の場所を離れてはならない。穏やかさは大きな過ちを鎮める。
5Nog een ander kwaad zag ik onder de zon: Vergissingen door vorsten begaan.
5私は日の下で一つの悪を見た。それは支配者から出る過ちである。
6De dwaas wordt op hoge posten geplaatst, En vele aanzienlijken blijven ten achter;
6愚かさが高い地位に置かれ、富む者が低い場所に座っている。
7Dienstknechten zag ik te paard, En prinsen gingen als slaven te voet.
7私は、奴隷たちが馬に乗り、君主たちが奴隷のように地上を歩くのを見た。
8Wie een kuil graaft, valt er zelf in; Wie een muur doorbreekt, wordt door een slang gebeten.
8穴を掘る者はそこに落ち、石垣を崩す者は蛇にかまれる。
9Wie stenen draagt, bezeert zich er aan; Wie hout klooft, loopt gevaar, zich te wonden.
9石を切り出す者は石で傷つき、薪を割る者には危険が伴う。
10Is het ijzer stomp geworden, En slijpt men de snede niet, Dan moet men zijn krachten verdubbelen; Zo biedt de wijsheid een voordeel.
10斧が鈍く、その刃を研がなければ、さらに力を使わなければならない。しかし、知恵は成功をもたらす。
11En als de slang bijt, omdat ze niet wordt bezworen, Heeft de slangenbezweerder geen nut van zijn kunde.
11蛇が呪文をかけられる前にかむなら、蛇使いに何の益もない。
12Aangenaam zijn woorden uit de mond van een wijze; Maar de lippen van een dwaas brengen hem verderf.
12知恵ある者の言葉は恵みに満ちる。しかし、愚かな者は自分の唇に呑み込まれる。
13Reeds het begin van zijn woorden is dwaasheid, En het einde ervan barre onzin;
13その口から出る言葉の始まりは愚かさであり、その話の終わりは害をもたらす狂気である。
14Want de dwaas verspilt vele woorden. Niemand weet, wat de toekomst brengt; Want wie kan hem zeggen, wat er later komt?
14愚かな者は言葉を重ねる。 人は、これから何が起こるかを知らない。自分の後に起こることを、誰がその人に告げられるだろう。
15De domme slooft zich af bij zijn werk, Omdat hij niet eens de weg naar de stad kent.
15愚かな者の労苦は彼を疲れ果てさせる。町への道さえ知らない。
16Wee u, land, als uw koning een kind is, En uw prinsen in de morgenstond slempen.
16国よ、あなたの王が子どもで、 高官たちが朝から食べるなら、あなたは災いである。
17Heil u, land, als uw koning een edelman is, En uw prinsen op tijd maaltijd houden, Stevig, maar zonder zich te bedrinken.
17国よ、あなたの王が高貴な家柄の子で、 高官たちが適切な時に、 力を得るために食べ、酔うためではないなら、あなたは幸いである。
18Bij luiheid verzakken de balken, En het huis wordt lek door traagheid van handen.
18怠ければ屋根は落ち込み、 手をこまねけば家は雨漏りする。
19Om te genieten legt men maaltijden aan, En wijn vervrolijkt het leven; Voor geld is alles te krijgen.
19宴会は笑いのために設けられ、 ぶどう酒は人生を喜ばせる。 金はすべてに答える。
20Vloek den koning zelfs niet op uw sponde, En scheld zelfs in uw slaapvertrek niet op den rijke; Want de vogels in de lucht kraaien het rond, En de fladderaars brengen het uit.
20心の中でさえ王を呪ってはならない。 寝室でも富む者を呪ってはならない。 空の鳥があなたの声を運び、 翼あるものがそのことを告げる。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.