Jesaja
Chapter 23
Petrus Canisius Bible, 1…
vs Bíblia Portuguesa …
Aa
Text size
Line width
Verse numbers
Petrus Canisius Bible, 1939 (De Heilige Schrift)
Bíblia Portuguesa Mundial (Brazilian Portuguese)
1Godsspraak over Tyrus. Jammert, schepen van Tarsjisj; Uw haven is weg! Bij hun thuiskomst uit het land der Kittieten, Hebben ze die tijding vernomen.
1A sentença contra Tiro. Uivem, navios de Társis! Pois ela está destruída, de modo que não há casa, nem onde entrar. Da terra de Quitim isso lhes foi revelado.
2Verstomt, bewoners der kusten, kooplui van Sidon,
2Calem-se, habitantes do litoral, vocês a quem os mercadores de Sidom, que atravessam o mar, enriqueceram.
3Wiens boden de onmetelijke wateren doorploegen, Die het zaad van Sjichor vervoert en de oogst van de Nijl: De marktplaats der volken.
3Sobre as grandes águas, a semente de Sior, a colheita do Nilo, era a sua renda. Ela era o mercado das nações.
4Schaam u, Sidon, want de zee roept u toe, En de zeevesting antwoordt: Ik zal geen weeën meer hebben, noch baren: Ik breng geen zonen groot, voedt geen dochters meer op!
4Envergonhe-se, Sidom; pois o mar falou, a fortaleza do mar, dizendo: “Eu não tive dores de parto, nem dei à luz, tampouco criei jovens, nem eduquei virgens.”
5Wanneer Egypte het hoort, Zal het rillen van de geruchten uit Tyrus;
5Quando a notícia chegar ao Egito, eles ficarão angustiados com a notícia de Tiro.
6De Tarsjisj-vaarders zullen jammeren Over de bewoners der kusten.
6Atravessem para Társis! Lamentem, habitantes do litoral!
7Is dit nu de dartele stad, Die haar oorsprong had in het grijze verleden; Wier voeten haar droegen, Om op verre plaatsen te wonen?
7É esta a sua cidade alegre, cuja antiguidade vem de dias antigos, cujos pés a levaram para longe para peregrinar?
8Wie heeft zo iets durven beslissen Tegen Tyrus, dat kronen verdeelde, Wiens kooplieden golden voor vorsten, Wiens handelaars over heel de aarde waren geëerd’
8Quem planejou isso contra Tiro, a distribuidora de coroas, cujos mercadores são príncipes, cujos comerciantes são os nobres da terra?
9Jahweh der heirscharen heeft het beslist: Om de hoogmoed te fnuiken, Alle glans te verdoven, Al wat geëerd wordt op aarde!
9O SENHOR dos Exércitos planejou isso, para manchar o orgulho de toda a glória, para trazer desprezo a todos os nobres da terra.
10Men overstroomt uw land als de Nijl, Geen dam meer, dochter van Tarsjisj:
10Atravesse a sua terra como o Nilo, filha de Társis. Não há mais restrição alguma.
11Hij heeft zijn hand gestrekt naar de zee, En koninkrijken doen beven.
11Ele estendeu a sua mão sobre o mar. Ele sacudiu os reinos. O SENHOR ordenou a destruição das fortalezas de Canaã.
12Over Kanaän heeft Jahweh gelast, Zijn havens geheel te vernielen. Hij heeft u gezegd: Ge zult niet meer dartelen, Geschandvlekte maagd, Gij dochter van Sidon. Steek maar over naar de Kittieten, Ook daar vindt ge geen rust!
12Ele disse: “Você não se alegrará mais, ó oprimida virgem filha de Sidom. Levante-se, atravesse para Quitim. Mesmo lá você não terá descanso.”
13Zie, hier ligt uw land vernield, Geen mensen wonen er meer; Assjoer heeft er een woestenij van gemaakt, En er zijn torens gebouwd; Het heeft zijn burchten gesloopt, En in puinen gelegd.
13Eis a terra dos caldeus. Este povo não existia. Os assírios a fundaram para os que habitam no deserto. Eles ergueram as suas torres. Eles derrubaram os seus palácios. Eles a transformaram em ruínas.
14Jammert, schepen van Tarsjisj: Uw haven is weg!
14Uivem, navios de Társis, pois a sua fortaleza está destruída!
15Op die dag zal Tyrus in vergetelheid raken, Zeventig jaar, als de tijd van één koning. Maar op het eind van die zeventig jaar, Zal het Tyrus gaan naar het deernen-lied:
15Acontecerá naquele dia que Tiro será esquecida por setenta anos, de acordo com os dias de um rei. Após o fim dos setenta anos, acontecerá com Tiro como na canção da prostituta:
16Neem de lier op en ga door de stad, Verlopen meid; Speel maar mooi en zing maar goed, Dan wordt er nog aan je gedacht.
16“Pegue uma harpa; ande pela cidade, ó prostituta que foi esquecida. Faça uma doce melodia. Cante muitas canções, para que você seja lembrada.”
17Want op het eind van die zeventig jaar, Zal Jahweh Tyrus gedenken; Dan krijgt ze haar schandegeld terug, En zal met alle wereldrijken op aarde boeleren.
17Acontecerá após o fim dos setenta anos que o SENHOR visitará Tiro. Ela retornará ao seu salário, e se prostituirá com todos os reinos do mundo sobre a face da terra.
18Maar haar winst en haar loon worden Jahweh gewijd, Haar verdiensten niet opgespaard en gepot: Maar gegeven aan die voor Jahweh’s aangezicht wonen, Tot overvloedige spijs en prachtige kleding!
18A sua mercadoria e o seu salário serão consagrados ao SENHOR. Não serão entesourados nem guardados; pois a sua mercadoria será para aqueles que habitam diante do SENHOR, para comerem o suficiente, e para roupas duráveis.

Tip: use the ← and → keys to turn chapters.