3 Мойсея 8
Kulish and Puluj Bible (1905)Translation
Kulish and Puluj Bible (1905)
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
1І рече Господь Мойсейові:
1Jahweh sprak tot Moses:
2Возьми Арона й синів його з ним і шати і миро і бичка на жертву за гріх і два барани і кошик опрісноків,
2Neem Aäron en zijn zonen met de gewaden, de zalfolie, den stier van het zondeoffer, de twee rammen, de korf met ongedesemde broden,
3І збери всю громаду до входу в соборний намет.
3en roep de hele gemeenschap bij de ingang van de openbaringstent tezamen.
4І вчинив Мойсей, як заповідав йому Господь, і зібралась громада до входу соборного намету.
4Moses deed, wat Jahweh hem had bevolen. En toen het volk aan de ingang van de openbaringstent bijeen was gekomen,
5І промовив Мойсей до громади: Ось що заповідав Господь учинити.
5sprak Moses tot het verzamelde volk: Dit heeft Jahweh bevolen te doen.
6І велїв Мойсей приближитись Аронові і синам його, та й пообливав їх водою.
6Toen liet Moses Aäron en zijn zonen toetreden, en waste hen met water.
7І надїв на його хитон, і підперезав його поясом, і окрив його верхньою ризою, і накинув на його оплїчника та й підперезав його мережаною крайкою наплїчника і підвязав на йому оплїчника;
7Vervolgens trok hij Aäron de tuniek aan, deed hem de gordel om, bekleedde hem met de schoudermantel, sloeg hem het borstkleed om, omgordde hem met de gordel van het borstkleed, en bond het daarmee vast.
8І повісив на його нагрудника і положив на нагруднику урім і тумім.
8Hij hing hem de borsttas om, en legde in de borsttas de Oerim en de Toemmim;
9І наложив кедар на голову йому, і причіпив до кедара, з переду його, золоту бляху, сьвяту диядему, так як заповідав Господь Мойсейові.
9hij zette hem de tulband op, en bevestigde van voren aan de tulband de gouden plaat, de heilige diadeem, zoals Jahweh het Moses bevolen had.
10І взяв Мойсей мира, і помазав храмину і все, що було в нїй, і осьвятив її.
10Daarna nam Moses de zalfolie, en zalfde de tabernakel met al wat daarin was, om het te wijden.
11І бризнув на жертівника сїм раз і помазав жертівника і всю посудину його.
11Hij besprenkelde daarmee zeven maal het altaar, en zalfde het altaar met toebehoren en het wasbekken met zijn onderstel, om ze te wijden.
12І злив мира на голову Аронові, та й помазав його, щоб осьвятити його.
12Ook op het hoofd van Aäron goot hij een weinig zalfolie uit, en zalfde hem, om hem te wijden.
13І казав Мойсей приступити синам Ароновим, і повдягав їх у хитони, і попідперізував їх поясами, і понакладав на них клобуки: як заповідав Господь Мойсейові.
13Nu liet Moses de zonen van Aäron naderbij komen. Hij bekleedde ze met de tuniek, legde ze de gordel aan, en bond ze de hoofddoeken om, zoals Jahweh het Moses bevolen had.
14І привів бичка, що на жертву за гріх; і положили Арон і сини його руки свої на голову бичка, жертви за гріх.
14Vervolgens liet hij den stier van het zondeoffer voorbrengen; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den stier van het zondeoffer.
15І заколов його, і взяв Мойсей крові, і положив на роги жертівника з усїх боків пучкою своєю, і розгрішив жертівника; а кров вилив до стояла жертівника і осьвятив його, відправивши покуту за його.
15Daarna liet Moses hem slachten, nam het bloed, streek het met zijn vinger aan de hoornen langs alle kanten van het altaar, en nam zo de onreinheid van het altaar weg. De rest van het bloed goot hij uit aan de voet van het altaar. Zo wijdde hij het, door de verzoeningsplechtigheid er aan te verrichten.
16І взяв увесь жир, що на тельбухах, і сальник на печінцї, й обидві нирки, і жир їх, і воскурив все те Мойсей на жертівнику.
16Nu nam Moses al het vet, dat aan de ingewanden zat, de kwab aan de lever, de beide nieren met haar vet, en deed het op het altaar in rook opgaan.
17Бичка же і шкіру його і мясиво його і кал його попалив на вогнї за табором; як заповідав Господь Мойсейові.
17Den stier zelf met huid, vlees en darmen, verbrandde hij buiten de legerplaats, zoals Jahweh het Moses bevolen had.
18І привів ще барана на огняну жертву; і положили Арон і сини його руки свої на голову барана.
18Vervolgens liet hij den ram van het brandoffer brengen; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den ram.
19І заколов його, і побризкав Мойсей крові на жертівника з усїх боків.
19Daarna liet Moses hem slachten, besprenkelde het altaar aan alle kanten met het bloed, sneed den ram aan stukken en deed de kop, de stukken en het vet in rook opgaan,
20А барана подїлив на частки, і воскурив Мойсей голову і частки й жир; а тельбухи і ноги виполоскав у водї.
20-
21І пустив Мойсей димом усього барана на жертівнику: се було жертвопаленнє про любі пахощі, огняна жертва Господеві, як заповідав Господь Мойсейові.
21met ingewanden en poten, na die eerst met water te hebben gewassen. Zo deed Moses den helen ram op het altaar in rook opgaan. Het was een welriekend brandoffer, een vuuroffer voor Jahweh, zoals Jahweh het Moses bevolen had.
22І привів барана другого, барана посьвятного, і положили Арон і сини його руки на голову барана.
22Vervolgens liet hij den tweeden ram voorbrengen, die voor het wijdingsoffer was bestemd; en Aäron en zijn zonen legden hun handen op de kop van den ram.
23І заколов його, і взяв Мойсей крові та й положив на пучку правого вуха Аронові, і на великий палець руки його правої, і на великий палець ноги його правої.
23Daarna deed Moses hem slachten, nam wat van zijn bloed, en streek het aan de rechteroorlel van Aäron, aan zijn rechterduim en aan de grote teen van zijn rechtervoet;
24І казав приступити синам Ароновим, і положив Мойсей крові на пучку в ушах їх правих, і на великий палець рук їх правих, і на великий палець ніг їх, і набризкав Мойсей крові на жертівника з усїх боків.
24daarna liet Moses de zonen van Aäron naderbij komen, en streek eveneens een weinig bloed aan hun rechteroorlel, aan hun rechterduim en aan de grote teen van hun rechtervoet. Met de rest van het bloed besprenkelde hij aan alle kanten het altaar.
25І взяв жир і курдюк і ввесь жир, що на тельбухах і сальник на печінцї, й обидві нирки і жир їх, і лопатку праву.
25Nu nam hij het vet, het staartvet en al het vet, dat aan de ingewanden zit, de kwab aan de lever, de beide nieren met haar vet en de rechterschenkel;
26А з кошика опрісноків, що стояли перед Господом, узяв одного опріснока і одного коржа хлїба олїйного та й одну ладку, і положив на масні куснї і на праву лопатку;
26en uit de korf met ongedesemde broden, die voor het aanschijn van Jahweh stond, nam hij een ongedesemde koek, een met olie bereide broodkoek en een vla, en schikte ze op de vette stukken en de rechterschenkel.
27І передав усе разом на руки Аронові і на руки синам його, і принїс гойдану жертву перед Господом.
27Dat alles legde hij in de handen van Aäron en in die van zijn zonen, en liet het als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aanbieden.
28І взяв те Мойсей з рук їх та й пустив з димом на жертівнику всепалення: була се жертва посьвятна на любі пахощі, огняна жертва Господеві.
28Toen nam Moses het weer uit hun handen, en deed het op het altaar tegelijk met het brandoffer in rook opgaan; dit was het welriekend wijdingsoffer, het vuuroffer voor Jahweh.
29І взяв Мойсей погруддє і принїс жертву гойдану перед Господом; була се частка Мойсейова від посьвятного барана, як повелїв Господь Мойсейові.
29Daarna nam Moses het borststuk, en bood het als een strekoffer voor het aanschijn van Jahweh aan; dit was het deel van den wijdingsram, dat Moses toekwam, zoals Jahweh het Moses bevolen had.
30І взяв Мойсей оливи до помазання та крові, що була на жертівнику, і покропив Арона, одїж його і одїж синів його з ним, і осьвятив Арона і одїж його, і синів його і одїж синів його з ним.
30Tenslotte nam Moses een weinig zalfolie en wat bloed, dat aan het altaar zat, en besprenkelde Aäron en zijn gewaden ermee, evenals zijn zonen met hun gewaden. Zo wijdde hij Aäron met zijn gewaden en zijn zonen met hun gewaden.
31І рече Мойсей Аронові й синам його: Зваріть мясиво коло входу в соборний намет і зʼїжте його там із хлїбом, що в кошику для жертви посьвятної, як я велїв, казавши: Арон і сини його їсти муть.
31Toen sprak Moses tot Aäron en zijn zonen: Kookt het vlees aan de ingang van de openbaringstent, en eet het daar met het brood, dat in de korf van het wijdingsoffer ligt; want mij is bevolen. dat Aäron en zijn zonen het moeten eten.
32Останок же з мясива і тук мусите спалити вогнем.
32Wat er overblijft van het vlees en het brood, moet ge in het vuur verbranden.
33Від входу ж у соборний намет не відходити мете сїм день, аж поки не скінчаться днї жертви посьвятної: бо сїм день буде він висьвячувати вас.
33Zeven dagen lang moogt ge u niet van de ingang van de openbaringstent verwijderen, totdat de dagen van uw wijding zijn verstreken; want zeven dagen zal uw wijding duren.
34Як чинив сьогодні, заповідав Господь чинити, щоб відбути покуту за вас.
34Zoals men het heden gedaan heeft, heeft Jahweh het ook voor de toekomst bevolen, om de verzoeningsplechtigheden aan u te verrichten.
35І жити мете коло входу в соборний намет і день і ніч сїм діб, і пильнувати мете заповідї Господнї, щоб не померти вам; так бо наказано менї.
35Blijft dus dag en nacht aan de ingang van de openbaringstent zeven dagen lang, en onderhoudt de voorschriften van Jahweh, opdat ge niet sterft; want zo is het mij bevolen.
36І вчинили Арон і сини його все, що заповідав Господь через Мойсейя.
36En Aäron en zijn zonen deden alles, wat Jahweh door Moses bevolen had.
Tip: use the ← and → keys to turn chapters.