Spreuken 13
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Freedom Bible (Thai)
1Een verstandig kind volgt de tucht van zijn vader, Een deugniet is doof voor verwijten.
1ลูกมีปัญญารับฟังคำสั่งสอนของพ่อ แต่คนชอบเยาะเย้ยไม่ฟังคำตักเตือน
2De goede geniet van de vrucht der gerechtigheid Het verlangen der zondaars gaat uit naar geweld.
2คนย่อมได้ลิ้มรสสิ่งดีจากผลของคำพูดตน แต่คนไม่ซื่อสัตย์กระหายความรุนแรง
3Wie op zijn mond let, behoedt zichzelf; Maar wie zijn lippen openspalkt, hèm dreigt gevaar.
3คนที่เฝ้าปากก็รักษาชีวิตของตน แต่คนที่พูดพล่อยไม่ยั้งปากมุ่งสู่ความพินาศ
4De begeerte van den luiaard blijft onvervuld, Het verlangen der vlijtigen wordt ruimschoots bevredigd.
4คนเกียจคร้านอยากได้แต่ไม่ได้อะไร แต่คนขยันได้สมใจจนเต็มอิ่ม
5De rechtvaardige heeft een afkeer van leugentaal, Maar de boze smaadt en schimpt.
5คนชอบธรรมเกลียดคำโกหก แต่คนชั่วนำความอับอายและความน่าอดสูมาให้
6De deugd beschermt hem, die onberispelijk wandelt, De boosheid brengt de zondaars ten val.
6ความชอบธรรมคุ้มครองทางของคนซื่อตรง แต่ความชั่วล้มคนบาปลง
7Er zijn er, die zich rijk houden, maar alles ontberen; Ook, die zich arm voordoen, en kapitalen bezitten.
7บางคนทำเป็นร่ำรวยทั้งที่ไม่มีอะไร บางคนทำเป็นยากจนทั้งที่มีทรัพย์มากมาย
8Met rijkdom kan men zijn leven kopen, Maar de arme kan geen losprijs vinden.
8ทรัพย์สินใช้เป็นค่าไถ่ชีวิตคนได้ แต่คนจนไม่ต้องฟังคำขู่
9Het licht der rechtvaardigen brandt lustig, De lamp der bozen gaat uit.
9แสงของคนชอบธรรมส่องสว่างสดใส แต่ตะเกียงของคนชั่วจะดับลง
10Overmoed geeft enkel twist, Alleen bij ootmoedigen is wijsheid.
10ความหยิ่งมีแต่ก่อการทะเลาะ แต่ปัญญาอยู่กับคนที่รับฟังคำแนะนำ
11Snel verworven rijkdom slinkt even vlug weg; Alleen wie gestadig verzamelt, wordt rijk.
11ทรัพย์ที่ได้มาโดยไม่ซื่อสัตย์ค่อยๆ ร่อยหรอ แต่คนที่เก็บสะสมทีละน้อยย่อมมีเพิ่มขึ้น
12Langdurig wachten sloopt het hart, Maar een vervulde wens is een boom des levens.
12ความหวังที่เลื่อนออกไปทำให้ใจตรอม แต่ความปรารถนาที่เป็นจริงเป็นต้นไม้แห่งชีวิต
13Wie het bevel niet telt, wordt ervoor gestraft; Wie het voorschrift eerbiedigt, wordt beloond.
13คนที่ดูหมิ่นคำสั่งสอนจะต้องชดใช้ แต่คนที่เคารพคำสั่งย่อมได้รับรางวัล
14Het onderricht van den wijze is een bron van leven; Men vermijdt er mee de strikken des doods.
14คำสอนของคนมีปัญญาเป็นธารแห่งชีวิต ช่วยให้พ้นจากบ่วงแห่งความตาย
15Gezond verstand maakt bemind, Het gedrag der veinzaards leidt tot hun eigen verderf.
15ความเข้าใจที่ดีย่อมนำความโปรดปรานมาให้ แต่ทางของคนไม่ซื่อสัตย์นั้นยากลำบาก
16Een wijze doet alles met beleid, Maar een zot kraamt zijn dwaasheid uit.
16คนรอบคอบทำทุกอย่างด้วยความรู้ แต่คนโง่เปิดเผยความโง่ของตน
17Een onbekwaam boodschapper brengt ongeluk aan, Een betrouwbaar gezant wendt het af.
17ผู้ส่งสารชั่วร้ายย่อมพบความเดือดร้อน แต่ผู้ส่งสารที่ไว้ใจได้ย่อมได้รับการเยียวยา
18Armoe en schande voor wie de berisping niet telt; Maar wie een vermaning ter harte neemt, wordt geëerd.
18คนที่ปฏิเสธการอบรมย่อมพบความยากจนและความอับอาย แต่คนที่รับฟังคำแก้ไขจะได้รับเกียรติ
19Een vervulde wens is zoet voor de ziel, Het kwaad te mijden is voor de bozen een gruwel.
19ความปรารถนาที่สมหวังชื่นใจ แต่คนโง่เกลียดที่จะหันจากความชั่ว
20Wie met wijzen omgaat wordt wijs; Wie het met dwazen houdt, vergaat het slecht.
20เดินกับคนมีปัญญา ก็จะมีปัญญา แต่คบคนโง่ ย่อมได้รับความเสียหาย
21De zondaars zit het ongeluk op de hielen, Welvaart is het deel der rechtvaardigen.
21ความทุกข์ไล่ตามคนบาป แต่ความเจริญตอบแทนคนชอบธรรม
22De deugdzame laat zijn kleinkinderen een erfenis na, Wat een zondaar bezit, is voor den rechtvaardige bestemd.
22คนดีทิ้งมรดกไว้ถึงรุ่นหลาน แต่ทรัพย์ของคนบาปถูกเก็บไว้ให้คนชอบธรรม
23Veel voedsel geeft het braakland der armen, Maar door onrecht gaat het meeste verloren.
23ไร่นาของคนยากจนให้ผลอาหารมากมาย แต่ความอยุติธรรมกวาดมันไปเสีย
24Wie de roede spaart, houdt niet van zijn kind; Want wie het liefheeft, kastijdt het.
24คนที่ไม่ยอมใช้ไม้เรียวเกลียดลูกของตน แต่คนที่รักลูกใส่ใจอบรมสั่งสอน
25De rechtvaardige kan eten tot verzadigens toe, De maag der bozen komt te kort.
25คนชอบธรรมกินจนอิ่ม แต่ท้องของคนชั่วยังหิวอยู่
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.