Jesaja
Chapter 54
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1Jubel, onvruchtbare, die nooit hebt gebaard, Breek uit in gejuich en gejubel, die geen barensnood kent; Want talrijker zullen de zonen der verlatene zijn, Dan die der gehuwde, spreekt Jahweh!
1你這不懷孕、不生養的要歌唱; 你這未曾經過產難的要發聲歌唱,揚聲歡呼; 因為沒有丈夫的比有丈夫的兒女更多。 這是耶和華說的。
2Kies ruime plaats voor uw tent, Span wijd uw tentdoeken uit; Maak langer uw koorden, Sla vaster uw pinnen!
2要擴張你帳幕之地, 張大你居所的幔子,不要限止; 要放長你的繩子, 堅固你的橛子。
3Want naar rechts en naar links Breekt gij uit; Uw kroost zal naties bezitten, Verwoeste steden bevolken.
3因為你要向左向右開展; 你的後裔必得多國為業, 又使荒涼的城邑有人居住。
4Heb dus geen vrees, want ge komt niet te schande, Bloos niet, want ge wordt niet beschaamd. Neen, ge moet de schande uwer jeugd maar vergeten, De smaad van uw weduwschap niet langer gedenken.
4不要懼怕,因你必不致蒙羞; 也不要抱愧,因你必不致受辱。 你必忘記幼年的羞愧, 不再記念你寡居的羞辱。
5Want uw Schepper zelf wordt uw gade, Jahweh der heirscharen is zijn Naam; Israëls Heilige wordt uw Verlosser, God van heel de aarde wordt Hij genoemd.
5因為造你的是你的丈夫; 萬軍之耶和華是他的名。 救贖你的是 以色列 的聖者; 他必稱為全地之上帝。
6Ja, als een eenzame vrouw, van droefheid verslagen, Heeft Jahweh u geroepen; Als een vrouw, van haar jeugd af versmaad, Zegt uw God!
6耶和華召你, 如召被離棄心中憂傷的妻, 就是幼年所娶被棄的妻。 這是你上帝所說的。
7Wel heb Ik u voor een korte stonde verlaten, Maar in grote ontferming neem Ik u terug;
7我離棄你不過片時, 卻要施大恩將你收回。
8In ziedende gramschap een ogenblik lang U mijn aanschijn verborgen, Maar in eeuwig erbarmen ontferm Ik Mij over u, Spreekt Jahweh, uw Verlosser!
8我的怒氣漲溢, 頃刻之間向你掩面, 卻要以永遠的慈愛憐恤你。 這是耶和華-你的救贖主說的。
9Waarachtig, als in de dagen van Noë Zal ‘t nu voor Mij zijn! Zoals Ik toen heb gezworen, Dat Noë’s wateren nooit meer de aarde zouden bedekken: Zo zweer Ik, op u niet te toornen, Niet langer u te bedreigen.
9這事在我好像 挪亞 的洪水。 我怎樣起誓不再使 挪亞 的洪水漫過遍地, 我也照樣起誓不再向你發怒, 也不斥責你。
10En al wijken de bergen, Al wankelen de heuvels: Mijn genade wijkt niet van u, Mijn Bond van Vrede wankelt niet, zegt Jahweh, uw Ontfermer!
10大山可以挪開, 小山可以遷移; 但我的慈愛必不離開你; 我平安的約也不遷移。 這是憐恤你的耶和華說的。
11Gij arme, gejaagde en troosteloze, Zie, uw grondvesten leg Ik met jaspis, Uw fundament met saffieren;
11你這受困苦、被風飄蕩不得安慰的人哪, 我必以彩色安置你的石頭, 以藍寶石立定你的根基;
12Van robijnen maak Ik uw tinnen, Van karbonkels uw poorten, Al uw wallen van edelgesteente;
12又以紅寶石造你的女牆, 以紅玉造你的城門, 以寶石造你四圍的邊界。
13En al die u bouwen, Worden door Jahweh zelf onderricht! Een heerlijke vrede valt uw zonen ten deel,
13你的兒女都要受耶和華的教訓; 你的兒女必大享平安。
14Als gij in gerechtigheid zijt bevestigd. Verban dus de vrees: ge hebt niets te duchten; En de verschrikking: zij nadert u niet.
14你必因公義得堅立, 必遠離欺壓,不致害怕; 你必遠離驚嚇,驚嚇必不臨近你。
15Zie, die u aangrijpt, Krijgt zijn einde van Mij; Die ù overvalt, Zal over ù vallen.
15即或有人聚集,卻不由於我; 凡聚集攻擊你的,必因你仆倒。
16Zie, Ik zelf schiep den smid, Die het kolenvuur aanblaast, En naar zijn ambacht er wapens uit smeedt: Maar Ik schiep ook den verdelger, om ze te vernielen.
16吹噓炭火、打造合用器械的鐵匠是我所造; 殘害人、行毀滅的也是我所造。
17Neen, geen wapen zal treffen, dat tegen u is gesmeed; Elke tong, die u beschuldigt, zult ge in ‘t ongelijk stellen: Dit is het erfdeel van de dienaars van Jahweh, Hun aanspraak bij Mij: is de godsspraak van Jahweh!
17凡為攻擊你造成的器械必不利用; 凡在審判時興起用舌攻擊你的, 你必定他為有罪。 這是耶和華僕人的產業, 是他們從我所得的義。 這是耶和華說的。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.