Jesaja
Chapter 47
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Chinese Union Vers…
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Chinese Union Version, punctuated (Traditional)
1Kom af, zet u neer in het stof, Gij jonkvrouw, dochter van Babel; Zit neer op de grond, zonder troon, Gij dochter van de Chaldeën; Want niet langer zal men u noemen Verwend en vertroeteld.
1巴比倫 的處女啊, 下來坐在塵埃; 迦勒底 的閨女啊, 沒有寶座,要坐在地上; 因為你不再稱為柔弱嬌嫩的。
2Ga de handmolen halen, om meel te malen, Doe uw sluier af, uw sleep omhoog; Ontbloot uw benen, Om door stromen te waden,
2要用磨磨麵, 揭去帕子, 脫去長衣,露腿詵河。
3Naakt zij uw schaamte, Uw schande te pronk! Wraak zal Ik nemen, onverbiddelijk, spreekt onze Redder,
3你的下體必被露出; 你的醜陋必被看見。 我要報仇, 誰也不寬容。
4Israëls Heilige, Jahweh der heirscharen is zijn Naam!
4我們救贖主的名是 萬軍之耶和華- 以色列 的聖者。
5Houd u maar stil, en ga in de duisternis zitten, Dochter van de Chaldeën; Want nooit meer zal men u noemen De souverein van koninkrijken!
5迦勒底 的閨女啊, 你要默然靜坐,進入暗中, 因為你不再稱為列國的主母。
6Omdat Ik op mijn volk was vergramd, Heb Ik mijn erfdeel ontwijd, in uw handen geleverd. Maar gij hebt hun geen medelijden getoond, Zelfs op grijsaards zwaar uw juk laten drukken.
6我向我的百姓發怒, 使我的產業被褻瀆, 將他們交在你手中, 你毫不憐憫他們, 把極重的軛加在老年人身上。
7Gij hebt gezegd: Souverein zal ik zijn voor altijd en eeuwig, Uw einde kwam niet eens bij u op, gij dacht er niet aan.
7你自己說:我必永為主母, 所以你不將這事放在心上, 也不思想這事的結局。
8Hoor dan, wellustige, Die zorgeloos neerzit; Die denkt bij uzelf: Dat ben ik, en geen ander; Nooit blijf ik als weduwe zitten, Nooit zal ik zonder kinderen zijn.
8你這專好宴樂、安然居住的, 現在當聽這話。 你心中說:惟有我, 除我以外再沒有別的。 我必不致寡居, 也不遭喪子之事。
9Maar juist deze twee rampen zullen u treffen, Plotseling, op één enkele dag; Kinderloosheid en weduwschap Zullen in al haar zwaarte op u vallen: Ondanks uw talloze toverkunsten, En de grote macht van uw bezweerders.
9哪知,喪子、寡居這兩件事 在一日轉眼之間必臨到你; 正在你多行邪術、廣施符咒的時候, 這兩件事必全然臨到你身上。
10Ge hebt op uw boosheid vertrouwd, En gezegd: Niemand doorziet mij. Uw wijsheid en kunde Hebben u op een dwaalspoor gebracht; Zodat ge dacht bij uzelf: Dat ben ik, en geen ander!
10你素來倚仗自己的惡行,說: 無人看見我。 你的智慧聰明使你偏邪, 並且你心裏說:惟有我, 除我以外再沒有別的。
11Maar een onheil zal over u komen, Dat ge niet weet weg te toveren; Een ramp op u vallen, Die ge niet kunt bezweren; Plotseling een vernieling u treffen, Geheel onverwacht!
11因此,禍患要臨到你身; 你不知何時發現, 災害落在你身上, 你也不能除掉; 所不知道的毀滅也必忽然臨到你身。
12Houd maar vol met uw bezweringen En met uw talloze toverkunsten, Waarmee ge u hebt afgesloofd Van uw prilste jeugd. Misschien nog kunt ge er baat bij vinden, Of jaagt ge er anderen schrik mee aan.
12站起來吧! 用你從幼年勞神施行的符咒和你許多的邪術; 或者可得益處, 或者可得強勝。
13Ge hebt u vermoeid met uw vele beraders, Laat ze nu opstaan; Laat ze u redden, de hemelbezweerders, En sterrenkijkers, Die u elke maand laten weten, Wat er voor u zal gebeuren.
13你籌劃太多,以致疲倦。 讓那些觀天象的,看星宿的, 在月朔說預言的,都站起來, 救你脫離所要臨到你的事。
14Zie, ze worden als kaf, Dat het vuur zal verbranden; Ze kunnen zichzelf niet redden Uit de greep van de vlammen. Neen, ‘t is geen vuur, om zich te warmen, Geen haard, om er voor te gaan zitten.
14他們要像碎稭被火焚燒, 不能救自己脫離火焰之力; 這火並非可烤的炭火, 也不是可以坐在其前的火。
15Dat hebt ge nu van uw bezweerders, En van uw tovenaars, zonder tal, Waarmee ge u hebt afgesloofd Van uw prilste jeugd: Ze stuiven langs alle kanten uiteen, Niet één, die u redt!
15你所勞神的事都要這樣與你 無益 ; 從幼年與你貿易的也都各奔各鄉,無人救你。

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.