Hooglied
Chapter 8

Hooglied

Petrus Canisius Bible, 1…
vs Kulish and Puluj B…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Kulish and Puluj Bible (1905)
1Ach waart ge mijn broeder, Gezoogd aan de borst van mijn moeder: Vond ik u buiten, dan kon ik u kussen, En men zou er mij niet om verachten.
1Ой коли б же ти був мій братік рідний, що зо мною ссав груди в матері моєї! Тодї б я, й зустрівши тебе на улицї, тебе цїлувала, а мене б не суджено.
2Dan leidde ik u naar het huis van mijn moeder, Naar de kamer van haar, die mij baarde; Dan laafde ik u met geurige wijn, Met de most van granaten.
2Повела б я тебе, завела б у господу до моєї неньки. Ти вчив би мене, я ж поїла б тебе запашним вином, соком із яблок моїх гранатних.
3Maar zijn linker moet rusten onder mijn hoofd Zijn rechter houde mij omstrengeld!
3Лїва рука його під головою в мене, а права мене обнімає.
4“Ik bezweer u, Jerusalems dochters, Bij de gazellen en de hinden in het veld: Hoe hebt gij de liefde durven wekken en lokken, Voordat het haar lust?”
4Ой прошу ж я вас, дочки ви Ерусалимські, не будїть і не трівожте милої моєї, доки їй любо!
5Wie stijgt daar op uit de steppe Op haar beminde geleund? Onder de appelboom heb ik uw liefde gewekt: Daar, waar uw moeder u ontving, U baarde met smarten.
5Хто се, спершись на милого, йде з пустинї? Ось де під яблонею розбудила я тебе: там породила тебе мати твоя, там привела на сьвіт тебе родителька твоя.
6Leg mij op uw hart als een zegel, Om uw arm als een band: Want sterk als de dood is de liefde! Onverbiddelijk als het graf is haar gloed, Zij laait op als het flitsende vuur, Haar vlammen zijn vlammen van Jahweh!
6Зложи ж мене печаттю на серце в тебе, надїнь, як перстень, на руку собі; любов бо, як та смерть, кріпка; заздрість — як пекло, люта; стріли її — стріли огняні; вона — полумє страшно палаюче.
7Watergolven missen de kracht, Om de liefde te blussen, En stromen verzwelgen haar niet. Al bood iemand ook al zijn schatten, Zelfs zijn paleis voor de liefde, Smadelijk wees men hem af!
7Годї вгасити любови і водам премногим, та й ріки її не заллють. Хоч би за любов давав хто всї статки свого дому, то їх би відкинено згірдно.
8Wij hadden een jeugdige zuster, Nog zonder borsten: Wat moesten we met onze zuster doen Wanneer men haar vroeg?
8Є сестра у нас мала ще, безгруда; що робити мем із нашою сестрою, як прийдуть старости до неї?
9Was zij een muur Dan konden we er een zilveren borstweer op bouwen; Was zij een poort, We sloten haar af met een cederbalk.
9Коли б вона була муром, — ми збудовали б на нїй срібні палати; коли б вона була дверми, то ми обложили б її дошками з кедрини.
10Ja, ik wàs een muur, En torens waren mijn borsten: Juist daarom werd ik in zijn ogen Een toegang van vrede!
10О, я мур, і груди в мене, як башти; тим то й буду я в очах його вповнї дозрілою.
11Salomon heeft een wijngaard in Báal-Hamon, Hij heeft hem onder de hoede van wachters gesteld; Elk moet voor zijn vruchten Duizend zilveren sikkels betalen.
11У Баал-Гамонї мав Соломон виноградник; він передав той виноградник сторожам, а кожний мав платити за його плоди по тисячі срібних.
12Mijn wijngaard is van mij alleen, En zijn vrucht is voor mij! Die duizend, Salomon, gun ik u, En de wachters tweehonderd.
12А мій виноградник таки в мене. Нехай тобі, Соломоне, будуть твої тисячі, та ще й двістї сторожам плодів його.
13O gij, die in de lusthof toeft: De vrienden luisteren; Laat mij horen uw stem, Uw wensen vernemen.
13Ти, що в садах проживаєш! товариші прислухуються голосови твойму; дай же й менї послухати його.
14Snel, mijn beminde, En doe zoals de gazel, Of het jong van het hert Op de balsembergen!
14Біжи ж (зо мною), мій милий, мов сугак, мов олень на горах запашних!

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.