Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1Amem a justiça, vocês que julgam a terra. Pensem no Senhor com boa disposição. Busquem-no com sinceridade de coração,
1Bemint de gerechtigheid, gij heersers der aarde: Houdt den Heer voor ogen in rechtschapenheid, En zoekt Hem in oprechtheid des harten.
2pois ele se deixa encontrar pelos que não o põem à prova e se manifesta aos que confiam nele.
2Want Hij laat Zich vinden door wie Hem niet beproeven, En openbaart Zich aan die Hem niet wantrouwen.
3Pois pensamentos perversos afastam de Deus. Seu poder, quando posto à prova, convence e desmascara os insensatos;
3Gedachten van wantrouwen toch trekken van God af; Beproeft men zijn almacht, dan verslaat zij de dwazen.
4porque a sabedoria não entrará numa alma que planeja o mal, nem habitará num corpo escravizado pelo pecado.
4Neen, in een arglistige ziel treedt de wijsheid niet binnen; Zij woont niet in een lichaam, in de macht der zonde.
5Pois o santo espírito de disciplina fugirá do engano, afastará-se de pensamentos sem entendimento e recuará quando a injustiça chegar.
5Want de heilige geest der tucht vlucht alle onoprechtheid, Keert zich af van zondige gedachten, En trekt zich terug, als de ongerechtigheid nadert,
6Pois a sabedoria é um espírito que ama a humanidade e não deixará impune o blasfemo por causa de seus lábios, porque Deus é testemunha de seu íntimo, verdadeiro observador de seu coração e ouvinte de sua língua.
6Zeker, de wijsheid is een geest vol mensenliefde; Maar zij laat den lasteraar niet ongestraft voor zijn taal. Want God is getuige van zijn nieren, Waarachtige bespieder van zijn hart, En beluisteraar van zijn tong.
7Porque o espírito do Senhor encheu o mundo, e aquele que mantém todas as coisas unidas sabe o que é dito.
7Ja, de geest des Heren vervult het heelal; Alles samenhoudend, draagt Hij kennis van ieder woord.
8Portanto, ninguém que profere coisas injustas ficará oculto, nem a Justiça, ao condenar, passará por ele.
8Daarom blijft niemand verborgen, die goddeloos spreekt; De straffende rechtvaardigheid gaat hem niet voorbij.
9Pois os planos do ímpio serão investigados, e o som de suas palavras chegará ao Senhor para que suas ações perversas sejam condenadas;
9Want zelfs de gedachten van den zondaar worden ontleed; Het gerucht van zijn woorden dringt door tot den Heer, Zodat zijn zonden worden bestraft.
10porque um ouvido zeloso escuta todas as coisas, e o ruído das murmurações não fica escondido.
10Een naijverig oor toch verneemt alle geluid; Zelfs het zachtste gemompel blijft niet verborgen.
11Portanto, guardem-se de murmurações inúteis e preservem a língua da calúnia, porque nenhuma palavra secreta será dita em vão, e a boca mentirosa destrói a alma.
11Wacht u dus wel voor nutteloos morren, En behoedt uw tong voor de laster; Want zelfs heimelijk spreken blijft niet ongestraft, En een mond, die lastert, brengt dood aan de ziel.
12Não busquem a morte pelo erro de sua vida, nem atraiam a destruição sobre vocês pelas obras de suas mãos;
12Zoekt toch niet de dood door uw verkeerde wandel; Berokkent u geen verderf door de werken van uw handen.
13porque Deus não fez a morte, nem tem prazer na destruição dos vivos.
13Want het is niet God, die de dood heeft gemaakt; Hij vindt geen vreugde in de ondergang van de levenden.
14Pois ele criou todas as coisas para que existissem. As forças geradoras do mundo são salutares, e nelas não há veneno de destruição, nem o Hades exerce domínio real sobre a terra;
14Hij toch heeft alles geschapen om te leven, En de schepselen der aarde helpen mee. Geen verderfbrengend gift bevindt zich daarin, Zelfs het dodenrijk heeft geen macht op aarde;
15pois a justiça é imortal.
15Want de gerechtigheid is onsterfelijk.
16Mas os ímpios, por suas mãos e palavras, chamam a morte; considerando-a amiga, definharam por ela. Fizeram aliança com a morte, porque são dignos de pertencer a ela.
16Maar de goddelozen roepen de dood met daden en woorden, Ze smachten er naar, als was hij een vriend; Ze hebben met hem een verbond gesloten, Omdat ze verdienen, zijn buit te worden.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.