Psalm
Chapter 36
Bible Mutal (Kosraean)
vs Petrus Canisius Bi…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers

Psalm 36

Bible Mutal (Kosraean)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Ma koluk uh tilyang nu insien sie mwet koluk ac kaskas nu sel. El pilesru God ac tia sangeng sel.
1Voor muziekbegeleiding. Van David, den dienaar van Jahweh. De zonde fluistert den boze haar inblazingen toe. In het diepst van zijn hart; Geen vreze Gods Staat hem voor ogen.
2Ke sripen nunak fulat lal kacl sifacna El nunku mu God El ac tia etu ke ma koluk lal ac akkolukyal kac.
2Want ze heeft hem met blindheid geslagen, Zodat hij zijn misdaad kent noch haat.
3Kaskas lal uh koluk ac sessesla ke kikiap; El tia sifil oru ma lalmwetmet ac wo.
3Het woord van zijn mond Is leugen en bedrog. Hij weigert, zich verstandig en goed te gedragen;
4El akoo nunak kutasrik lal ke el oan fin mwe oan kial; Wangin ma wo el oru, Ac el tia fahsr liki ma koluk.
4Zelfs op zijn sponde bedenkt hij nog slechtheid. Het verkeerde pad gaat hij op, En wendt zich niet af van het kwaad.
5LEUM GOD , lungse kawil lom sun kusrao; Oaru lom sun pukungeng yen engyeng uh.
5Maar uw goedheid, o Jahweh, reikt tot de hemel, En tot aan de wolken uw trouw;
6Suwoswos lom fulat oana soko eol; Nununku lom loal oana acn loal meoa. Kom karinganang mwet ac ma orakrak.
6Uw gerechtigheid is als de bergen Gods, Als de onmetelijke oceaan uw gericht. Mensen en dieren helpt Gij, o Jahweh;
7O God, fuka saokiyen lungse kawil lom! Kut konauk nien wikla lasr ye lulin poum.
7Hoe heerlijk is uw genade, o God! Daarom zoeken de kinderen der mensen Hun toevlucht in de schaduw uwer vleugelen;
8Kut mutkin mwe mongo puspis su kom ase nu sesr; Kom ase ma wo puspis nu sesr, oana soror lun infacl uh.
8Zij verzadigen zich met het vet van uw woning, Gij laaft ze aan uw stroom van geneugten.
9Tuh kom pa mutaweyen moul nukewa, Ac ke sripen kalem lom kut ku in liye kalem.
9Want bij U is de bron van het leven, In ùw licht aanschouwen wij licht.
10Tia fuleak in lungse elos su etekom Ac in oru wo nu selos su suwohs insialos.
10Blijf uw goedertierenheid tonen aan hen, die U vrezen, Uw gerechtigheid aan de oprechten van hart;
11Nikmet lela tuh mwet inse fulat elos in lainyu Ku mwet koluk in oru tuh nga in kaing.
11Laat geen trotse voet mij vertrappen, Geen goddeloze vuisten mij slaan.
12Liye mwet koluk oan ingo — Sisila elos nu ten, ac elos tia ku in sifil tukakek.
12Maar waar de zondaars vallen, Laat ze daar liggen, en nimmermeer opstaan.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.