시편 132
Korean Bible, 1910 (한국어 성경)Translation
Korean Bible, 1910 (한국어 성경)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1(성전에 올라가는 노래) 여호와여, 다윗을 위하여 그의 모든 근심한 것을 기억하소서
1Een bedevaartslied. Blijf David gedenken, o Jahweh, En alle moeite, die hij zich troostte,
2저가 여호와께 맹세하며 야곱의 전능자에게 서원하기를
2Omdat hij Jahweh had gezworen, Jakobs Sterke had beloofd:
3내가 실로 나의 거하는 장막에 들어가지 아니하며 내 침상에 오르지 아니하며
3Ik zal mijn woontent niet ingaan, Mijn legerstede niet beklimmen,
4내 눈으로 잠들게 아니하며 내 눈꺼풀로 졸게 아니하기를
4Mijn ogen geen slaap gunnen, Mijn wimpers geen sluimer:
5여호와의 처소 곧 야곱의 전능자의 성막을 발견하기까지 하리라 하였나이다
5Voordat ik een plaats heb gevonden voor Jahweh, Voor Jakobs Sterke een woning!
6우리가 그것이 에브라다에 있다 함을 들었더니 나무 밭에서 찾았도다
6Zie, wij hoorden, dat zij in Efráta was, Wij vonden haar weer in de velden van Jáar;
7우리가 그의 성막에 들어가서 그 발등상 앞에서 경배하리로다
7Laat ons naar zijn Woning gaan, En ons voor zijn voetbank werpen!
8여호와여, 일어나사 주의 권능의 궤와 함께 평안한 곳으로 들어가소서
8Jahweh, trek op naar uw rustplaats, Gij zelf en de ark uwer glorie!
9주의 제사장들은 의를 입고 주의 성도들은 즐거이 외칠지어다
9Mogen uw priesters met gerechtigheid worden bekleed, En uw vromen een jubellied zingen!
10주의 종 다윗을 위하여 주의 기름 받은 자의 얼굴을 물리치지 마옵소서
10Om wille van David, uw dienaar, Wijs het gebed van uw gezalfde niet af!
11여호와께서 다윗에게 성실히 맹세하셨으니 변치 아니하실지라 이르시기를 네 몸의 소생을 네 위에 둘지라
11En Jahweh heeft aan David gezworen, Een trouwe Belofte, waarvan Hij niet afwijkt: Van de vrucht van uw schoot Zet Ik er een op uw troon!
12네 자손이 내 언약과 저희에게 교훈하는 내 증거를 지킬진대 저희 후손도 영원히 네 위에 앉으리라 하셨도다
12En zo uw zonen mijn verbond onderhouden, En de vermaningen, die Ik hun gaf, Dan zullen ook hùn zonen voor eeuwig Op uw troon blijven zitten!
13여호와께서 시온을 택하시고 자기 거처를 삼고자 하여 이르시기를
13Want Jahweh heeft Sion verkoren, En Zich tot woning begeerd!
14이는 나의 영원히 쉴 곳이라 내가 여기 거할 것은 이를 원하였음이로다
14“Hij is mijn rustplaats voor eeuwig; Hier wil Ik wonen, want hèm heb Ik verkoren!
15내가 이 성의 식료품에 풍족히 복을 주고 양식으로 그 빈민을 만족케 하리로다
15Zijn mondkost zal Ik ruimschoots zegenen, Zijn armen verzadigen met brood;
16내가 그 제사장들에게 구원으로 입히리니 그 성도들은 즐거움으로 외치리로다
16Zijn priesters zal Ik met heil bekleden. Zijn vromen zullen een jubellied zingen!
17내가 거기서 다윗에게 뿔이 나게 할 것이라 내가 내 기름 부은 자를 위하여 등을 예비하였도다
17Hier zal Ik David een Hoorn doen ontspruiten, Een lamp ontsteken voor mijn Gezalfde;
18내가 저의 원수에게는 수치로 입히고 저에게는 면류관이 빛나게 하리라 하셨도다
18Zijn vijanden zal Ik met schande bedekken, Mijn kroon zal schitteren op zijn hoofd!”
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.